dutch design van de technische universiteit
Hoe kan Industrial Design jouw wereld veranderen?
11596 resultaten
Hoe kan Industrial Design jouw wereld veranderen?
Kun je als Congolese choreograaf eigenlijk wel een stuk maken dat níet over Congo gaat? Nou nee, vindt Djino Alolo Sabin. ‘Alles gaat altijd over Congo.'
De piki piki is dé perfecte metafoor voor zijn vaderland, dat al jaren even muurvast zit als de gestrande truck, als gevolg van geweld, corruptie en zelfverrijking van opeenvolgende regimes. Het koloniale België, de regimes van Mobutu, Laurent Kabila en diens zoon Joseph, en tegenwoordig Tshisekedi – het is allemaal één pot nat. ‘Wie er ook aan de macht is, je blijft arm, onveilig en werkeloos.’
Het persoonlijke kán dus niet anders dan politiek zijn. Eigenlijk, zegt de danser en choreograaf, kun je in Congo überhaupt niet over ‘het persoonlijke’ spreken. ‘Alles gaat altijd over Congo.’
Als danser was Djino Alolo Sabin (Kisangani, 1992) al een ‘volleerd autodidact’ toen zijn landgenoot Faustin Linyekula hem uitnodigde voor een vijfjarige opleiding in zijn instituut Studios Kabako.
De toen 16-jarige street dancer kreeg er les van diverse toonaangevende Afrikaanse choreografen.
In Senegal volgde hij een stage aan de École des Sables van Germaine Acogny, de ‘moeder van de Afrikaanse moderne dans’. Daar werd hij opgemerkt door gastchoreograaf Olivier Dubois, die hem uitnodigde voor de Europese tournee van Souls. Nadien volgden engagementen bij gerenommeerde Europese choreografen als Maguy Marin en Boris Charmatz. Piki Piki is zijn tweede choreografie.
Voor violist Gidon Kremer is Chronicle of the Current Events een van de belangrijkste producties in zijn carrière. Een ode aan componist Moise Weinberg – en de vrijheid.
Hij noemt zich open-minded en inderdaad is violist Gidon Kremer niet voor een gat te vangen. Niet alleen speelde hij een stoet componisten uit Rusland en de voormalige Sovjet-Unie, maar ook uiteenlopend werk van Astor Piazzolla, Luigi Nono, Philip Glass en Toru Takemitsu. Met Chronicle of the Current Events, een theatraal concert rond één componist in combinatie met video slaat Kremer (72) weer een nieuwe weg in. Er is een bijzondere aanleiding voor: de 100ste geboortedag van de Russische componist Mieczysław ‘Moise’ Weinberg, volgens zijn vriend en vertrouweling Dimitri Sjostakovitsj een van de vooraanstaandste componisten van zijn tijd. Dit jaar brengt hij drie albums uit met muziek van deze componist.
De titel Chronicle of the Current Events verwijst naar een tijdschrift uit de Sovjettijd dat onverbloemd het echte leven beschreef in de Sovjettijd.
Artistieke vrijheid en de angst voor het verlies daarvan is als thema impliciet verweven met de voorstelling. Maar ook met de levens van Weinberg, Kremer en vele andere componisten en kunstenaars met hen.
Kyrill Serebrennikov treedt op als curator van ‘Chronicle’ en is verantwoordelijk voor het videodecor. Het huisarrest van regisseur Serebrennikov is opgeheven. Maar het is niet het einde van het dossier, zegt Kremer.
Acht overlevenden van een vliegtuigramp stranden op een minuscuul eilandje – en dan? Tot elkaar de hersens inslaan komt het niet. Liever zoekt de Franse theatermaker Philippe Quesne de lichtheid van het bestaan.
