Co met camera

, Tekst Elja Looijenstijn - Foto Sanne Zurné

Student geneeskunde Sarah van der Lely werd plots documentairemaker toen het ziekenhuis waar ze coschappen liep failliet ging.

‘Nou, we zijn failliet,’ zei de doktersassistente achter de patiëntenbalie van de polikliniek interne geneeskunde. Sarah van der Lely (24) keek haar beduusd aan. Ze was net anderhalve week bezig met haar coschap in het Slotervaartziekenhuis. Een absurde situatie, maar Van der Lely viel in zekere zin ook met haar neus in de boter. Ze liep namelijk al een tijdje rond met het idee om een documentaire te maken over marktwerking in de zorg. Ineens zat ze midden in de gevolgen ervan. Met de camera die haar vader kort daarvoor voor zijn verjaardag had gekregen, begon ze te filmen. Zondag is het resultaat te zien in VPRO Tegenlicht.  

‘Het faillissement was heel onwerkelijk,’ vertelt de Amsterdamse. ‘We wisten natuurlijk wel dat het slecht ging met het ziekenhuis, maar dat was wel vaker zo geweest. Ineens was er uitstel van betaling aangevraagd. Operaties werden afgezegd, patiënten overgeplaatst. Medewerkers haalden hun persoonlijke spullen weg en artsen namen hun stethoscoop mee naar huis omdat het anders onderdeel van de boedel werd. Er was veel onzekerheid, maar wat ik bijzonder vond: het personeel bleef vechten voor het ziekenhuis.’

‘Op papier is er overcapaciteit aan bedden in Amsterdam, maar er worden dagelijks patiënten heen en weer gereden tussen ziekenhuizen’

Sarah van der Lely

Gemoedelijk

Sinds Van der Lely op haar vijftiende het idee opvatte om dokter te worden, ging ze recht op haar doel af. ‘Als arts doe je iets wezenlijks, je draagt echt iets bij.’ Ze studeerde zich te pletter om gemiddeld een 8 op haar eindexamen te halen, zodat ze niet hoefde te loten om de studie geneeskunde binnen te komen. ‘Ik vond de theorie van de opleiding heel leuk, net als de praktijk in de coschappen. Het is soms zwaar, maar je ziet zo veel en ontmoet mensen die je anders nooit zou hebben leren kennen. Omdat ze bij je komen met een probleem ontstaat meteen een heel open gesprek.’ 

De vijfdejaarsstudent loopt als coassistent elke paar weken in een andere zorginstelling mee om ervaring op te doen. Het Slotervaart stond bekend om zijn goede sfeer, vertelt ze. ‘Zowel het personeel als de patiënten hadden echt een band met het ziekenhuis. Als je binnenkwam, was het alsof je de jaren zeventig binnenliep – althans hoe ik me de jaren zeventig voorstel. Een verouderd gebouw, maar het was heel gemoedelijk. Veel mensen werkten er al tien, twintig, soms wel dertig jaar. Als coassistent word je niet overal even goed behandeld, maar in het Slotervaart was iedereen heel behulpzaam en het was gezellig.’

Zorgstelsel

Naast de bevestiging dat ze met geneeskunde een goede studiekeus had gemaakt, was Van der Lely tijdens haar studie nog iets anders opgevallen: de verschillen tussen theorie en praktijk van het in 2006 ingevoerde Nederlandse zorgstelsel. Hierin heeft elke Nederlander verplicht een basisverzekering en kan hij kiezen uit verschillende, elkaar beconcurrerende zorgverzekeraars en zorgaanbieders. Burgers betalen hun verzekeraar, en de verzekeraars maken weer prijsafspraken met de zorginstellingen. Als gevolg van deze marktwerking zouden de wachtlijsten en bureaucratie minder moeten zijn, en de zorg beter. 

Maar Van der Lely hoorde in de ziekenhuizen waar ze opgeleid werd andere verhalen. ‘Theorie en praktijk klopten niet altijd met elkaar. Zo is er op papier overcapaciteit aan bedden in Amsterdam, maar ondertussen worden er dagelijks patiënten heen en weer gereden tussen ziekenhuizen omdat er geen plek is.’ Ze wilde hier meer over weten en vermoedde dat haar zoektocht voor meer mensen interessant kon zijn. Via via kwam ze terecht bij documentairemaker Jos de Putter. ‘Maar het idee dat ik toen had, leek meer op een artikel dan een documentaireplan.’ 

Tot ineens de boot aan was in het Slotervaartziekenhuis. ‘Ik mailde Jos: het is nu wel heel relevant geworden. Hij moedigde me aan om te filmen wat ik meemaakte, dus ik ben artsen, collega’s en patiënten om me heen gaan interviewen. Dat had ik nog nooit gedaan, en een interview bleek iets anders dan een anamnese met een patiënt. Maar ik ging op mijn gevoel af en vroeg wat ik zelf graag wilde weten. Iedereen was ontdaan en wilde graag zijn verhaal kwijt.’

Hangsloten

Van der Lely filmde de lege gangen, hangsloten op de deuren, bijeenkomsten van boze medewerkers en ontredderde patiënten. ‘Ik wilde weten hoe het zo ver had kunnen komen, en ook of de situatie in het Slotervaart een logisch gevolg was van marktwerking in de zorg, of een incident.’ Om die vraag te beantwoorden interviewde ze nog drie deskundigen. Journalist Jeroen Wester schreef samen met collega Bas Soetenhorst een boek over de privatisering van het Slotervaartziekenhuis en de gevolgen daarvan. 

Marcel Levi was bestuursvoorzitter van het amc en werkt nu in Londen als ceo van het University College London Hospitals. En Peter Huijgens is voorzitter van het Integraal Kankercentrum Nederland. Gedrieën laten ze maar weinig heel van het huidige zorgstelsel. Van der Lely concludeert: ‘Het lijkt geen goed idee om een ziekenhuis als bedrijf te beschouwen. Ik denk dat het grootste deel van de mensen die in de zorg werken, vindt dat het op deze manier niet goed geregeld is. Het lijkt me goed om te bekijken wat er beter kan, en daar vooral mensen uit de zorg bij te betrekken.’ 

De gelegenheidsdocumentairemaker is ondertussen nog steeds bezig met haar coschappen. Over ruim een jaar is ze klaar met haar studie. Wordt ze dan nog wel arts, of heeft ze nu de smaak te pakken en gaat ze meer films maken? ‘Dit is heel bijzonder om mee te maken, maar ik wil wel echt dokter worden,’ zegt ze. ‘Het liefst kinderarts, want dat is heel breed. Je mag je overal druk om maken, dat ligt me wel.’