steun vpro

Het Spoor Terug

De afrekening 9: Moord in Axel

Het Spoor Terug

De afrekening 9: Moord in Axel

Negende deel van een serie van elf documentaires over de afrekening met vermeende en daadwerkelijke collaborateurs na de Tweede Wereldoorlog. Centraal staan de gevangenneming van en moord op twee vrouwen in Axel in Zeeuws-Vlaanderen op Dolle Dinsdag (5 september 1944). Deborah van Es, een boerendochter die met de Duitsers vree, en Marie Antheunis, een handelaarster die onder andere zaken deed met de Duitsers, werden gevangen genomen door de Orde Dienst (OD) en gewurgd door onderduiker Rubens.
Aan het woord komen familieleden van de vrouwen, P. van Oeveren, oud-dominee en oud-burgemeester van Axel en L. Geschiere, oud-OD-er.

Beschrijving
0'00" Aankondiging door omroeper van dienst Cor Galis. Programmatune inclusief quote. Inleiding door presentator over het uitblijven van een echte bijltjesdag in Nederland. In Axel in Zeeuws-Vlaanderen loopt het op Dolle Dinsdag, 5 september 1944, echter uit de hand.
na 4'43" Dominee Piet van Oeveren vertelt over het uitbreken van de volkswoede op Dolle Dinsdag en hoe hij de mensen als interim-burgemeester tot kalmte maande. Hij vertelt samen met zijn vrouw over de terugtrekkende Duitse soldaten die Axel aandoen en de hachelijke positie die hij als partizanen-burgemeester innam. Pres. met tekst over Deborah van Es en Marie Antheunis, respectievelijk een boerendochter die met de Duitsers vree en een handelaarster die onder andere zaken deed met de Duitsers.
na 11'40" De zus van Marie, Margriet Antheunis, herinnert zich dat Marie in de nacht van maandag op dinsdag bij haar in Terneuzen bleef slapen. De volgende ochtend reed Marie naar haar zoon Bennie en haar ouders bij wie ze inwoonde. Margriet ontdekte vrijdag dat ze nooit in Axel was aangekomen.
na 14'09" Marie's zoon Bennie laat de interviewer herinneringen aan zijn moeder zien en verhaalt over zijn broer die in de burgeroorlog in Spanje sneuvelde. Bennie herinnert zich zijn moeder als ondernemend en zorgzaam. Ze handelde met de Duitsers, maar hield ook inzamelingen voor Franse krijgsgevangenen.
na 18'02" Firment Willems, de zwager van Marie Antheunis, en Margriet Antheunis spreken over de zoektocht van Firment naar Marie. Ze dachten dat ze misschien in Holland zat. Tot mei 1945 wisten ze niets over haar lot. Pres. zegt dat de familie via geruchten, briefjes en mededelingen pas 8 maanden na Dolle Dinsdag wist dat de twee vrouwen waren vermoord. Margriet vertelt de waarschijnlijke toedracht van de gevangenneming van Marie. Ze zou zijn ontvoerd door mannen van G. Wijns, regionaal chef van de Orde Dienst, en gevangen zijn gehouden op diens boerderij.
na 23'18" Onderwijzer en lid van de Orde Dienst (OD) L. Geschiere vertelt over een aanval op de boerderij en de wegvoering van de meisjes naar het Groot Eiland. Hij vermoedt dat de bewakers de vrouwen vermoordden toen de Duitsers naar het eiland kwamen. Geschiere vertelt na een vraag van int. over de vergadering waar voor- en tegenstanders van liquidatie discussieerden over het lot van de vrouwen.
na 29'18" Mevrouw van Oeveren vond dat de meisjes gevangen genomen moesten worden, omdat ze gevaarlijk waren en dingen konden verklappen. Over de vrouwen: "Die hadden al gekozen, nou, voor een beetje lekker leven."
na 31'19" Bennie beaamt dat zijn moeder op de hoogte was van voor het verzet gevaarlijke informatie, maar begrijpt niet waarom Deborah van Es moest sterven. Hij vraagt zich af waarom ze vermoord werden en niet gewoon gevangen gehouden. Hij vermoedt dat de OD ze verkracht en mishandeld heeft, waardoor ze niet "toonbaar" meer waren. Pres. met tekst over de pamfletten die vader Antheunis huis-aan-huis rondbracht en het opgraven van de lichamen op 20 februari 1946.
na 35'54" Margriet vertelt over de zoektocht naar het graf en de briefjes van onbekenden die ze ontvingen. Justitie was de familie voor en had de lijken in zinken kisten gedaan. Van de mensen die de lijken hadden opgegraven hoorden ze hoe de lijken waren toegetakeld. Muziek.
na 40'14" Pres. met tekst over de persreacties naar aanleiding van het
pamflet. Fragmenten uit artikelen worden voorgelezen.
na 43'10" Margriet vertelt over desinteresse van Marie in politiek, ze was alleen geïnteresseerd in handelen. Ze vermoedt dat de waarschijnlijke daders zijn geëmigreerd. Vader Antheunis heeft zwaar geleden onder het verlies van zijn geliefde dochter.
na 46'30" Dominee Van Oeveren zegt dat de dader bij hem op bezoek kwam en vertelde dat hij de meisjes gewurgd had. Van Oeveren foeterde hem uit en de man viel als een blok neer. Die man was de onderduiker Rubens die niet opgepakt werd, maar ervandoor ging. Rubens loog tegen de Stichting '40-'45 dat hij gewond was geraakt bij gevechten, kreeg geld en verdween naar de Verenigde Staten. Pres. met tekst over de opsporing van Alexander Mozes Rubens door 'Het Spoor' in Californië in de Verenigde Staten. Hij wil niet in het programma verschijnen.
na 50'20" Int. vraagt Bennie of hij de moordenaar zou willen ontmoeten. Bennie antwoordt met ja. Nou, ik zou een eerlijk objectief gesprek willen hebben." Hij voelt geen rancune ten opzichte van Rubens. Hij heeft enkele vragen voor hem. Waarom zijn de twee vrouwen vermoord? Wie heeft zijn moeder vermoord? Hoe was de toestand van zijn moeder voor en na de dood? Pres. spreekt over de rol van justitie in deze zaak. Afsluiting door omroeper.
na 53'50"
Einde