Terwijl het publiek zicht nestelt in hun stoelen start op schermen boven het toneel een video waarin we de acht in het vliegtuig zien zitten. Het gepruts met kinderbestek, allemaal een drankje, allemaal ook ingesnoerd in de stoel – de beklemming van zo’n vliegreis slaat over op de zaal en ook wij voelen ons schouder aan schouder zittend even sardientje. En dan: noodweer. De schermen gaan uit en in de zaal ontrolt zich met veel drama, rook en harde knallen een mini-Spielbergfilm. En dan komt de crash. Als de rook optrekt, zien we een verlaten eilandje omringd door water, dat af en toe langzaam ronddraait. Uit het wrak kruipen verfomfaaid de overlevenden, om hen heen ontplofte rolkoffers. Daar ligt het moderne leven, aan gruzelementen.
Het decor is het centre piece in al zijn werk. Philippe Quesne: ‘Het eiland is de eigenlijke hoofdpersoon én de held van Crash Park. De natuur is belangrijk. Zelfs als die helemaal bestaat uit karton en papier. Zoals ook Fellini en Tati, die ik zeer bewonder, het reële mengen met de fantasie. Er zit veel Tati in mij. Ik gebruik dezelfde losse vorm en ook bij mij gaat het niet over goed en slecht.’
Zoals een kameleon van kleur verschiet, zo transformeert het eiland: strandtent, bacchanaal, Love Boat, de pruikentijd en het Slavenkoor, het komt allemaal voorbij in vaak hilarische scènes, geraffineerd uitgevoerd. In een tijd waarin engagement, soms al te nadrukkelijk, terug is van weggeweest in het theater slaat Quesne af, en zoekt de lichtheid. Hij schept lucht, voor een wereld met ademnood.
Techniek alleen maakt de opera niet toekomstbestendig, zegt componist Michel van der Aa. In Eight, een interactieve minivoorstelling, versmelt hij muziektheater met beeldende kunst en virtual reality.
Speculeer eens over de toekomst van opera, luidde de vraag. Volgens sommigen is dat een comateuze kunstvorm die wel een oppepper kan gebruiken. En laat Michel van der Aa (49), componist en regisseur, nou net een meester zijn in innovatief muziektheater. Hij versneed opera met film, mengde video met live performance, koppelde ouderwetse noten aan digitaal geluid.
Na de première in Londen van zijn doorbraakstuk, de 3d-filmopera Sunken Garden (2013), prees de mondiale muziekpers hem de hemel in.
Van der Aa presenteert op het Holland Festival een gloednieuw genre. 'Eight' heet de interactieve voorstelling waarin hij muziektheater versmelt met beeldende kunst en virtual reality, oftewel vr. Opmerkelijk: de voorstelling duurt één kwartier en laat per keer één bezoeker toe. Die gaat met koptelefoon en vr-bril op aan de wandel door oneindigheid.
In zijn versie van Stockhausens WELT-PARLAMENT plaatst Darren Cunningham (alias Actress) de politici niet boven in een wolkenkrabber, maar in de cloud. Met een pianist als stenograaf.
Darren Cunningham staat bekend als een van de meest avontuurlijke en weerbarstige elektronica-producers van deze tijd. Een eenling is hij, ‘geen makkelijk persoon om mee te werken,’ geeft hij toe. ‘Meestal steek ik in mijn studio een joint op en begin gewoon te werken.’ Hij maakte de afgelopen jaren een aantal bijzondere albums, die uit de house- en technocultuur voortkomen, maar niet per se bedoeld zijn om op te dansen. Cunningham, die opgroeide in Wolverhampton, kwam tijdens zijn muzikale opleiding al in aanraking met Stockhausen, vermaard als een van de grondleggers van de elektronische muziek. Zijn invloed op de Krautrockscene rond Kraftwerk in de jaren zeventig was groot. En ook op Cunningham maakte zijn werk diepe indruk. ‘Voor mij was het een openbaring. Hij liet me de oneindige mogelijkheden van muziek zien.'
MITTWOCH
WELT-PARLAMENT is onderdeel van de operareeks LICHT, waaraan Stockhausen tussen 1977 en 2003 werkte en waarvan het Holland Festival nu een driedaagse compilatie – aus LICHT– presenteert.
Voor Cunningham ligt de uitdaging in de muzikale hoek. De nieuwe productie van de geluidskunstenaar kwam deels met behulp van kunstmatige intelligentie tot stand. ‘Maar tijdens het concert wordt het stuk uitgevoerd door pianist Vanessa Benelli Mosell,’ aldus Cunningham.
