'Nuttige idioten' en microtargeting: zo verspreidt Rusland nú desinformatie tijdens de Europese verkiezingen

, tekst Rosa Hofgärtner - beeld Sterre van der Helm

Rusland ziet de Europese verkiezingen als dé kans om Europa verder uiteen te splijten, zegt Danny Pronk, senior onderzoeker bij de Kennisgroep Veiligheid van het Clingendael Instituut. Hij legt ons uit hoe de Russen hiervoor zogenaamde ‘nuttige idioten’ inzetten, en wat we kunnen doen om onszelf weerbaar te maken tegen deze geraffineerde vorm van politieke oorlogsvoering.

Deze week mogen meer dan 400 miljoen EU-burgers naar de stembus voor een nieuw Europees Parlement. Het campagnevoeren van de politieke partijen voor de Europese Parlementsverkiezingen is volop aan de gang: de straten hangen vol met posters, we krijgen flyers in onze handen geduwd en zien verkiezingsspotjes op tv en sociale media. Maar Europese politici zijn niet de enige die onze stem proberen te sturen: achter de schermen, of beter gezegd óp onze schermen, probeert het Kremlin op allerlei manieren ook een stempel te drukken op de verkiezingen.

Russische trollen hebben in de twee dagen na het neerhalen van MH17 in 65 duizend tweets Oekraïne daarvan de schuld gegeven. Ook nu, tijdens de verkiezingen, verspreidt Rusland desinformatie: Poetin ziet de Europese verkiezingen als een uitgelezen kans om Europa verder te polariseren en zo meer macht naar zich toe te trekken, zegt Danny Pronk, senior onderzoeker bij de Kennisgroep Veiligheid van het Clingendael Instituut. Pronk leidt ook het Strategische Monitor-programma, dat ontwikkelingen in de internationale orde duidt, en onderzocht de terugkomst van politieke oorlogsvoering vanuit Rusland.

Danny Pronk

We weten dat Rusland al eerder trollen inzette, zoals we lazen over MH17, maar hoe zit dat op dit moment? Wat merken we nu van de politieke oorlogsvoering door Rusland tijdens de Europese Parlementsverkiezingen?

‘Moskou is er in ieder geval heel actief mee bezig: het Kremlin wil Europa uit elkaar spelen om hun eigen macht te vergroten. Ik kan me voorstellen dat de Russen de Europese verkiezingen als een uitgelezen kans zien om nog meer te polariseren. Er zijn allerlei manieren om als land invloed uit te oefenen op andere landen, zonder dat ze de drempel van oorlogsvoering moeten overgaan, en met tanks binnenvallen. Ze gebruiken én misbruiken sociale media om ideeën te verspreiden: ze zoeken naar breukvlakken om in te porren. Op Europees niveau staat de verhouding tussen de Europese burger en de Europese bestuurlijke elite, bijvoorbeeld, al enorm onder spanning. Met posts en tweets spelen ze mensen verder uit elkaar, vaak zonder dat we het doorhebben. Rusland ontwikkelt steeds geraffineerdere manieren om de verschillen uit te vergroten: het gaat verder dan het inzetten van trollen.’

'zonder dat ze er zelf bewust van zijn, worden 'nuttige idioten' via hun sociale media beïnvloed, en daarmee wordt ook het publieke debat gestuurd'

Hoe zit het met andere landen? Rusland is toch niet het enige land dat daar nu mee bezig is?

‘Nee, zeker niet, maar het land is wel een hele belangrijke speler. China vormt misschien ook een bedreiging voor Europa, maar op een andere manier: China wil een economische wereldmacht worden en ziet in Europa economische kansen. Ze willen een stevige vinger in de pap krijgen, in economische zin, door landen in Oost- en Zuid-Europa aan zich te binden. Rusland daarentegen wil voornamelijk de machtspositie van Europa onderuithalen.’

Hoe weten de Russen überhaupt waar ze moeten porren?

