Argos

De ontbinding van het IRT

Argos

De ontbinding van het IRT

ARGOS onthult de omstreden politiemethode die de aanleiding was om het IRT (Interregionaal Recherche Team) te ontbinden. Verder over de rol die het Openbaar Ministerie speelde in de crisis rond het IRT.


Persbericht 11 februari 1994.

IRT riep zelf criminele organisatie in het leven.

Het Interregionale Recherche Team (IRT) heeft zelf een criminele drugsorganisatie in het leven geroepen om diepte-infiltraties in andere criminele organisaties mogelijk te maken. Volgens het VPRO-radioprogramma ARGOS (vrijdagochtend 11 februari 1994, radio 1, 11.05 - 12.00 uur) was dat de werkelijke aanleiding om het IRT in december 1993 te ontbinden. Het programma baseert zich op twee afzonderlijke bronnen binnen politie en justitie die verder anoniem willen blijven.
Volgens de officiele lezing (zie: de brief van de ministers van Justitie en Binnenlandse Zaken van 26 januari j.l. aan de Tweede Kamer) gebruikte het IRT een crimineel als burger-infiltrant om door te dringen in de top van een criminele drugsorganisatie. Het uiteindelijke doel van de infiltratie was om de top van een bestaande bende door middel van een pseudokoop in te rekenen. Totzover kon het allemaal nog door de beugel.
Maar in werkelijkheid gebeurde meer. De infiltrant moest beschikken over een gedegen criminele achtergrond om geloofwaardig te zijn. De criminele infiltrant kreeg daarom de leiding over de drugsorganisatie die door het IRT in het leven werd geroepen. De activiteiten van deze bende onttrokken zich aan de controle van het Openbaar Ministerie. Ook werden er geen 'protocollen' van de infiltratie-actie opgemaakt; iets wat volgens de infiltratie-richtlijnen verplicht is. De infiltrant kon ongestoord zijn gang gaan.
In het programma komen uitvoerig twee voormalige leden uit de top van het Openbaar Ministerie aan het woord die duidelijk maken dat de affaire rond het IRT voortkomt uit een crisis binnen het Openbaar Ministerie.
Voormalig advocaat-generaal T. Schalken, tegenwoordig hoogleraar strafrecht aan de Vrije Universiteit in Amsterdam, zegt dat het Openbaar Ministerie de greep op de politie volledig heeft verloren. Volgens Schalken komt het steeds vaker voor dat met processen-verbaal wordt gesjoemeld, zonder dat het Openbaar Ministerie ingrijpt. "Ik knijp mijn tenen samen als ik hoor hoe officieren erover praten en hoe ze soms dingen door de vingers zien en dat het vaak opzettelijk gebeurt." De mentaliteit onder veel officieren van justitie is niet meer de juiste, aldus Schalken. Schalken vindt ook dat het OM niet alsmaar moet accepteren wat de politiek dicteert: "Het OM is tenslotte niet de binnenzak van de minister, al doet de minister wel alsof."
Mevrouw A. Couzijn, tot 1 januari van dit jaar advocaat-generaal bij het Gerechtshof in Den Haag, ziet ingrijpen van bovenaf als de enige mogelijkheid om de crisis bij het OM op te lossen. Zelf heeft ze er weinig vertrouwen in dat dit ook daadwerkelijk zal gebeuren en wilde daarom niet langer voor het Openbaar Ministerie werken.


Draaiboek en inleidende teksten:

Cor Galis + Tune

Kopfragment
Van Thijn.
in: Er mag, dat is mijn stellige mening,
uit: onderste steen boven komt. 0.32.

Kruizinga, Doofpot.
in: Het is een zaak
uit: zorgen over 0.43.

tekst 1.
De voorzitter van de Algemeen Christelijke Politiebond, Kruizinga in reactie op de kersverse minister Thijn van Binnenlandse zaken. Volgens Kruizinga is iedereen veel te veel bezig met de ruzie tussen de twee hoofdcommissarissen en blijft de rol die het Openbaar Ministerie in de affairre speelt onderbelicht.

Kruizinga.
in: Ik heb begrepen dat er binnen de kringen van het OM verschil van mening bestond over aanleiding om team op te heffen wel of niet door de beugel
Vrakking gaf doorslag gevolgd door pg en minister hebben hem daarin gevolgd
uit: geheime rechercheoperatie 1.10.

tekst 2.
Nog steeds is niet openbaar gemaakt wat de aard was van de geheime rechercheoperatie die de aanleiding vormde voor het ontbinden van het IRT (het Interregionaal Recherche Team), begin december. Ook voorzitter Kruizinga van de Algemeen Christelijke Politiebond wil het ons niet vertellen.
Maar we spraken in de afgelopen weken met meer mensen in de politie- en onderwereld. Zo ontstond stukje bij beetje het beeld van wat werkelijk als de aanleiding gezien moet worden.
Maar behalve deze tot nu toe geheim gebleven aanleiding vertellen we U vanmorgen in ARGOS ook over de
rol van het Openbaar Ministerie in het ontstaan van de crisis rond het IRT.

