kijken in de hel

hans van wetering ,

Hij won talloze prijzen en werd tegelijkertijd verguisd. Door de duistere inhoud van zijn films is de Oostenrijkse regisseur Ulrich Seidl door controverse omgeven.

Vip Doc: Jesus, Du weißt
Zaterdag, NPO doc, 22.00-23.25 uur
 
De mens is een betreurenswaardig schepsel: gevangen in potsierlijke rituelen, omringd door lelijkheid, geplaagd door onbereikbare verlangens, achterna gezeten door waanzin, veroordeeld tot eenzaamheid. ‘De mooie momenten in het leven zijn op één hand te tellen, maar elke dag weer staan we in onderbroek en sokken voor onze partners of ons spiegelbeeld,’ zei de Oostenrijkse regisseur Ulrich Seidl (Wenen 1952) ooit, en ook, in gedachte Sartre: ‘De hel, dat zijn wij.’ Wie de wereld als een fijne, onbezorgde plek ziet en dat graag zo wenst te houden kan de films van Seidl beter aan zich voorbij laten gaan. Hij won talloze prijzen, onder meer voor de trilogie Paradies-Liebe, -Glaube en -Hoffnung (2012-2013) en werd tegelijkertijd verguisd als provocateur en voyeur, als misantroop. Seidl was altijd al door controverse omgeven, niet in de laatste plaats door de duistere inhoud van zijn films. 

Ulrich Seidl

Onmacht en eenzaamheid
Erotiek, godsdienst en onbereikbaar verlangen – iets waarvan volgens Seidl de moderne maatschappij doortrokken is – zijn de belangrijkste thema’s in zijn werk. Zo ook in de films die worden vertoond in de serie Vip Doc – de documentaireserie van NPO Doc waarin elke maand het werk van een gerenommeerde internationale documentairemaker centraal staat. In Jesus, Du weißt (2003) portretteert Seidl zes gelovigen hardop biddend in een kerk. Ze doen bekentenissen en vragen Jezus om steun. De onmacht en eenzaamheid druipt ervan af. Het is een parade van onvervulde, soms wonderlijke verlangens en wrok, van verdrongen erotische gevoelens en schuldgevoel. Models (1999) schildert de achterkant van het modellenleven. Anorexia, seksueel misbruik en depressie zijn alom tegenwoordig, terwijl de modellen ondertussen dromen van een gewoon leven met een gezinnetje. In Der Busenfreund (1997) praat voormalig wiskundeleraar Rene Rupnik honderduit over zijn fascinatie voor vrouwelijke borsten, die hij met parabolen vergelijkt, en ondertussen zien we hem in slip door zijn appartement struinen, voor zover dat nog gaat dan, want hij lijdt aan hoarding: de kamers zijn afgeladen vol met stapels kranten en tijdschriften die hij uit vuilnisbakken meeneemt naar huis.

Der Busenfreund

Humanisme
Het zijn bepaald geen doorsnee types die Seidl voor de camera haalt en er valt daardoor ook veel te lachen. ‘Dit zou zo maar het grappigste kunnen zijn dat je ooit in de kerk meemaakte,’ schreef iemand over Jesus, Du weißt. Leedvermaak, zeggen sommigen, het is een freakshow. Anderen roemen juist de manier waarop de regisseur de waanzin achter onze alledaagse leven blootlegt. Seidl misbruikt zijn personages en verleidt ze zichzelf te vernederen, zegt de een. Zijn films zijn doortrokken van een diepgevoeld humanisme en empathie voor zijn personages, zegt de ander. Onverschillig is niemand.
Het ongemak van de kijker wordt nog versterkt doordat Seidl meermalen verkondigde dat hij in het geheel geen onderscheid wenst aan te brengen tussen documentaire en speelfilm. Hundstage (2001) heet zijn eerste echte speelfilm te zijn, maar in die film speelden hoofdpersonen zichzelf. Tegelijkertijd laat hij in zijn documentaires zijn personages scènes spelen die hij vooraf met ze heeft doorgenomen. Dus wat ziet de kijker eigenlijk op het moment dat wiskundeleraar Rupnik staand voor de klas zijn krijtje pakt, naar het schoolbord loopt en dat betoog begint waarin hij vrouwenborsten met sinus en cosinus aanduidt? Is het dan allemaal fake? Onzin, zegt Seidl, ik ga uit van echte mensen, daar gaat het om, het documentaire is de basis, en bovendien, alle documentaires zijn geënsceneerd, alleen ik laat het expliciet zien: ‘De mensen in mijn films zijn niet-acteurs, maar soms acteren ze, en dat roept ergernis op, want mensen willen denken en zien in heldere categorieën.’

Tierische Liebe

Dierenporno
Van de films die worden vertoond, heeft Tierische Liebe (1996) de heftigste reacties opgeroepen. De hoofdpersonen projecteren hun behoeftes en verlangens op hun weerloze huisdier. De liefde ontspoort. Trouwe viervoeter wordt therapeut, wordt biechtvader, wordt bedpartner – in de film is bestialiteit nooit ver weg. De film werd onverdraaglijk genoemd, depressief, ziek, een gedrocht op de grens van dierenporno en documentaire. Maar hilarisch was het ook: ‘De kijker balanceert tussen de film willen uitzetten en hysterisch lachen,’ meende een criticus. De lach als nooduitgang uit Seidl’s duistere wereld. Voor wie daar behoefte aan heeft natuurlijk.
‘Nog nooit heb ik in de bioscoop zo regelrecht in de hel gekeken,’ schreef collega-filmer Werner Herzog. Hij bedoelde het als compliment.

Paradies: Hoffnung