Nog nooit vertoond: vijftien uur Stockhausen in een sluitende samenhang. De kosmos is het onderwerp, doorspekt met flarden autobiografie. De boodschap? ‘Liefde en leren.’
Verpletterend is het geraas waarmee Luzifer toeslaat, de aartsdemon in Stockhausens zevendaagse operacyclus LICHT, in de oorlogsepisode INVASION-EXPLOSION. Gecomponeerd in 1991 voor trombonisten, trompettisten en elektronische klanksporen, en in duizelingwekkende geluidroutes door de ruimte gestuurd via acht rond het publiek opgestelde luidsprekertorens. ‘Stockhausen zag als jongen de schoonheid van vernietiging,’ zegt oud-slagwerker Renee Jonker, die met Stockhausen heeft samengewerkt in diens levenslange zoektocht naar nieuwe klank, en vaak bij hem in Kürten op bezoek was. ‘Hij besefte dat de vernietigers van Keulen ook zijn bevrijders waren.’
Inmiddels is Jonker ‘curator’, een ander woord voor kenner, regelaar en vraagbaak, bij de monsterproductie aus LICHT van het Holland Festival (HF), de Nationale Opera (DNO), het Koninklijk Conservatorium Den Haag en de Stockhausen-Stiftung uit Kürten. Gezamenlijk presenteren ze een driedaagse samenvatting van Stockhausens LICHT, DIE SIEBEN TAGE DER WOCHE.
Nog nooit vertoond: vijftien uur Stockhausen in een sluitende samenhang, onder regie van de voormalige DNO- en Holland Festivalleider Pierre Audi. Stockhausen zelf heeft alleen losse LICHT-opera’s opgevoerd zien worden – voor hij in 2007 aan een hartstilstand stierf. En dat terwijl hij er toch een kwarteeuw aan heeft geschreven en gecomponeerd, in de overtuiging dat het licht dat ons allen omringt het zuiverste bewijs is van het bestaan van een goddelijke instantie, en dat dit het best te vieren valt met 29 uur totaaltheater, voorzien van elektronica.
Onderwerp: de kosmos. Met de aarde en haar wolkenluchten erbij. En niet te vergeten de lijdende mensheid, op weg naar een toekomst als nieuwe, muzikaal veredelde soort – maar vooralsnog een speelbal tussen licht en duisternis.
Persoonlijk, politiek geëngageerd en doortrokken van een humanistisch wereldbeeld is het werk van zowel Faustin Linyekula als William Kentridge, de twee associate artists van het Holland Festival 2019.
Zo verschillend als ze zijn, zo eenvoudig dringen zich ook de overeenkomsten op tussen de zwarte danser uit Kisangani en de blanke beeldend kunstenaar uit Johannesburg, die niet alleen eigen werk tonen in het festival, maar ook dat van verwante kunstenaars en protegés. Dankzij hen draagt dit Holland Festival een nadrukkelijk Afrikaans stempel.
Frascati zal tijdens het Holland Festival twee weken lang het ‘huis’ van Kentridge en Linyekula zijn.
Met zangeres Hlengiwe Lushaba maakte Linyekula Not Another Diva..., de voorstelling – over een diva zonder glitter en glamour – wordt gespeeld in het Muziekgebouw (9 juni) en in het Cultureel Educatief Centrum in de Bijlmer (7 juni).
Linyekula kreeg in 2007 de Grote Prijs van het Prins Claus Fonds.
William Kentridge (Johannesburg, 1955) wordt over de hele wereld gevraagd als beeldend kunstenaar, tentoonstellingsmaker en (opera-)regisseur, toch ziet hij zichzelf op de eerste plaats als tekenaar. De tekeningen, meestal zwart-wit, komen tot leven in animatiefilms of krijgen een plek in een theatrale setting als projectie of rekwisiet.
Zijn Afrikaanse achtergrond, de geschiedenis van apartheid en het kolonialisme, zijn terugkerende thema’s. Een meer dan gemiddelde belangstelling voor en verwantschap met de Europese interbellumkunst is een ander kenmerk.
