steun vpro

Veel reacties op uitzending over nieuwe antistollingsmiddelen

Veel reacties op uitzending over nieuwe antistollingsmiddelen

De uitzending van afgelopen zaterdag, 28 februari, over nieuwe antistollingsmiddelen (Noac’s) heeft veel losgemaakt. Op twitter en via de mail zijn er veel reacties gekomen.

In die uitzending meldden wij dat de invoering van de nieuwe middelen gepaard is gegaan met stevige marketing van de fabrikanten. In de Verenigde Staten heeft Boehringer Ingelheim een schikking getroffen van 650 miljoen dollar met nabestaanden van overledenen en met slachtoffers van de bijwerkingen van het middel Pradaxa, een van de Noac’s.

Bij Lareb zijn inmiddels 45 doden gemeld, mogelijk als gevolg van het gebruik van deze middelen. Bij de introductie van de vergoeding ervan in 2012 heeft de Gezondheidsraad geadviseerd dat er een begeleidend onderzoek moest komen om te bekijken of de nieuwe middelen beter zijn dan de bestaande middelen in samenhang met controles door de trombosediensten. Dat onderzoek zou in 2015 klaar moeten zijn. Maar het moet nog beginnen, zo blijkt uit de uitzending.

Dat hebben wij zaterdag gemeld. Minister Schippers heeft Argos laten weten dat ze  “betreurt” dat het onderzoek niet van de grond komt.

Er wordt op twitter verwezen naar allerlei, deels door farmaceutische industrie  zelf betaalde  onderzoeken die er zouden zijn naar het gebruik van deze middelen in vergelijking met de oude middelen. Er zijn nog veel meer onderzoeken. Zo hebben wij ook RE-ALIGN, niet genoemd, een internationale studie naar Pradaxa bij mensen met kunsthartkleppen. Die studie is kort  na aanvang gestaakt is nadat er een excessief aantal bijwerkingen optrad en er onverwacht veel doden vielen.

Dat we die onderzoeken niet vermeld hebben heeft een reden. Wij hebben ons gericht op de Gezondheidsraad. Die vindt, ondanks alle bestaande onderzoeken, dat er een groot onafhankelijk onderzoek moet komen. De minister heeft dat advies in 2012, ten tijde van de vergoeding van de Noac’s, overgenomen. Dat onderzoek zou dit jaar klaar moeten zijn maar feit is dat het nog moet beginnen.

Verder begrijpen wij dat een dergelijke uitzending over een medicijn dat op grote schaal wordt gebruikt onrust onder patiënten kan geven. Dat is een gevolg van een publieke discussie over de introductie van een nieuw medicijn. Wij hebben dit ook vooraf goed overwogen maar menen dat  het maatschappelijk belang van wel publiceren in dit geval zwaarder weegt.

Wij hebben in de uitzending ook nadrukkelijk vermeld dat mensen nooit moeten stoppen met een medicijn zonder hun arts te raadplegen.

Overigens valt ons op dat er veel negatieve opmerkingen over de uitzending komen van een hoogleraar die betaald wordt door een farmaceutische industrie  (Henk Jan Out, bijzonder hoogleraar in Nijmegen, gefinancierd door MSD), een website die onder andere  gesponsord wordt door een farmaceut (MedicalFacts: citaat op de site: “Voor sponsors wenden we onze marktkennis aan, zetten we onze lobbymogelijkheden in”) en de farmaceut in kwestie, Boehringer Ingelheim.

We blijven de kwestie volgen en ons publiek op de hoogte houden.