filmjaar 2016

Telefilm geen troostprijs

Pieter Kuijpers over telefilm De Ordening

Gerhard Busch ,

Van televisie naar bioscoop en weer terug. Voor regisseur Pieter Kuijpers (Van God Los) geen enkel probleem. Hij filmt immers altijd alsof hij een bioscoopfilm draait. 'Elk shot moet iets nieuws vertellen.'

Waarschijnlijk is aan Pieter Kuijpers (35 jaar) een groot dierenarts verloren gegaan. Gemiddeld eindcijfer op het gymnasium een acht, en toch drie keer uitgeloot voor de studie diergeneeskunde. Gelukkig maar, want zo kwam hij terecht bij televisie, waar hij onder meer afleveringen van Westenwind en Finals regisseerde. En maakte hij vorig jaar een overrompelend speelfilmdebuut met Van God Los, een on-Hollands spannende actiefilm die losjes was gebaseerd op de terreur van de Bende van Venlo.

Een maand voor de film aan de zegetocht door de Nederlandse bioscopen begon (ruim 300.000 bezoekers), werd Kuijpers gevraagd voor de regie van de telefilm De ordening. Hij accepteerde. 'Ik las het en het thema sprak me aan. Waar leef je mee: Met je hoofd of met je hart? Wel een heel andere film dan Van God Los, heel literair verteld, maar dat was juist een uitdaging.'

Kees van Beijnum schreef het script naar zijn eigen, gelijknamige roman over Stella, een jonge vrouw die langzaam in de greep komt van de weduwe De Heus Verolmen (gebaseerd op de extreem rechtse weduwe Rost van Tonningen).

'Het mooie aan het boek en aan de film is dat Stella in het heden meemaakt wat de weduwe in het verleden heeft meegemaakt. Grote vraag is of zij de aantrekkingskracht van het kwaad wel kan weerstaan. De film is overigens heel anders dan het boek, beperkt zich echt tot de kern. Veel moest worden weggegooid, maar de sfeer bleef bewaard. Ik wilde het thema - de schoonheid van het slechte - vangen in beelden en heb daarom heel fascistoïde gefilmd. Strakke kaders, strenge locaties. Neem de begraafplaats van De Heus Verolmen. Prachtig, maar zo fout als wat. Ik manipuleer ook de kleuren. De ogen worden steeds blauwer, de kleuren steeds killer.'

Net als Van God Los en twee projecten waar Kuijpers momenteel aan werkt (dramatiseringen van de gijzeling in de Rembrandt toren en de diamantroof bij Gassan Diamonds) is ook De ordening gebaseerd op de werkelijkheid. Want, zo zegt de regisseur, 'zoiets geeft legitimiteit aan de film. Het is niet zomaar verzonnen. Bij dingen die echt zijn gebeurd vraag ik me af waarom ze zijn gebeurd en daar geef ik dan mijn filmische visie op. Neem GoodFellas, Serpico, Dog Day Afternoon. Dat die zijn gebaseerd op ware gebeurtenissen maakt ze heftiger, aangrijpender. Het is voor mij belangrijk dat iemand als de weduwe bestaat. Ik kijk dan net even anders. Ga er serieuzer over nadenken.'

Dat de film het publieke beeld van de echte weduwe, Florrie Rost van Tonningen, zou kunnen beïnvloeden is voor Kuijpers geen bezwaar. 'Er bestaat geen werkelijkheid, alleen iemands perceptie van die werkelijkheid. Als je wilt begrijpen waarom iemand iets doet, zul je zíjn werkelijkheid moeten laten zien. Stel dat je het verhaal van Murat D wil vertellen. Dan is het niet voldoende om je tot de bekende feiten te beperken. Dan snap je er nog steeds geen bal van. Je zult in het hoofd van de jongen moeten duiken en dan pas voel je waarom het gebeurde.'

Weer werken voor televisie, na het succes van Van God Los, is voor Kuijpers geen probleem. 'Een telefilm is geen troostprijs. Mijn ambitie is om elk jaar een film te maken. Die kan je niet allemaal zelf van de grond tillen, dus af en toe zal ik ook een film maken die door een ander verzonnen is. De uitdaging voor mij was om het verhaal van Kees van Beijnum zo goed mogelijk te vertellen. En of ik dat voor televisie of bioscoop doe, maakt mij niet zo veel uit. Er zijn natuurlijk wel verschillen. Als ik van De ordening een bioscoopfilm had willen maken had ik het grootser aangepakt. Had ik verhaal verder doorgetrokken. Wellicht het personage van de weduwe verder uitgewerkt.

Voor de manier van werken maakt het niet zo veel uit. Ik film altijd op een filmische manier. Ik ga echt niet closer draaien, zoals je voor televisie zou moeten doen. Ik heb daar zelfs een enorme hekel aan. Een close-up moet iets vertellen. Er is een dramatische reden dat je inzoomt. Dat moet je dan ook spaarzaam gebruiken. Maar in de meeste tv-series schakelen ze van close-up naar close-up. Dat heeft dramatisch geen enkele functie meer.

Drama op tv zou net zo gemaakt worden als voor de bioscoop . Elk shot moet iets nieuws vertellen. Het lijkt wel of er sinds de komst van de videocamera maar wat aan geklooid wordt. Film kost geld, dus werd er vroeger over elk shot eerst goed nagedacht. Nu draaien ze maar raak. Het kost toch niets meer. Daar snap ik nou helemaal niets van.'