De openingsvoorstelling van het Holland Festival 2019 is The Head & The Load, een interdisciplinair spektakel van William Kentridge over de veronachtzaamde rol van Afrikanen in de Eerste Wereldoorlog
In een afgewogen mix van rap, dans en muziek gooit Abd Al Malik, zelf opgegroeid als kansloze jongere in de banlieue, zijn gedachten de wereld in. Over zwart zijn in het Frankrijk van nu.
Gerapt, gezongen en het soms uitschreeuwend, geeft de Franse rapper Abd Al Malik (44) in zijn meeslepende voorstelling Le Jeune Noir à l’épée (Jonge zwarte met zwaard) commentaar op het gelijknamige, beroemde schilderij van Pierre Puvis de Chavannes uit 1849 – een jaar na de afschaffing van de Franse slavernij.
De choreografie van Salia Sanou mengt geschoolde dans met streetdance – capoeira, breakdance, battles, freezes.
Voor het eerst staan in een Frans museum de anonieme zwarte knecht, de dienstmeid en andere door kunsthistorici genegeerde zwarte bijfiguren centraal. Daarvoor moest het wel 2019 worden.
De directe aanleiding was een reeks moorden op jonge vrouwen. In Paisajes para no colorear laat regisseur Marco Layera pubermeisjes hun eigen verhaal vertellen. Een onomwonden schreeuw om vrouwenbevrijding.
Paisajes para no colorear. Een voorstelling die afgelopen augustus in Santiago in Chili in première ging en verder alleen in Brazilië te zien was.
Letterlijk vertaald betekent de titel ‘niet in te kleuren landschappen’; bedoeld wordt iets als onbeschreven bladen. Layera belicht de noodzaak van de vrijheid voor ieder individu om het bestaan zelf te mogen inkleuren.
Chili mag dan relatief welvarend en stabiel zijn, op het gebied van vrouwenrechten is er nog een hoop te winnen. De vorige president – een vrouwelijke, de eerste, Michelle Bachelet – kreeg er met veel moeite een aangepaste abortuswet door. Het absolute verbod op abortus, dat gold tijdens het regime van Augusto Pinochet, veranderde in toestemming onder een paar bijzondere omstandigheden. Verder kreeg zij het voor elkaar dat meisjes vanaf veertien aan anticonceptie kunnen komen; ook revolutionair, gezien de dominantie positie van de katholieke kerk in Zuid-Amerika.
Vier dansers en vijf acteurs delen de vloer in Roughhouse, een crossover-voorstelling van de in Duitsland werkzame Amerikaanse choreograaf Richard Siegal. Eenduidigheid is ver te zoeken in Roughhouse (letterlijk: ravotten), een voorstelling waarin veel tegelijkertijd gebeurt. Slapstick én een flard Oresteia plus een foto van een werk van Gordon Matta-Clark aan de wand. Richard Siegal beaamt het onmiddellijk: ‘There’s so much information.’ De huidige mediamaatschappij – gebrekkige informatieoverdracht – is het onderwerp. Daaronder borrelen ras- en genderissues, thema’s als Me Too, nepnieuws, politieke correctheid en de fascinatie voor geweld.
Een potje rouwdouwen dus. ‘Een stoeipartij is in feite een speelse manier om kennis te maken met agressie, macht en onderdanigheid,’ zegt hij. ‘Ik zie het als een socialisatieproces: je leert je eigen grenzen kennen en die van een ander. '
Roughhouse is Siegals eerste theatertekst. Hoe kwam hij op het idee? ‘Ik las Leaving the Atocha Station van Ben Lerner. De leukste passages vond ik die waarin het over taalmisverstanden gaat. Hij is voortdurend bezig te doorgronden wat anderen bedoelen en wat er van hem wordt verwacht. Dat was zeer herkenbaar voor mij. Ik heb ook in Spanje en in Frankrijk gewoond. De taal blijft een barrière.
