I Am Not Your Negro: het verhaal van Amerika

Interview met regisseur Raoul Peck

, Gerhard Busch

De documentaire I Am Not Your Negro – over schrijver James Baldwin – heeft veel losgemaakt in Amerika. Dat was ook de bedoeling van regisseur Raoul Peck: 'Je kan deze film niet zien en daarna nog zeggen dat je van niets wist.'

Schrijver James Baldwin (met zonnebril) op archiefbeeld

‘Ik heb besloten dat ik niet langer aan andere mensen ga uitleggen dat ik ook een mens ben. Daar heb ik de tijd en ook het geduld niet meer voor.’ Aan het woord is de in Haïti geboren regisseur Raoul Peck (1953), die begin mei in Nederland is ter promotie van zijn indrukwekkende documentaire I Am Not Your Negro.

Peck is zwart. Net als het onderwerp van zijn documentaire, schrijver James Baldwin. Baldwin overleed alweer in 1987, maar de scherpe en confronterende stellingen die hij tijdens zijn leven innam over de rol van de zwarte én witte mens in Amerika zijn nog steeds actueel.

In de film zegt Baldwin dat hij zich afvraagt hoe hij aan de ‘onwetende, onnadenkende en wrede witte meerderheid’ kan uitleggen dat hij er ook is. Is uw documentaire een poging om juist dat uit te leggen?
Peck: ‘O zeker. En ik heb gezien dat het werkt. Dat mensen me na het zien van de film vertellen dat hun leven veranderd is. Dat ze nog nooit zo naar de wereld hadden gekeken.’

‘Mijn belangrijkste doel was dat Baldwin niet vergeten zou worden. Daarnaast hoopte ik natuurlijk ook dat mensen naar zijn woorden zouden luisteren.'

Raoul Peck

Is er in de dertig jaar na Baldwins dood veel veranderd?
‘Sommigen zullen zeggen van wel. Je hebt tegenwoordig zwarte miljonairs, zwarte miljardairs zelfs. Maar kijk naar de cijfers. Over de achterstand van zwarten met betrekking tot onderwijs en gezondheid, of kijk naar hun oververtegenwoordiging in de gevangenissen. Dan zie je dat er niets veranderd is. Het is alleen maar erger geworden.

Baldwin zei: “Het verhaal van de neger in Amerika is het verhaal van Amerika.” Waarmee hij bedoelt dat hij niet zwart is, maar Amerikaan. Baldwin wilde het spelletje niet meespelen. Jullie bepalen niet wie ik ben, zei hij, dat bepaal ik zelf. Ik ben nog in aanbouw. Ik kan alles worden wat ik wil. Maar dat was in de jaren vijftig natuurlijk helemaal niet mogelijk in Amerika. Daarom is hij ook naar Europa vertrokken. Omdat hij in Amerika iedere dag met zijn huidskleur werd geconfronteerd. Dat maakte hem boos. Maar je kan niet iedere dag boos zijn. Want als je iedere dag boos bent kan je niet denken.’

Dat lijkt op iets wat ik las in een van uw interviews. U vertelde daarin dat u als u op een lift afstapt en ziet dat er alleen een witte vrouw in staat, die u vervolgens aankijkt met ‘a hint of a question’, dat u dan wacht op de volgende lift…
‘Kijk, ik denk ’s ochtends als ik opsta niet: hé, ik ben zwart. Ik denk aan het boek dat ik aan het lezen ben, of de film die ik wil gaan maken. Maar zodra ik naar buiten ga en iemand reageert op een bepaalde manier op me, en dat hoeft niet eens negatief te zijn, dan herinnert hij mij eraan dat ik zwart ben. Alles wat die ander in zijn leven over zwarten heeft gehoord, of wat ie zelf heeft meegemaakt, wordt dan op mij geprojecteerd. Terwijl ik daar niets mee te maken heb.’

In het liftverhaal gaat u de confrontatie uit de weg…
‘Omdat het een kwestie is van hoe ik met mijn energie omga. Ik wil 99 procent van mijn energie stoppen in mijn werk, in mijn creativiteit. Ik wil geen tijd hoeven besteden aan domheid, onwetendheid of achteloosheid. Stel je eens voor hoe vernederend het is dat je de hele tijd voor de ander moet denken. Dat kost ruimte in je hoofd. Maar je leert er mee omgaan. Net zoals vrouwen leren omgaan met haantjesgedrag. Iedere dag weer. Als je een man bent, of erger nog, een witte man, heb je de macht en valt zoiets je meestal niet eens op. Maar dat neemt niet weg dat je er in zekere zin toch medeplichtig aan bent. Baldwin schreef daar veertig, vijftig jaar geleden al heel wijze woorden over, maar als je die woorden nu hoort is het alsof hij ze gisteren heeft geschreven.’

Still uit I Am Not Your Negro

U legt die link met het nu ook door over Baldwins woorden beelden van de #BlackLivesMatter-demonstraties te leggen, of van de vermoorde jongens Trayvon Martin en Michael Brown…
‘Om te benadrukken dat er niets veranderd is.’

Maar heeft u het idee dat die onwetende, wrede witte meerderheid nu toch ietsje beter luistert?
‘Mijn belangrijkste doel was dat Baldwin niet vergeten zou worden. Daarnaast hoopte ik natuurlijk ook dat mensen naar zijn woorden zouden luisteren. Dat hij de ogen van mensen zou openen, zoals hij ooit mijn ogen opende. Want je kan deze film niet zien en daarna nog zeggen dat je van niets wist. Dat effect heeft de documentaire ook gehad op beroemde recensenten. De stukken van de The New York Times, The Los Angeles Times en The Washington Post waren geen recensies meer, dat waren biechten. En vooral die in Variety. Normaal krijg je in Variety een recensie een dag nadat je film op een festival in première is gegaan. Nu duurde die recensie drie weken. Toen ik hem las begreep ik waarom. De recensent had besloten eerst Baldwin te gaan lezen. Omdat deze documentaire voor hem veel meer was dan zomaar een film. Hij schreef in Variety een heel mooie tekst waarin hij onder meer vraagtekens plaatste bij de positie van witte recensenten in Hollywood. Ik heb zoiets nog nooit eerder meegemaakt. Dat is wat Baldwin met mensen doet.’