Omgekeerde wereld: de weduwen van Vrindavan

Wilma van der Maten ,

Wat was jouw blikverruimende reiservaring? VPRO Buitenland ontving op deze oproep talloze mooie foto's en verhalen. Correspondent Wilma van der Maten ontmoette verstoten weduwen in Vrindavan, India.

Jarenlang beschouwde ik de bezoekjes aan de Indiase hindoetempels als een groot kleurenfeest. Er waren maar weinig filmpjes voor het NOS Journaal die ik maakte waarin geen shot van de kitschen godenbeelden, de bloemenweelde of een biddende hindoe met stip op het voorhoofd in zat. Dromend liep ik er in rond, genietend van de zoete geuren en de sprookjesachtige verhalen over de mensaap Hanuman, die de hele aardbol gemakkelijk op een hand kon dragen. Ik meende er toen nog de liefde voor de medemens te vinden. Op het tempelplein zag ik dikwijls rijke hindoes op hun verjaardagen bedelende armen trakteren.

De Ganges bij Vrindavan

Abrupt einde aan verliefdheid

Mijn bezoek aan de heilige tempels van de stad Vrindavan, aan eveneens de heilige rivier de Ganges, maakte abrupt een einde aan deze verliefdheid. De gebedshuizen bieden weliswaar opvang aan ruim 20.000 verstoten weduwes, maar de tempels zijn ook de plekken waar deze bejaarde vrouwen worden uitgebuit.

Het tempelbestuur van de stad dwingt de oude vrouwen als attractie voor toeristen te zingen. Voor acht uur bijna non-stop liederen vertolken krijgen ze nog geen twintig eurocent. Het is niet eens genoeg om er een maaltijd van te kopen waardoor ze tot zonsondergang worden gedwongen de rest van het geld bedelend bijeen te sprokkelen.

Ik wilde graag met de weduwen van Vrindavan in contact komen. Het kostte me verschillende middagen theedrinken met de coördinator van een van de opvanghuizen voordat de poorten opengingen. Binnen foto’s maken was verboden. Achteraf begrijp ik hun angst voor publiciteit als ik de film in mijn hoofd terugdraai. De directie van de opvangtehuizen buit de vrouwen ook uit.

Ik zie de oude vrouwen met grijs haar weer voor me. Sommigen zonder gebit. In aftandse kleding, wachtend op de cementen grond met een blikken bord in hun schoot. En de smachtende ogen. Ze krijgen er een maaltijd per dag. De rest moeten ze door te zingen en te bedelen er maar zien bij te verdienen. Van de regen in de drup zijn deze vrouwen gevallen. Ze hebben in ieder geval ’s nacht een droog bed. Een schrale troost. Voor de meeste weduwen is er niet eens een fatsoenlijke slaapplaats in deze Heilige Indiase stad.

(Lees verder onder foto's)

Bedelende weduwe

Opvanghuis voor weduwen

'Ze zong zachtjes om onze aandacht af te leiden'

Ik zie de 26-jarige Krishna nog voor me op de grond zitten. Een van de jongste weduwen in dit woonoord. Ze kreeg een schep waterige linzenpap op haar bord gekieperd door een van de matrones, zoals ik de koude, ruw optredende verzorgsters noem. Die keken zo agressief naar de vrouwen alsof zij hen ieder moment een klap met hun pollepel wilden geven. Krishna, niet haar echte naam, wilde niet te veel over haar verleden kwijt. Ze vertelde alleen dat haar man vorig jaar overleed. Haar schoonfamilie weigerde voor haar te zorgen. Ze wilde niet zeggen of ze kinderen heeft. Ze zong zachtjes om onze aandacht af te leiden.

De weduwes van Vrindavan hebben gedwongen afstand gedaan van hun verleden. De weg naar huis is voorgoed afgesneden. Hun verhalen blijven schokken. In India was het eeuwenlang de traditie dat vrouwen bij de crematie van hun man zichzelf bij hem op de brandstapel gooiden. Wat heb je aan een rouwende, arme en overbodige weduwe? Trouwen mag ze volgens de cultuur toch niet meer.