De kersentuin, Tsjechovs laatste en misschien wel meest geliefde toneelstuk. ‘Ik houd zeer van de tragikomische sensibiliteit in dit stuk,’ vertelt McBurney. ‘Die is niet alleen Tsjechoviaans, je vindt het over de hele linie terug in de Russische literatuur. De kersentuin ken ik als tekst, maar in het theater heb ik nog nooit een overtuigende productie gezien.
De kersentuin gaat over verarmde grondgrootbezitters die wegens geldgebrek gedwongen zijn hun landgoed en hun zo geliefde kersentuin te verkopen aan uitgerekend een voormalige lijfeigene, nu een man in bonis – de tijden zijn veranderd.
De kersentuin toont de pijnlijke ondergang van mensen die leven in de illusie van het verleden. Die het gevaar wel zien aankomen, maar niet bij machte zijn er iets tegen te doen.
Onder invloed van associate artist Faustin Linyekula kent de dansprogrammering dit jaar opmerkelijk weinig usual suspects. Het zijn doorgaans witte en westerse dansers en choreografen die de dienst uitmaken – de laatste tien jaar bijvoorbeeld William Forsythe, Anne Teresa De Keersmaeker (ook dit jaar present), Pina Bausch, Alain Platel, Boris Charmatz en, vaste gast, Het Nationale Ballet.
Deze editie is dat anders. De bewogen geschiedenis van het Afrikaanse continent en hoe die doordreunt in de hedendaagse sociale en politieke problemen komt in bijna alle voorstellingen terug. Afrikaanse choreografen hebben vrijwel zonder uitzondering urgente verhalen te vertellen over hun leven, hun maatschappij, hun land.
Toch zijn de specifiek Afrikaanse geschiedenissen vaak in een deels Europese stijl gegoten: associatief, niet lineair verhalend. Veel vooraanstaande Afrikaanse choreografen hebben dan ook in Europa gewerkt of gestudeerd. Vaak liggen voormalige koloniale relaties ten grondslag aan dergelijke interculturele banden.
De invloedrijke Senegalese Germaine Acogny werkte bijvoorbeeld in Frankrijk, dat al jaren op Afrika gerichte culturele programma’s en uitwisselingen heeft. Gregory Maqoma, een van de topchoreografen van Zuid-Afrika, studeerde aan P.A.R.T.S., de door de Belgische Anne Teresa De Keersmaeker opgerichte dansacademie, en heeft ook een sterke relatie met het Londense Sadler’s Wells Theatre.
De artistieke beïnvloeding is wederzijds; in Afrikaanse handen krijgen Europese praktijken vaak een verrassende twist. Omgekeerd zoeken Europese choreografen, onder wie Platel, de culturele wisselwerking doelbewust op. Het Holland Festival toont hoe uiteenlopend de resultaten van die kruisbestuiving kunnen zijn.
Een couveuse voor onvoldragen ideeën is The Centre for the Less Good Idea in Johannesburg. William Kentridge gedijt er als nergens anders. ‘Deze disfunctionele stad weerspiegelt de wereld zoals hij werkelijk is.’
Het Holland Festival 2018 is ook te volgen via radio, televisie en online. Hier vind je het complete programmaoverzicht.
VPRO is op Holland Festival 2018: Marie Vinck van FC Bergman las Gaddis’ meesterwerk JR en was verkocht. Met veertig acteurs en figuranten brengt het Vlaamse gezelschap de roman op het toneel. ‘We moesten we opeens heel erg concreet worden met taal, heel veel taal.’
VPRO is op Holland Festival 2018: In de nieuwe voorstelling van choreograaf Gisèle Vienne voeren de dansers een groepsritueel uit op het grensvlak tussen puberteit en volwassenheid. Crowd is niet minder dan een Sacre du Printemps voor het housetijdperk.
VPRO is op Holland Festival 2018: was hij echt? Voor Mollena Williams-Haas wel. De demon die haar tergde toen ze afkickte van de alcohol, deed zich voor als een hyena. Haar ervaringen beschreef ze in hyena: ‘Not fun.’ Echtgenoot Georg Friedrich Haas maakte er mooie muziek van.
11596 resultaten