Kopfragment Schalken rol OM.
in: Het openbaar ministerie heeft
0.15 uit: aan de bel getrokken 0.15.

Kopfragment OM teveel aan leiband (Couzijn).
in: Ik constateer dat het voor het OM heel
moeilijk is nee te zeggen
uit: van politieke wensen 0.20.

tekst 3.
De meningen van Schalken, hoogleraar strafrecht aan de Vrije Universiteit in Amsterdam. Verder hoorde U de stem van mevrouw Couzijn, zij bekleedde tot voor kort een hoge functie binnen het Openbaar Ministerie, straks komen ze beiden uitgebreid aan het woord over de rol van het Openbaar Ministerie maar eerst nu de commotie rondom de opheffing van het speciale team, het IRT.

De ministers van Justitie en Binnenlandse Zaken schreven op 26 januari in een brief aan de Tweede Kamer wat de directe aanleiding was voor die opheffing van het IRT. Het IRT had gebruik gemaakt van een criminele informant die betrokken was bij de invoer van drugs. Op zichzelf was dit een aanvaardbare opsporingsmethode. Het ontoelaatbare zat 'm in een "bijzondere actie", zoals de ministers het omschrijven, die het IRT met de informant had gepland.
De beide ministers zijn wel erg cryptisch in hun uitleg. De informant uit het criminele milieu opereerde in werkelijkheid als burgerinfiltrant die voor de politie moest doordringen tot in de top van een criminele drugsorganisatie. Het uiteindelijke doel was om een pseudokoop met de top van die bende tot stand te brengen.
Tot zover kon het allemaal nog door de beugel. Maar er gebeurde meer. De infiltrant moest een goede achtergrond krijgen die tegelijkertijd elke relatie met de politie zou camoufleren. En daarin zat het ontoelaatbare van deze IRT-operatie.
Om de infiltrant tot de top van de drugsorganisatie te laten doordringen was het nodig dat die top het idee had met iemand van gelijke statuur van doen te hebben. De infiltrant moest daarom een drugsorganisatie rond zich heen krijgen. Dus: op initiatief van het IRT werd er een nieuwe drugsbende in het leven geroepen. De infiltrant kreeg daarvoor min of meer carte blanche; geen controle door het Openbaar Ministerie, geen protocol om zijn activiteiten bij te houden, niets. Hij kon ongestoord zijn gang gaan. Dit is globaal wat wij in de afgelopen weken wisten te achterhalen.


van Randwijck.
in: Wie met kolen sjouwt
uit: geloofwaardigheid van het OM. 0.14.

tekst 4.
In juni vorig jaar, de IRT-zweer was toen nog niet opengebroken, interviewden we in ARGOS de Amsterdamse Procureur Generaal van Randwijck. Uitvoerig spraken we over het steeds meer gebruiken van bijzondere opsporingsmethodes door de Politie. Een beetje tegen de verwachting in bleek, deze hoogste vertegenwoordiger van het Openbaar Ministerie in de regio Amsterdam, nogal wat bedenkingen te hebben over deze bijzondere opsporingsmethoden. Een fragment uit onze uitzending van 11 juni 1993.

Van Randwijck
in: Als je gaat infiltreren
1.50 uit: erger dan de kwaal? Ja.
2.25 in: Het zou me niks verbazen, ik denk dat dat middel zijn lang,
2.30 uit: heeft gehad. (4.27.) 1.55.

tekst 5.
Procureur Generaal, van Randwijck zoals gezegd in juni 1993. Je zou van Randwijck bijna profetische kwaliteiten toedichten ware het niet dat we inmiddels weten dat de Procureur Generaal toen al op de hoogte moet zijn geweest van de infiltratiemethode die het IRT gebruikte. Op pagina 3 van de brief die de ministers van Binnenlandse Zaken en Justitie op 26 januari j.l. aan de Kamer stuurden lezen we: "De PG had in een veel eerder stadium in beginsel ingestemd met deze methode."

Naar we deze week hoorden is er dus op het initiatief van het IRT een misdadige organisatie in het leven geroepen. Een organisatie die moest dienen om dichter bij de top van een andere grote criminele bende te komen. Een fake criminele organisatie die een infiltrant 'een achtergrond' moest verschaffen om zich geloofwaardig te maken tegenover de top van de echte misdaad organisatie.