De regering heeft de crematie van deze levende weduwes verboden. Het was de familie in de meeste gevallen die de vrouw aanzette zich op het brandende lichaam van haar overleden man te storten. Sinds deze ‘zelfmoord’ niet meer mag worden de weduwes verstoten. Verschillende vrouwen trekken nu naar Vrindavan om zich bij hun lotgenoten te voegen. Door de hele dag in deze heilige stad te bidden hopen ze later als een beter persoon op aarde terug te keren.

Sommige van hen leven dus in dit bejaardentehuis waar we met hoge uitzondering zijn binnengekomen. Ik zie die compleet vergroeide vrouw van 84 nog voor me. Hoe ze zich als een hond op handen en voeten verplaatst. Ze kwam al weer dertig jaar geleden naar Vrindavan. Ze voelt zich ‘gelukkig’ om in dit woonoord te mogen leven. Haar kinderen gooiden haar letterlijk de deur uit toen haar man overleed. In al die jaren heeft ze met niemand, ook geen kleinkind, meer contact.

Ruzie met het tempelbestuur breekt uit als ik in een van de tempels die is volgestouwd met oude vrouwen een videofilm probeer te maken. In de bloedhitte zouden de bejaarden erin blijven. Hier ontmoet ik Lakshmi (75), ook al niet haar echte naam. Bij aankomst nemen de weduwen allemaal een naam van een Hindoegod aan. Krishna betekent de neerdaling van het hoogste goddelijke op aarde. Lakshmi is de Godin van de Rijkdom, de Schoonheid en de Harmonie.

(Lees verder onder de foto's)

Lakshmi

Lakshmi op haar bedelplek

Het hutje van Lakshmi

'Eigenlijk heeft ze helemaal niemand meer'

Maar van de uiterlijke schoonheid van de bejaarde Lakshmi is weinig over. Door de zon is haar gerimpelde huid bijna zwart geworden. Ze woont aan de Ganges. Voor haar is geen plek in een tempel of in het woonoord. Ze neemt me mee door de smalle straatjes langs de tempels tot we aankomen bij een houten hutje. Mijn maag knijpt zich samen. Moet ze daar als 75-jarige vrouw bij weer en wind in wonen?

Haar leefomstandigheden blijken nog erger te zijn. Ze pakt een plastic zeiltje dat ze neerlegt voor het krot. De bewoners verhuren haar ’s nachts dit plekje bij hen voor de deur. Binnenkomen mag ze niet. Ook niet als het regent. Op of onder het zeiltje slaapt ze, tot de zon opkomt dan gaat ze weer zingen in tempel tot ze genoeg geld verzameld heeft voor een maaltijd.

Op het zeiltje blijft ze even stil zitten. Ze staart voor zich uit en begint dan zachtjes te praten. Ooit trouwde ze met de liefde van haar leven. Ze kregen samen een mooi kind. Maar het werd ziek en stierf. Haar man kon de dood niet verwerken en overleed aan een gebroken hart. Haar kinderen gooiden Lakshmi op straat. Dan biggelen de tranen over haar wangen als ze vertelt iedere nacht met angst naar bed te gaan. Haar grootste zorg is ’s ochtends met verlamde benen wakker te worden. Ze weet: de dag waarop ze te oud is om te lopen nadert met rasse schreden. Wie zal er dan voor haar zorgen? Niet het tempelbestuur, niet de hindoe die uit plichtsbesef zijn verjaardag met de armen viert, niet de coördinator van het bejaardentehuis, niet de bewoners van het schuurtje, eigenlijk heeft ze helemaal niemand meer.

Over

Wilma van der Maten is freelance correspondent in Azië. Op dit moment werkt ze vanuit Jakarta, Indonesië. Ze werkt onder meer voor de NOS, de VPRO, het Parool en OneWorld. Volg haar op Twitter (search).

Wegens succes verlengd!

Wat was jouw blikverruimende reiservaring? Stuur je inzending uiterlijk 31 augustus naar buitenland@vpro.nl. Geselecteerde verhalen maken kans op een buitenlandprijzenpakket en publicatie in de VPRO Gids.