nieuwe site?

Generatiekloof

Noah Baumbach over While We're Young

Rick de Gier ,

Komisch drama While We’re Young werpt een
satirische blik op de hipstercultuur. Maar de film gaat vooral over de pijn van het ouder worden, vertelt maker Noah Baumbach.

De Amerikaanse regisseur/scenarist Noah Baumbach voert graag personages op die maar niet volwassen willen worden – de studenten in Kicking and Screaming ( 1995), de egoïstische ouders in The Squid and the Whale (2005), de misantroop in Greenberg (2010), het kindmeisje in Frances Ha (2012). En nu is er het ingedutte stel uit While We’re Young: veertigers Josh (Ben Stiller) en Cornelia (Naomi Watts), die helemaal opleven wanneer ze bevriend raken met de twintig jaar jongere Jamie (Adam Driver) en Darby (Amanda Seyfried). Op den duur blijkt het leeftijdsverschil met deze hipsters echter toch groter dan gedacht.

Baumbach is zelf 45 jaar en heeft een relatie met de veertien jaar jongere actrice Greta Gerwig. Hij verwerkt wel vaker autobiografische elementen in zijn films; is die generatiekloof in While We’re Young op eigen ervaringen gebaseerd ? ‘Zo ben ik er niet op gekomen,’ vertelt de filmmaker tijdens een bezoek aan Amsterdam. ‘Ik wilde vooral een film maken over hoe het is om een veertiger te zijn en je opeens te realiseren dat je al best oud bent, dat er al een aanzienlijk deel van je leven voorbij is. Dat kan best even schrikken zijn. Om daar drama van te kunnen maken, lag het voor de hand om een veertiger in aanraking te laten komen met jongere mensen; dan wordt die leeftijd vanzelf geaccentueerd.’

Ik dacht dat de generatiekloof meer iets van vroeger was, maar deze film bewijst het tegendeel. Heeft u het gevoel dat de verschillen tussen twintigers en veertigers nu groter zijn dan toen u jong was?
‘ Nee, ten diepste niet. Daarom laat ik de film beginnen met een citaat uit het toneelstuk Bouwmeester Solness van Henrik Ibsen; dat is ruim een eeuw oud, maar behandelt precies diezelfde spanningen tussen jong en oud. Natuurlijk heeft elke tijd wel z’n unieke splijtzwammen, en momenteel is de techniek zoiets. Je ziet dat twintigers van nu heel natuurlijk met dingen als internet om kunnen gaan, omdat ze ermee zijn opgegroeid, terwijl mijn leeftijdgenoten vrijwel allemaal verslaafd zijn aan hun iPhones. Dat vind ik best zorgwekkend.’

Zulke observaties worden in de film humoristisch gebracht, maar ook scherp. Als Ben Stillers personage Josh bijvoorbeeld merkt dat de hipsters lang niet zo oprecht en origineel zijn als ze zich voordoen, windt hij zich daar enorm over op.
‘Ja, en ik vind zijn kritiek ook wel terecht, maar het is niet zo dat ik Josh heb opgevoerd om mijn eigen ideeën te ventileren. De thema’s waar de personages over discussiëren – authenticiteit, privacy, auteurschap – interesseren mij, maar ze vormen niet het hart van de film. Uiteindelijk gaat het verhaal vooral over relaties en gevoelens. Achter de intellectuele, morele houding van Josh schuilt persoonlijke pijn. Hij had hoge verwachtingen van zijn nieuwe vrienden en die stellen hem teleur.’



Identificeert u zich wel het meest met Stillers personage?

‘Niet per se. Ik deel natuurlijk zijn leeftijd, maar als ik een scenario schrijf probeer ik me in alle personages in te leven, en onderwerpen van alle kanten te belichten. Ik vond het belangrijk dat dit geen chagrijnige-oude-mannenfilm zou worden. Het jonge stel vind ik op veel vlakken volwassener dan de veertigers. Jamie gaat bijvoorbeeld veel gezonder met zijn ambitie om dan Josh.’

Bovendien worden beide generaties even satirisch belicht. Zo wordt er komisch ingezoomd op de bijna fetisjistische baby-cultuur onder de vrienden van Josh en Cornelia. Kent u dat van dichtbij?
‘Ja, ik heb een zoon en ben absoluut zo’n ouder geweest die anderen lastigvalt met foto’s en banale anekdotes. Maar ik heb ook aan de andere kant gestaan; ik weet hoe lastig het kan zijn om mee te gaan in het enthousiasme van andere ouders, helemaal als je zelf geen kinderen hebt. Ik vond het leuk om die zoete babycultuur in de film te verwerken, omdat die voor mijn gevoel wel raakvlakken heeft met de cultuur van de twintigers. De film opent met een speeldoosversie van “Golden Years” van David Bowie op de soundtrack – een geweldig nummer, maar hier ontdaan van z’n scherpe randjes en betekenis, zodat iedereen ervan kan genieten. Zoiets doen Jamie en Darby ook: ze eigenen zich dingen toe waar ze geen persoonlijke band mee hebben en maken er dan iets plats van.’

De kluchtigste scène in de film is die waarin de hoofdpersonen meedoen aan een vaag reinigingsritueel waarbij ze gaan trippen en kotsen. Kennelijk is dat in bepaalde kringen een trend. Wanneer kwam u voor het eerst met zoiets in aanraking?
‘Het is grappig, toen ik die scène schreef, inmiddels een paar jaar geleden, wist ik alleen dat zulke bijeenkomsten wel eens in Los Angeles plaatsvonden. Deze film speelt zich af in New York, maar omdat ik het komisch vond, dacht ik: ik doe gewoon net alsof het ook in Brooklyn gebeurt. Toen we eenmaal gingen filmen, was dat inderdaad het geval – ik kon met sjamanen spreken en figuranten inhuren die bij zulke sessies waren geweest; het was intussen helemaal ingeburgerd.’

Was u niet bang dat die scène uit de toon zou vallen bij de subtielere humor in de rest van de film?
‘Wat ik leuk vond aan die scène is dat hij enerzijds behoorlijk melig is, en goor, maar anderzijds ook bijdraagt aan de verhaalontwikkeling. De personages hopen met dat ritueel dichter bij zichzelf te komen en authentiekere mensen te worden, en in zekere zin gebeurt dat ook. Ik dacht: het is makkelijk om zo’n ritueel belachelijk te maken – en dat hebben we ook met plezier gedaan – maar waarom zou het niet echt kunnen werken?’