Gisteravond hebben we onze bevindingen voorgelegd aan de bij de IRT-affaire betrokken Procureur Generaal, de heer van Randwijck. Van Randwijck wilde er geen commentaar op geven.

optreden arrestatieteam.

We horen de afgelopen weken ook een aantal verhalen vanuit de criminele wereld die helemaal passen in de sfeer van de fake-criminele organisatie. Zo is er het verhaal over een door de politie gebruikte undercover, I., die begin vorig jaar in motel Breukelen zevenhonderdduizend gulden handgeld van de politie kreeg om een aanbetaling te doen voor 30 ton hasj, een zogenaamde pseudokoop. De dertig ton hasj zou geleverd moeten worden door criminelen die de organisatie van de doodgeschoten topcrimineel Bruinsma hebben voortgezet. Maar zover kwam het niet omdat I. er vandoor ging met de zevenhonderdduizend gulden. En daar waren ze natuurlijk niet echt blij mee bij justitie.

En dan is er het verhaal over een zekere E., die werkte voor een grote hasj-bende. In het voorjaar van 1993 werd hij op een politiebureau benaderd om tegen betaling voor de politie te gaan werken. Hij moest proberen in de buurt van de top van de bende te komen. Zo raakte E. betrokken bij een zogenaamde 'ripdeal', waarbij een vrachtwagen met hasj bestemd voor Engeland werd overvallen. De overvallers leken een concurrerende bende te zijn, maar waren in werkelijkheid leden van het IRT. De hele overval was in scene gezet door de IRT. Een opzetje, om een reactie uit te lokken van de hasjbende. E. kreeg tijdens de actie een pistool op zijn hoofd gezet door een van de zogenaamde overvallers en werd uiteindelijk buiten westen in de buurt van de Afsluitdijk teruggevonden.
In het proces-verbaal van de politie komt de hele rip deal niet voor, zo luidt het verhaal. Daarin staat alleen dat het IRT de vrachtwagen met hasj wel observeerde, maar hem ineens was kwijtgeraakt en niet meer terug kon vinden.


De opsporingsmethoden zoals door het opgeheven IRT gehanteerd
zijn minder exclusief dan het op het eerste gezicht lijkt. Bij meerdere politieteams is "het boeven met boeven vangen" in de afgelopen jaren in zwang geraakt.
Zo vertelde de beroepscrimineel Van O. vorig jaar in ARGOS over hoe hij door de politie zou zijn aangemoedigd deel te nemen aan een overval en daar een tweetal andere boeven bij te betrekken, zodat ze die zouden kunnen arresteren.

Van Os.
in: (muziek) Dit is een overval die ze zelf gepleegd wilde zien
uit: dat hadden ze dan wel in de hand./ (muziek). 0.39.

tekst 6.
De zaak waar Van O. het over heeft zou op initiatief van de Alkmaarse hoofdofficier Josephus Jitta zijn begonnen. In een interview dat we in oktober 1992 met Jitta hebben geeft hij er blijk van niet vies te zijn van het verkennen van de wettelijke grenzen. Het is toch al zo moeilijk om de ontwikkeling van de zware criminaliteit een beetje bij te benen, dus je moet er niet voor terugdeinzen risico’s te nemen in de keuze van je opsporingsmethoden, aldus hoofdofficier Jitta op 23 oktober 1992 in ARGOS.

Jitta.
in: Wij lopen altijd per definitie een stapje
uit: ook niet voor uit de weg gaan./ 0.32.

tekst 7.
Voorzitter Kruizinga van de Algemene Christelijke Politiebond is in tegenstelling tot Jitta juist steeds beduchter geworden voor de invloed die het toepassen van de omstreden methoden hebben op de politie.

Kruizinga over besmettingsgevaar.
in: Wie met pek omgaat, raakt ermee besmet
als voortdurend criminele milieus
gevaar glijdende schaal zeker naarmate
uit: de mensen van vlees en bloed 2.54.

tekst 8.
De crisis rond het IRT is vooral een crisis van het Openbaar Ministerie, dat is althans de mening van hoogleraar strafrecht aan de Vrije Universiteit in Amsterdam, Schalken. Lange tijd werkte hij binnen het Openbaar Ministerie. Van 1982 tot 1985 was hij Advocaat-generaal bij het Gerechtshof in Amsterdam. Schalken heeft nog steeds goede contacten in de wereld van het OM en de politie.