inleidende teksten
tekst 1
Een groot deel van de Nederlandse bevolking wilde bloed zien bij de bevrijding. Bewogen toespraken van onder meer koningin Wilhelmina en A. den Doolaard voor Radio Oranje tijdens de eerste oorlogsjaren hadden dat gevoel alleen maar versterkt. Toen de bevrijding echt naderde, probeerde men van officiële zijde uit alle macht te voorkómen dat de Nederlanders inderdaad het recht in eigen hand zouden nemen en bloed zou vloeien. Dat lukte wonderwel, want veel verder dan kaalknippen en besmeuren van moffenmeiden en NSB'ers kwam het zelden.
Toch is er in de chaotische dagen van de bevrijding hier en daar wel degelijk sprake geweest van 'bijltjesdag'; van het doodschieten van foute Nederlanders zender vorm van proces.
In deze negende aflevering van onze serie "de afrekening" aandacht voor zo’n geval. Het speelt in Zeeuws-Vlaanderen, in het stadje Axel, waar op 5 september 1944 ook de roes van Dolle Dinsdag heerst.
Piet van Oeveren, welbespraakt dominee van de hervormde kerk, die meermalen in botsing is gekomen met de bezetters vanwege z'n uitspraken vanaf de kansel, herinnert zich die dolle dinsdag nog als de dag van gisteren.