‘Dat doen ze met microtargeting: ze verzamelen en analyseren echt álles van sociale-mediagebruikers. Zo kunnen ze simpel en snel het speelveld in kaart brengen en zien ze waar de breukvlakken liggen. Vervolgens zetten ze trollen in op dat speelveld. We zagen vorige week inderdaad nog in de media dat Russische trollen massaal desinformatie over het neerhalen van MH17 hebben verspreid. Ze zoeken gericht op burgers die vatbaar zijn voor het verhaal dat ze willen vertellen. Microtargeters gaan te werk als reclamebureaus: ze zoeken heel gericht uit wie de mensen zijn bij wie ze een “product” willen en kunnen verkopen. Daar passen ze dan hun informatie op aan: zo krijgt iedereen een op maat gemaakte campagne voorgeschoteld. Behalve trollen en aangepaste campagnes, zoeken ze ook doelgericht naar politici en andere centrale figuren in het publieke debat om hun verhaal te verspreiden.’

zo lopen fake, feit en fictie steeds meer door elkaar

De Brits/Russische Peter Pomerantsev werkte tien jaar lang voor de Russische televisie tijdens Poetins presidentschap, en maakte van dichtbij mee hoe het Kremlin media inzet om de Russen een gemanipuleerde waarheid voor te schotelen. Het motto achter de pr-machine van Poetin is own all the narratives: we have democracy, but we have to manage it, vertelt Pomerantsev. Terug in Londen ziet hij het opnieuw gebeuren. Elk land, elke politieke partij: ieder z’n eigen waarheid. De pr-machine van Poetin was slechts een voorproefje.

Hoe doen ze dat dan? Een politicus of publiek figuur is toch niet zo makkelijk te beïnvloeden?

‘Als je heel doelgericht verandert wat de smaakmakers van het publieke debat op hun tijdlijn zien, vertellen zij straks jouw verhaal. Ook opiniemakers en andere personen met een centrale positie in de samenleving krijgen hun informatie vaak via hun eigen tijdlijn – allemaal uit hun eigen bubbel. Zulke figuren noemen we ‘nuttige idioten’: zonder dat ze er zelf bewust van zijn, worden ze via hun sociale media doelgericht beïnvloed, en daarmee wordt indirect ook het publieke debat gestuurd. Iedereen kan wel een lijstje maken van potentiële ‘nuttige idioten’: begin bij de vaste tafelgasten van Matthijs. We zien dat het veel gebeurt. Laatst nog, in Duitsland: er zijn allerlei aanwijzingen dat Moskou een rol heeft gespeeld bij een aantal merkwaardige uitingen van iemand binnen Alternative für Deutschland.

'microtargeters gaan te werk als reclamebureaus: ze zoeken heel gericht uit bij wie ze een “product” kunnen verkopen'

Stel, je zoekt zo’n nuttige idioot als doorgeefluik voor jouw verhaal. Hoe ga je dan te werk?

‘Door diegene te voeden met ideeën waar ze al ontvankelijk voor zijn. Vanuit het Kremlin gedacht, zou je in de gaten kunnen houden wie al duidelijk pro-Russisch is: zij zijn waarschijnlijk ontvankelijker voor meer pro-Russisch nieuws. Daar kan je ze dan mee voeden. Je brengt iemands sociale-mediagedrag in kaart: wie volgt diegene? Je kan nepaccounts maken die lijken op de accounts die deze persoon volgt. Dan gaan ze die misschien ook volgen en zien ze jouw boodschap. Je kan ook accounts hacken van personen die de ‘nuttige idioot’ volgt, zodat iemand andere berichten krijgt te zien op zijn of haar tijdlijn.’

Maar wacht even. Is het wel ethisch verantwoord om dit zo stapsgewijs met iedereen te delen?

