De oudste bestuurslaag van Nederland, de waterschappen, moet fors op de schop, als het aan een krappe meerderheid van de Tweede Kamer ligt. Het doel: eerlijker representatie, meer aandacht voor het klimaat en uiteindelijk een eerlijker verdeling van lasten. De waterschapsbesturen zelf zijn ‘tot op het bot verdeeld’ over het initiatiefwetsvoorstel van GroenLinks en D66. Op de achtergrond voeren werkgevers een lobby om het voorstel van tafel te krijgen.

Hij heeft het wel een beetje gehad met de discussie over de ‘geborgde’ zetels in de waterschapsbesturen, verzucht Rogier van der Sande, voorzitter van de Unie van Waterschappen. ‘Je kunt eeuwenlang praten over wat de ideale bestuursvorm, maar ik hoop dat we na dat gesprek verder kunnen gaan met besturen, de uitdagingen van de toekomst zijn daar te groot voor. Dus graag duidelijkheid.’

De discussie richt zich met name op de geborgde zetels, speciaal gereserveerde plekken in het waterschapsbestuur voor bedrijven, agrariërs en natuurorganisaties. Zij vertegenwoordigen hun eigen specifieke belangen en hebben gezamenlijk tussen de twintig en dertig procent van de zetels in het bestuur. De rest bestaat uit vertegenwoordigers van politieke partijen, waarvan sommige zich speciaal richten op de waterschappen, die door de bevolking worden gekozen. 

Op de vraag of dit wel een eerlijk systeem en van deze tijd is antwoordt Van der Sande behendig dat ‘de wetgever dat tot nu toe van wel vindt’. Want de Unie zelf heeft er geen mening over om de ‘doodeenvoudige reden dat de waterschappen tot op het bot verdeeld zijn’. 

Een andere kwestie die al tien jaar speelt zijn de waterschapbelastingen. December vorig jaar lukte het de waterschappen na ellenlang discussie eindelijk om een unaniem voorstel aan de minister van Infrastructuur en Waterstaat te doen, na twee eerdere mislukte pogingen. Maar daarna kwam er toch bezwaar van werkgeversorganisatie VNO-NCW. ‘Ik was wel verrast en niet positief verrast dat VNO-NCW, tegen was,’ zegt Van der Sande.

De waterschapbelastingen zijn complex met allerlei correctiemechanismen. Kort na de invoering in 2009 waren de grenzen om te corrigeren al bereikt. Met het voorstel voor herziening wil de Unie tot een gelijkmatiger en rechtvaardiger belastingsysteem komen. Sommige partijen steekt het vooral dat burgers ruwweg 80 procent van de belastingen ophoesten en bedrijven en boeren de rest. 

Functioneel bestuursorgaan

‘Water is niet links en niet rechts’, hoorden we de afgelopen weken veelvuldig bij onze rondgang langs de 21 Nederlandse waterschappen. De oudste bestuurslaag van Nederland geldt al zevenhonderd jaar als een gesloten bastion, een tikkeltje saai en wars van politieke belangen. Maar is dat wel zo? Samen met journalisten Kim van Keken en Dieuwertje Kuipers van De Groene Amsterdammer doken we in de bestuurscultuur van de waterschappen. 

Waterschappen zijn, in tegenstelling tot gemeenten, Rijk en provincies, een functioneel bestuursorgaan. Ze houden zich met één specifiek probleem bezig, het waterbeheer. Volksvertegenwoordigers en bestuurders die zich voorstaan op hun vakkennis en niet op hun politieke kleur. Maar dat betekent natuurlijk niet dat er helemaal geen belangen zijn. Naast gedoe over de lastenverdeling wordt dus al jaren gebakkeleid over die zogeheten geborgde zetels

‘Die geborgde zetels hebben een te grote vinger in de pap en kunnen sturen waar de lasten terecht komen’, zegt Jan Nieuwenhuis. Hij is bestuurder in het waterschap Zuiderzeeland namens Water Natuurlijk, een landelijke partij die alleen aan de waterschapverkiezingen meedoet. ‘In de meeste waterschappen vormen de geborgde zetels rond de dertig procent van het totaal. Als je dan nagaat dat bij partijen als CDA, VVD en de kleine christelijke partijen vaak nog agrariërs en vertegenwoordigers van bedrijven in het bestuur zitten, raakt de boel uit balans. Huiseigenaren en huurders zijn dan de dupe.’