tekst 2
De partizanen-burgemeester wordt niet doodgeschoten door de Duitsers in die chaotische dagen. Maar er worden wel twee andere inwoners van Axel geliquideerd - twee vrouwen van wie bekend is dat ze iets met Duitsers hebben.
De ene, Debora van Es, dochter van een boertje, vrijt met een Duitse soldaat. De andere, Marie Antheunis drijft handel met ze. Marie -meestal 'zus' genoemd - is al 40 jaar en een BOM-moeder avant la lettre. Toen ze in 1932 zwanger raakte, weigerde ze met de vader te trouwen; ze bleef bewust ongehuwde moeder en trok na enige tijd in bij haar ouders in Axel.
Het gezin Antheunis valt 'n beetje uit de toon in het orthodox-protestantse Axel.
Vader is katholiek en behalve winkelier ook een fervente zondagsschilder, die alle wanden van het huis aan de markt heeft beschilderd met eigen versies van producten van Rembrandt en z’n tijdgenotesn. Een zoon is in '38 naar Spanje getrokken om er met de Internationale Brigades tegen Franco te vechten. En nu is daar weer een dochter van 40, die een eigen handeltje opzet en elke dag met haar fietsje de streek afsjouwt, kopend en verkopend aan boeren, zwarthandelaars en aan Duitsers.
Op de maandag vóór Dolle Dinsdag is 'Zus' naar Terneuzen gefietst, maar als ze bij de Ortskommandantur de deur op slot vindt, rijdt ze door naar haar zus en zwager,die in Terneuzen een sigarenwinkel drijven. Zus Margriet over die ontmoeting.

tekst 3
44 jaar later treffen we Ben in zijn woning in Amsterdam. Wat hij toen nog niet wist, weet hij nu: sinds september 1944 heeft hij geen moeder meer. Hij heeft alleen een paar herinneringen in een doosje in de boekenkast.

tekst 4
Een ondernemende vrouw, een vrouw die zowel Franse krijgsgevangen pakjes toestopt als bier verkoopt aan de Duitse soldaten... Dat is de herinnering van zoon Ben.
Maar terug naar september 1944. Wat doet de familie als ze ontdekken dat 'Zus' niet in Axel en niet in Terneuzen is? Zwager Firment Willems, alias 'de bokser', herinnert zich dat hij op de fiets springt en de polder ingaat.

tekst 5
Acht maanden na Dolle Dinsdag hebben ze in Axel pas zekerheid: de twee vrouwen moeten vermoord zijn. Vermoord door wie? Op basis van geruchten, anoniemer briefjes en mededelingen van mensen die iets gezien hebben maar die niet genoemd willen worden, reconstrueert Margriet de fatale fietstocht die haar zuster op Dolle Dinsdag moet hebben gemaakt.

tekst 6
De reconstructie tot nu toe lijkt aardig te kloppen. Zeker is dat de O.D. (de Orde Dienst) op de boerderij van Weijns een soort gevangenis inricht. Veel te optimistisch over de snelle afloop van de oorlog zijn ze zelfs SS'ers aan het arresteren en ontwapenen geslagen. Die zitten gevangen in de boerenschuur, zo herinnert zich de heer L. Geschiere. Hij is in de oorlog onderwijzer in Terneuzen en op Dolle Dinsdag opgeroepen om als 'decodeur' bij de OD te komen helpen. Hij herinnert zich ook dat één van de meisjes voorbij de boerderij komt en door leden van de groep wordt nagereden en opgepakt. Wie van de twee het is, kan hij niet zeggen. Wél dat er na een paar dagen plotseling ander bezoek naar de boerderij komt.

tekst 7
Dat is dus de versie van de kant van de O.D.: de twee vrouwen weten teveel en vormen daardoor een gevaar voor de O.D. Dus worden ze naar het moeilijk toegankelijke gebied 'Het Groot Eiland' gebracht, waar ze uiteindelijk toch worden gewurgd omdat een Duitse patrouille de bewakers in paniek zou hebben gebracht.
De vraag blijft of twee vrouwen, waarvan er één met een Duitser vrijt en de ander ermee handelt, echt zo gevaarlijk zijn. Mevrouw Van Oeveren vindt - zonder het met de liquidatie eens te zijn - van wel.

tekst 8
Het laatste wat Ben zich van zijn moeder zou herinneren is, dat ze zo'n lekker leven had. Hij heeft haar altijd zielig gevonden omdat ze altijd maar met haar volgeladen fiets op stap was, in weer en wind en van de vroege ochtend tot de late avond. Toch kan hij zich nog indenken dat zijn moeder een gevaar vormde - ze kende veel mensen - maar het boerenmeisje Debora van Es...?