Schalken
in: Het Openbaar ministerie heeft naar mijn idee
ook top OM de greep op team kwijt
te veel politiepet op te weinig afstand
Xtc-zaak compleet drama schandaal
OM moet officier met team steunen
niet laten zwemmen
ook in andere grote zaken niet speciaal bij IRT
OM beperken tot ambacht stiel
uit: oorspronkelijk toch in het leven is geroepen 4.31.


tekst 9.
Een extra handicap voor het OM om controle uit te oefenen op het IRT was de cultuur van extreme geheimzinnigheid waarmee het team zichzelf had omgeven.
Hoogleraar Schalken:

Schalken. (hoeft niet perse introtekst voor!)
in: Wat ik weet en wat ook best wil vertellen is
verhaal over twee commissarissen die er
niet inkwamen team opereerde zo geheimzinnig
uit: niet meer controleerbaar was ja 0.42.

tekst 10.
Langdurige infiltratie en boeven met boeven vangen. Dit soort geheime politiemethodes worden steeds vaker toepast. Controle en sturing door het OM is urgenter dan ooit, vindt Schalken.

Schalken
in: Ik zal u een voorbeeld geven
overvallen en groepsverkrachtingen
geweldige druk op team ook van politiek
grote fouten gemaakt zijn
voorbeeld vervalst proces-verbaal tel. gesprek
sommige officieren van justitie methodes accepteren
die niet door de beugel kunnen infiltratie
toedekken het witwassen van informatie
uit: CID-officieren van Justitie zijn aangesteld. 6.10.

tekst 11.
Ook advocaten worden steeds vaker geconfronteerd met cliënten die verstrikt zijn geraakt in de mistige wereld waar wie is de boef en wie is de crimineel nog maar moeilijk te onderscheiden is. Het sluiten van deals met criminelen, jij doet dit of dat voor ons dan doen wij zus of zo voor jouw neemt hand over hand toe. Een prominent strafrechtadvocaat die regelmatig het gevecht met justitie aangaat om deze uiterst mistige situaties te ontrafelen is Jan Boone. We spraken gister met hem want op dit moment staat hij bij het Amsterdamse Gerechtshof als raadsman van een van de verdachte in de beruchte Xtc-zaak. En ook vanmorgen moeten daar weer IRT-ers verschijnen als getuigen.
Aan Boone vragen we om recente voorbeelden van deals met criminelen uit zijn praktijk.

Boone.
in: De moeilijkheid is dat je het moet kunnen bewijzen
uit: en die vervaging is het risico. 5.57.

tekst 12.
Zaak Martin H. Justitie wilde doen voorkomen of dat een incident was. Volgens schalken gebeurt dat veel vaker en niet alleen in Amsterdam. Hij vertelt ons over een voorbeeld uit Assen.

Schalken.
in: Daar bleek dat drie anonieme getuigen waren
opgevoerd ging maar om een persoon
officier gewoon aan rechter gepresenteerd
geen incident
ik knijp mijn tenen samen hoe officieren
door de vingers zien
officier moet ontslagen worden
OM aan gewetensonderzoek toe
niet langer interne critici als outcast
uit: geluisterd wordt 1.56.

tekst 13.
Een van de mensen die in de afgelopen tijd opviel binnen het OM omdat ze juist deze discussie probeerde aan te zwengelen is mevrouw Couzijn. Ze was tot 1 januari van dit jaar advocaat generaal bij het gerechtshof in Den Haag en daarnaast Voorzitter van de landelijke werkgroep misdaadanalyse. Ze liep voor eigen gevoel tegen een muur van onwil, schreef een boos artikel in Justitiële Verkenningen en verkoos een baan buiten Justitie.

Couzijn
in: Ik ben daar daar weggegaan
uit: gewoon sturing van bovenaf. 4.32.


Hirsch Ballin
in: Wij hebben inderdaad de ambitie
(voorbeelden van nieuwe maatregelen.)
uit: voorbereidingshandelingen. 0.41.

Hirsch Ballin
in: De criminaliteit is harder geworden
(het is een harde lijn daar schaam ik me niet voor.)
uit: worden geconfronteerd. 0.18.

tekst 14.
De politieke druk op het openbaar ministerie om nieuwe methodes te accepteren wordt steeds groter. De vraag is in hoeverre het OM zich daardoor moet laten bepalen. Schalken heeft daar een heel duidelijke mening over.

Schalken
in: Het Openbaar Ministerie moet niet accepteren wat de
politieke dicteert
kan ook niet op andere manier
als je aan spelregels houdt
OM te veel op schoot minister
uit: wat de minister wil./ 1.30.


Couzijn. SLOTBLOK UITZENDING (hoeft niet perse tekst voor!)
in: Ik denk dat er met bestaande wetgeving
(bestaande wetgeving toereikend en over haar vertrek.)
uit: de tijd zal het leren. 3.52.