‘Elk individu kan dit doen en verzinnen, zo moeilijk is het niet. Sterker nog, het is al verzonnen. Ik vind het zorgwekkender dat dit proces te automatiseren is en je het op grote schaal kan toepassen. Kijk naar Cambridge Analytica: dit is hun werkwijze geweest. Er zijn databestanden vol met eigenschappen van gebruikers en hun informatie – echt werkelijk alles – en die worden al volop gebruikt. Informatie over het gedrag van mensen op sociale media is ook politiek gezien goud waard.’

'accounts worden automatisch gegenereerd: in de tijd dat je er twee blokkeert, komen er alweer tien bij'

Kunnen we er eigenlijk wel iets tegen doen? Hoe verzetten we ons tegen deze vorm van hybride oorlogsvoering?

‘Er is wel een besef bij de Nederlandse overheid dat dit gaande is en dat er nieuwe instrumenten worden gebruikt. Dat wordt nu al actief gemonitord, maar het betreft zulke grote volumes, dat het onmogelijk is om het allemaal in de gaten te houden. Als er een trollenleger actief is, dan is het onmogelijk om al die tweets real time te monitoren en na te gaan wat er wel en wat er niet automatisch gegenereerd is.’

‘Maar, we hoeven het niet allemaal passief te ondergaan: we moeten het eigenlijk zelf óók doen. We kunnen dit soort instrumenten gebruiken om onze eigen doelstellingen te halen. Terughacken dus. Toch blijft bewustwording het belangrijkst: beschouw alle informatie die tot je komt heel kritisch. Zet overal vraagtekens bij: welk belang is hiermee gediend? Check de feiten, en slik niet alles voor zoete koek. De media heeft daar ook een belangrijke rol in: onderzoeksjournalistiek is cruciaal om ons bewust te houden van de informatie waar we aan worden blootgesteld. Verontrustender is misschien dat zo’n kritische houding voor sommige lagen van de bevolking niet vanzelfsprekend is. Het gevaar van microtargeting is dat je gericht kan zoeken op mensen die niet kritisch zijn om ze te kunnen beïnvloeden, en dat gebeurt dan ook volop.’

Kan de overheid het plaatsen van nepnieuws niet op de een of andere manier verbieden?

‘Dat is lastig. Sommige dictaturen proberen dat wel: zij leggen het sociale-mediagebruik aan de ketting, en bepalen tot welke delen van het internet burgers toegang hebben. Maar willen we dat? Of willen we in een vrije samenleving leven? Fake news is de keerzijde van die medaille, maar ik vind het niet genoeg om onze open samenleving daarvoor op te geven. Dan kunnen we ons beter richten op bewustwording.’

‘Als je als individu ziet dat iets nep is, zou je kunnen kijken wie het heeft geplaatst of gedeeld: neppe accounts kan je melden en worden dan tijdelijk geblokkeerd. Maar het gaat om zulke enorme aantallen - die accounts worden automatisch gegenereerd - dat je in de tijd dat je er twee blokkeert, er alweer tien bij hebt. Het is water naar de zee dragen.’

Maar, als we er eigenlijk niet echt iets aan kunnen doen, waar gaan we dan als samenleving naartoe? Leven we straks in een post-truth Europa?

‘Dat is moeilijk om te zeggen, maar ik zie wel een positieve kanteling: tien jaar geleden waren we ons absoluut niet bewust van de effecten van nepnieuws en de invloed van sociale media. Het idee dat feiten er niet meer toe doen, geldt misschien voor een deel van de samenleving. Toch zie ik in de praktijk ook iets anders: beleidsmakers en ministeries hameren er nog steeds op dat onderzoeken verifieerbaar moeten zijn. Je komt echt niet zomaar weg met een onderzoekje dat niet op feiten is gebaseerd. In Nederland doet de waarheid er echt nog wel toe. We waren onbewust en onbekwaam, nu zijn we misschien bewust en onbekwaam. Uiteindelijk worden we, hopelijk, bewust en bekwaam.’

advertentie