De wet van Bromet

Oud-dijkgraaf en waterschapbestuurder Paul van Erkelens kent het waterwereldje op zijn duim en ‘werkte lang prima samen met de geborgde zetels’. ‘Maar nu moet je constateren dat het gewoon politieke partijtjes zijn geworden. Het is een gekke hybride constructie geworden. Sommigen hebben zich aangesloten bij partijen en vormen een fractie. Anderen vormen samen een machtsblok. De zetels ontwikkelen zich heel anders dan oorspronkelijk de bedoeling is geweest. Op papier vertegenwoordigen de geborgde zetels deelbelangen. Maar in feite zijn dat gewoon eigen belangen. De zetels zijn niet meer nodig.’

Zo luidt ook het advies van de Commissie Boelhouwer, waarin Erkelens zitting nam. Op verzoek van oud-minister Cora van Nieuwenhuizen (infrastructuur & Waterstaat) deed de commissie onderzoek en publiceerde vorig jaar zomer het rapport Geborgd Gewogen. Het advies: schaf de geborgde zetels af. Gekozen vertegenwoordigers van (politieke) partijen zijn uitstekend in staat om in bestuurlijke discussies alle specifieke belangen een plaats te geven. Bedrijven hebben geen goede reden om aanspraak te maken op een geborgde plek. 

Een deel van de Tweede Kamer schaart zich sindsdien achter een initiatiefwetsvoorstel van GroenLinks-Kamerlid Laura Bromet om geborgde zetels te schrappen. ‘Boeren hebben een plekje in de waterschappen middels die zetels, maar ze zijn óók vertegenwoordigd via gewone politieke partijen, licht Bromet toe. ‘Natuurlijk moet het boerenbelang aanwezig zijn, maar er zijn ook zat andere belangen. Het belang van klimaatverandering of dat van een gezonde bodem bijvoorbeeld.’

Lobby

Als het aan GroenLinks ligt wordt de wet nog voor de waterschapverkiezingen van 2023 doorgevoerd. Maar dat gaat bepaald niet zonder slag of stoot. De initiatiefwet van GroenLinks en D66 krijgt vooralsnog steun van een nipte meerderheid in de Tweede Kamer. Maar boerenbelangenorganisatie LTO en werkgevers van VNO-NCW zijn ferm tegenstander van het afschaffen van de geborgde zetels en noemen het plan ‘onbegrijpelijk’. Jan Bessembinders, secretaris Milieu en Circulaire Economie bij werkgeversorganisatie VNO-NCW zegt onomwonden de wet via een lobby te willen torpederen: ‘Dit voorstel is een oplossing voor een niet bestaand probleem. Als je waterschappen volledig democratisch maakt, verkwansel je de belangen van partijen die belang hebben, dat zou dramatisch zijn.’

LTO-vertegenwoordiger Tineke de Vries vreest ‘verlies van specialistische deskundigheid en lokale kennis’ als gereserveerde plekken in het bestuur verdwijnen.

Dat de belangenorganisaties in staat zijn hun gewicht in de schaal te leggen blijkt in elk geval uit de gang van zaken rond dat andere heikele dossier: de scheve waterschapslasten. Nadat de Unie van Waterschappen vorig jaar unaniem voor hervorming van het tariefstelsel stemde, stak VNO-NCW alsnog een spaak tussen de wielen. Nadat het voorstel bij de minister was ingediend gingen de werkgevers alsnog ‘op de koffie bij het ministerie’ om op een onderdeel bezwaar aan te tekenen. De tariefdifferentiatie voor bedrijven is in de waterschapsbesturen nooit besproken volgens Frank Harbers, geborgd lid namens bedrijven van het algemeen bestuur in het waterschap Rivierenland. ‘Het is er aan het einde met de haren bijgesleept.’ 

Onwaar, zegt de Unie van Waterschappen in een verklaring. In de discussie is de bepaling uitgebreid langsgekomen en werd uiteindelijk door de 21 waterschapbesturen met de voorstellen ingestemd. Unie-voorzitter Van der Sande: ‘We zijn inmiddels tien maanden verder. Het unanieme voorstel ligt er al sinds december. De minister heeft de Unie gevraagd in gesprek te gaan met VNO-NCW om alsnog tot unanimiteit te komen voor ze in wil stemmen met het voorstel.

Ook waterschapbestuurder Paul van Erkelens, lid van de commissie die het ministerie adviseert over het afschaffen van de geborgde zetels, hekelt de invloed van LTO en VNO-NCW. ‘De enorme lobby achteraf is niet meer te managen. Als de waterschappen, een belangrijke overheidsorganisatie, unaniem met een voorstel komen is het gek dat dat niet zwaarwegend genoeg is en zomaar van tafel geveegd kan worden door een paar lobbyisten.’

 

Met medewerking van Dieuwertje Kuipers en Kim van Keken. Op woensdag 20 oktober is het eerste deel van een 3-delige reeks over de waterschappen te lezen in De Groene Amsterdammer.