De mythe van Bint Jbeil

  • Abdou Bouzerda

Sommige plekken zijn zo klein dat je ze makkelijk mist op de kaart, maar symbolisch reusachtig zijn. Het Libanese Bint Jbeil is er zo één. Op slechts drie kilometer van Israël staan huizen die eruitzien alsof de oorlog daar nooit is vertrokken, maar alleen af en toe op adem komt. Bint Jbeil, letterlijk ‘dochter van de berg’, ligt op zo’n zevenhonderd meter hoogte en kijkt uit over het explosieve grensgebied.

Ooit was het een rustig landbouwgebied voor olijven en tabak, een bescheiden handelspost. Tegenwoordig staat het vooral bekend als iets anders: de hoofdstad van het verzet.

(tekst loopt door onder foto)

Rook stijgt op na een Israëlische luchtaanval in Bint Jbeil
© Atef Safadi | EPA

Vechten tot in de laatste uren

Dit is het Vietnam van Israël: een plek waar militaire overmacht keer op keer vastloopt op een tegenstander die bereid is een hogere prijs te betalen dan rationeel lijkt.

Terwijl de wereld zich opmaakte voor een nieuw staakt-het-vuren, werd er tot in de laatste uren hard gevochten rondom Bint Jbeil.

Voor Netanyahu en het Israëlische leger was de inname van deze stad van groot belang. Niet alleen strategisch, maar vooral symbolisch. In de laatste dagen van de gevechten wisten Israëlische soldaten soms snel de stad binnen te dringen, om er vervolgens haastig selfies te maken voor het thuisfront.

En een dag voor het ingaan van de gevechtspauze stuurde Netanyahu een verklaring de wereld in, waarin hij benadrukte dat de strijd zich concentreerde rond Bint Jbeil.

Want hier begint het verhaal van Hezbollah.

En precies dat verhaal wil Israël herschrijven.

Spinnenweb

‘Hier sprak iemand en pochte over spinnenwebben,' zei brigadegeneraal Guy Levy, commandant van de 98e Divisie, tegen zijn troepen. ‘Vandaag bestaat die man niet meer, het stadion is verdwenen, en zijn woorden zijn niets meer waard.’

Iedereen in Israël en Libanon weet meteen wie hij bedoelt: Hassan Nasrallah.

Twintig jaar geleden, in een voetbalstadion in precies dit stadje, stelde hij dat Israël ‘zwakker is dan een spinnenweb’.

Niet omdat het militair zwak is, maar omdat zelfs een indrukwekkend web kwetsbaar blijft zodra iemand erdoorheen loopt.

Onder zijn leiding wist Hezbollah dat idee keer op keer tastbaar te maken. Niet door Israël te verslaan in klassieke zin, maar door het vast te laten lopen. Bijvoorbeeld in Bint Jbeil.

(tekst loopt door onder foto)

Hassan Nasrallah, toenmalig hoofd van de Hezbollah-militie, houdt een toespraak tijdens 'overwinningsbijeenkomst' in grensstad Bint Jbeil op 26 mei 2000
© Rabih Moghrabi | AFP

Eerherstel

In Israël is Bint Jbeil meer dan een militaire episode. Het is een open wond.

In analyses van de oorlog van 2006 keert deze plek steeds terug als het moment waarop de overmacht van het Israëlische leger stokte.

Dat Hezbollah dit narratief sindsdien zorgvuldig cultiveert, steekt.

Voor generaals als Guy Levy gaat het daarom niet alleen om terrein, maar om eerherstel. Om het corrigeren van een verhaal waarin een superieur leger werd tegengehouden door een tegenstander die simpelweg weigerde te breken.

De scheikundeleraar

De man die dat verhaal jarenlang belichaamde, Hassan Nasrallah, is inmiddels gedood.

Israël is ondertussen militair sterker dan ooit: technologisch geavanceerder, sneller, dodelijker.

En toch is Hezbollah niet verdwenen.

De organisatie staat nu onder leiding van de voormalige scheikundeleraar Naim Qassem.

Geen charismatische redenaar, geen leider van grote gebaren.

Waar Nasrallah oorlog voerde als theater, lijkt Qassem het te benaderen als een routineuze schoolles: minder spektakel, meer precisie en geduld als belangrijkste ingrediënt.

(tekst loopt door onder foto)

Hezbollah-leider Sjeik Naim Qassem houdt een televisietoespraak
© WAEL HAMZEH | EPA

Hezbollah bepaalt het tempo

Achter de schermen heeft Hezbollah zich aangepast. Jongere commandanten nemen het voortouw, besluitvorming is gedecentraliseerd en communicatielijnen zijn minder kwetsbaar.

De beweging beschikt opnieuw over aanzienlijke vuurkracht, gebruikt nieuwe wapens en lijkt te vertrouwen op flexibelere aanvoerroutes.

Israëlische bronnen erkennen zelfs dat ze verrast zijn door de snelheid van deze wederopbouw.

Op het slagveld leidt dat tot een ongemakkelijke realiteit: Israël boekte beperkte vooruitgang, terwijl Hezbollah het tempo bleef bepalen met raketten, drones en antitankwapens.

De beoogde bufferzone in Zuid-Libanon blijft daardoor frustrerend buiten bereik.

Israël probeert een mythe te vernietigen, en loopt daarbij opnieuw het risico die juist te bevestigen.

Terug naar Bint Jbeil

Ook nu lijkt Israël opnieuw te kiezen voor een strategie die eerder het probleem heeft vergroot dan opgelost.

Hezbollah verdwijnt niet, maar past zich aan, schuift op en graaft zich dieper in.

En ergens in dat verschuivende landschap ligt nog altijd Bint Jbeil.

Misschien valt de stad ooit alsnog in Israëlische handen. Wellicht na het fragiele bestand dat nu geldt.

En het feit dat Hezbollah nu standhoudt, zegt niets over de destructieve rol die de beweging speelt binnen Libanon zelf, waar zij samen met andere partijen uit het establishment de rechtsstaat uitholt en staatsinstellingen verzwakt.

En al helemaal niets over de actieve steun aan het repressieve regime van Assad tijdens de Syrische burgeroorlog.

Maar dat is precies het punt.

Want zolang plekken als Bint Jbeil bestaan, en zolang Israël probeert zijn wil militair op te leggen, zal Hezbollah altijd een nieuw Bint Jbeil vinden.

Misschien een paar honderd meter verderop. Misschien net iets hoger in de heuvels.

Maar altijd op een plek waar overmacht opnieuw op de mythe botst die Bint Jbeil heet.

Tot snel,

Abdou