tekst 9
Da t de lijken van de vrouwen nogal zijn toegetakeld, blijkt overigens pas op 20 februari 1946, bijna anderhalf jaar na Dolle Dinsdag, als ze worden opgegraven. Kort voor die dag heeft vader Antheunis - woedend over alle gesloten deuren en nietszeggende antwoorden die zijn speurtocht naar de
waarheid opleveren - een pamflet laten drukken, dat hij huis-aan-huis in Axel bezorgt.
'Sadistenmoord´ zo luidt de kop boven een woedende uitval naar de dieven en moordenaars die nog op vrije voeten rondlopen, naar politie en Militair Gezag die niets voor hem doen.
"Waar is de doofpot waarin alle vieze geheimen verdwijnen?", zo roept hij zijn plaatsgenoten toe, "waar blijft gerechtigheid?”
Wie vertelt haar zoontje van 12 - die nog steeds vraagt waar zijn mama is - wat er met zijn mama is gebeurd".....

tekst 10
Het pamflet van vader Antheunis heeft ook tot gevolg dat er een Open Brief van het oud- Knokploeglid J. Hofwijk verschijnt in het regionale blad 'De Stem': "Waarom, zo vraagt hij aan zijn collega's uit het verzet, "hebben de twee meisjes nooit het recht gekregen om te worden berecht gelijk NSB'ers en WA-lieden die tienmaal erger waren en honderdmaal meer schuldig?".
In het 'Hulsterblad’ komt redacteur Verwilghen met een opmerkelijk verhaal:
citaat -
Onmiddellijk nadat de lijken in aanwezigheid van de Middelburgse Officier van Justitie zijn opgegraven, constateert de altijd al gezagsgetrouwe Provinciale Zeeuwse Courant, dat "nu wel duidelijk is, dat de verdwijning en het ter dood brengen der beide meisjes in ieder geval niet in den doofpot wordt gestopt, doch dat een gerechtelijk onderzoek gaande is. In ieder geval - aldus de PZC - kunnen te zijner tijd publicaties tegemoet worden gezien,waarin deze zaak volledig uit de doeken zal komen".
Nu - 42 jaar later - moeten die publicaties nog verschijnen in die krant.
Het enige wat Justitie doet, is nietszeggende briefjes sturen naar vader Antheunis als hij weer eens vraagt het het nou staat met het onderzoek.

tekst 11
De vraag blijft natuurlijk, wie de twee mannen waren die de vrouwen hebben gewurgd. Daarover doen in het stijve stadje,waarin nog jaren de naweeën van deze zaak te voelen zijn, allerlei geruchten de ronde.

tekst 12
Oud-burgemeester Van Oeveren - die nooit door Justitie is ondervraagd over deze zaak - "blijkt zó de naam van de dader te kunnen vertellen. Hij heeft zich immers zélf bij hem aangemeld in die roerige dagen van september 1944.

tekst 13
De dader heet dus 'Ruben' volgens de burgemeester. Meer kan hij niet vertellen, behalve dan dat hij met een uitkering van de stichting 1940- '45 naar Amerika is vertrokken. Dat wordt zoeken. Maar het lukt. Er komt een 'tijdelijk legitimatiebewijs’ boven water, in september 1944 door de burgemeester van Axel verstrekt aan Alexander Mozes Rubens, joods onderduiker, die geen persoonsbewijs meer heeft. "The burgomaster of Axel (Zealand) asks free passage for this person to all posts". Er staat een geboortedatum en - plaats op. Uiteindelijk vinden we hem - levend en wel - in Californië.
Eindelijk de kans om de waarheid te horen over het drama dat zich in september 1944 op Het Groot Eiland heeft afgespeeld. Helaas, de heer Rubens wenst niet meer aan die voor hem achteraf tamelijk traumatische periode te worden herinnerd! en staat ons niet te woord.
Een laatste vraag - over die dader - aan zoon Ben.

Uitgebreidere documentatie aanwezig in VPRO archief