filmjaar 2016

De ballade van Fanny en Keats

Jane Campion over Bright Star

Gerhard Busch ,

Bright Star is een drama over de liefde van dichter John Keats voor zijn buurmeisje Fanny Brawne. Regisseur Jane Campion: ‘Ik vind alles aan Keats fantastisch.’

Cannes, mei 2009. Abbie Cornish en Ben Whishaw, hoofdrolspelers van het betoverende Bright Star, herinneren zich hoe belangrijk deze biografische film over dichter John Keats was voor regisseur Jane Campion.

Cornish: ‘Op de eerste dag van de repetities zei Jane tegen ons: “Dit is mijn baby, en ik overhandig hem aan jullie.” Dat was natuurlijk een zware druk, maar het werkte helemaal niet verlammend, want daaruit sprak ook het grote vertrouwen dat ze in ons stelde. In drie weken van repetities hebben we iedere dag over het personage gepraat. En zelfs nu, terwijl de film allang is afgerond, praten we nog over het personage.’

Whishaw: ‘Jane raadde mij aan om tijdens de opnamen iedere dag een brief of gedicht van Keats te lezen. Ze beschreef Keats’ gedichten als een soort gebed. Een manier om in contact te komen met de leegte in jezelf, een leegte die je kan vullen met inspiratie, spiritualiteit, of hoe je het ook wil noemen. Ik vond dat een prachtig idee. Keats schreef heel mooi over hoe je soms beter de bloem kan zijn dan de bij. Dat je soms beter passief kan zijn dan actief. Jane vroeg me of ik ook naar die plek in mijzelf kon gaan.’

Whishaw speelt in Bright Star de Engelse dichter John Keats, die in 1818 verliefd wordt op zijn buurmeisje Fanny Brawne (Cornish). Keats is inmiddels een van de meest gelezen dichters uit de romantiek, maar was op het moment dat hij Brawne ontmoette alleen onder een kleine schare fans en vrienden bekend. Hij verdiende geen geld met zijn gedichten en had een zwakke gezondheid (poëzieliefhebbers weten dat hij drie jaar later, in 1821, op 25- jarige leeftijd zal sterven aan tuberculose).

Campion toont hun gedoemde liefdesgeschiedenis niet door de ogen van Keats, maar door die van de 18-jarige Brawne. De inmiddels 55-jarige regisseur uit Nieuw-Zeeland legt uit waarom: ‘Ik vind alles aan Keats fantastisch, maar ik wilde geen biopic maken. Je weet wel, waar je begint bij Keats als baby en dan met reuzenstappen door zijn leven gaat. Een belangrijke reden was ook dat ik had gelezen dat Brawne na de dood van Keats nog drie jaar lang in rouwsluiers over de hei van Hampstead dwaalde. Die vrouw intrigeerde mij. Ik voelde enorm met haar mee. Daarom heb ik er zo vaak met Abby over gesproken. Ik wilde dat ze haar personage helemaal begreep, dat niets meer onduidelijk was. Omdat we door haar ogen kijken leren we , net als zij, Keats beetje bij beetje kennen. En niet alleen de man, ook zijn gedichten. Poëzie is voor velen van ons een ontoegankelijke kunstvorm, en ook Fanny is aan het begin van de film alleen maar bezig met mode en pulpromans. Ze verwerpt poëzie als onbegrijpelijk en waardeloos, omdat Keats er geen geld mee verdienent. Maar omdat ze verliefd op hem wordt vraagt ze zich af wat hij eigenlijk doet, wat hij wil zeggen met zijn gedichten. En dan probeert ze hem te begrijpen. Ik neem tenminste maar aan dat het zo bij haar gewerkt heeft, het is in ieder geval iets wat mij met Keats overkwam.’

Campion kwam voor het eerst serieus met Keats in aanraking door Andrew Motions Keats: A Biography (1998). ‘Maar mijn verhaal is geen perfecte weergave van wat er allemaal precies gebeurde. Ik heb sommige zaken expres weggelaten. Bijvoorbeeld dat Keats bijna ziekelijk jaloers was. Er zijn veel manieren om het verhaal van Keats en Fanny te vertellen, mijn versie is er maar een van, en zeker niet de definitieve . Ik probeer ook eigenlijk niet eens het verhaal te vertellen, het is meer een ballade. De ballade van Fanny en Keats.’

Campion is geen veelfilmer . Op haar erelijst prijken twee Gouden Palmen (voor een korte film en voor The Piano, 1993) en een Oscar voor beste scenario (ook The Piano), maar in de twintig jaar sinds haar filmdebuut Sweetie (1989), heeft ze in totaal slechts 7 films gemaakt. Toch ontdekte ze tijdens de voorbereidingen van Bright Star dat ook zij – net als Keats, die niet zonder zijn gedichten leven kan – een noodzaak tot filmen heeft. ‘Ik had een paar jaar vrijaf genomen om met mijn dochter te kunnen zijn. Om tot rust te komen ging ik kussenslopen borduren, maar na een paar jaar voelde ik toch weer de drang een film te maken. Ik heb deze gevoelens altijd ontkend tegenover mezelf en ook tegenover de buitenwereld. Toen ik begon had ik een heel gesloten imago. Ik dacht dat dat de bedoeling was! (schaterlacht ) Wat ik werkelijk voelde, liet ik wel in mijn films zien. Naarmate ik ouder wordt laat ik meer van mezelf zien. Te veel volgens mijn vrienden, want die zeggen dat ze precies kunnen zien wat er allemaal in mij omgaat. Het maakt me niet uit. Ik heb geleerd dat het geen zin heeft om je te verstoppen. Er valt namelijk niets te verstoppen. Ik ben een mens, net als alle anderen. Dat is alles.’

Campions nieuwe, minder krampachtige levensvisie vind je ook terug in Bright Star. Haar bekendste film, The Piano, is een film vol opgekropte woede en frustratie. Met name over de afhankelijke en kwetsbare positie van de vrouw in een mannenmaatschappij. Maar terwijl Campion in Bright Star de zelfde thematiek behandelt, kijkt ze deze keer – ruim 15 jaar later – heel anders tegen de zaken aan.

Keats is minstens zo kwetsbaar als Fanny, en waarschijnlijk nog meer het slachtoffer van de situatie dan de veel strijdbaardere Fanny. Daardoor verschuift de focus van de film en is Bright Star , in plaats van een feministisch statement over ‘onaangepaste’ vrouwen, een ode aan de liefde geworden. Een bijzonder sensuele liefde, die door Fanny en Keats op alle mogelijke manieren geconsumeerd wordt, behalve lichamelijk.

Bright Star gaat 15 oktober in première