Metropolis

motor

Metropolis

motor

Of je nu scheurend over het asfalt de vrijheid tegemoet rijdt of op een saaie maandagmorgen handig tussen de forenzenfiles door laveert, de motor is voor iedere berijder een symbool voor vrijheid. Wereldwijd wanen veel van die vrijgevochten motormuizen zich een beetje buiten de samenleving, maar is het motorleven wel zo romantisch? Metropolis klimt achterop bij ruige rijders wereldwijd.

Angga en Ani uit Indonesië zijn 'Extreme Vespa lovers'. Binnen deze subscultuur trekken jonge, blowende Vespaliefhebbers zich zo weinig mogelijk van de maatschappij aan. Angga, Ani en hun baby gaan op weg naar een groot festival in Karawang, zo’n honderd kilometer van hun huis in Jakarta. Hier komen de vrije vogels op hun flink vertimmerde tweewielers bij elkaar om te genieten van elkaars creaties en de bijbehorende, vrolijke reggaemuziek.

Sinds Alex uit Mexico zijn eerste motor kocht op zijn 15e, was hij verknocht. Het motorrijden bevalt hem zelfs zo goed, dat hij nu als stuntman aan wedstrijden mee doet. Ondanks de vele ongelukken die hij al heeft gehad blijft hij doorgaan: 'Ik heb wel angst om te vallen. Maar ik ben nu erg gelukkig omdat ik dit altijd al heb willen doen.'

Het Estlandse eiland Kihnu staat bekend om zijn traditionele jurken en oude motoren. Mede door de geografische isolatie en hang naar traditie rijdt hier zelfs nog een vijftigtal motoren van halverwege de twintigste eeuw rond. Patriot Marge rijdt er ook op een, maar echt niet voor de lol: ‘Iedereen die 't zich kan veroorloven koopt een auto. Een motor is vervelend.’

Tigran is voorzitter van de enige motorclub van Armenië, de Hye Riders. Als hij op zijn motor zit, denkt hij alleen aan vrijheid. In zijn conservatieve thuisstad Gunmri is het leven van een motormuis echter niet altijd even makkelijk. De meeste Armeniërs zijn niet gewend aan motorrijders of motorclubs en zien ze aan voor criminelen en stadsvervuilers. Daarom probeert Tigran zoveel mogelijk doorsnee Armenen aan de motor te krijgen.

In Pantin, een noorderlijke voorstad van Parijs, Frankrijk, heerst een ware biker cultuur. Scooters zijn voor de jonge Korbot en zijn vrienden hun ware passie. Eens per maand verzamelen de bikers zich op de Rodeo, een nachtelijke bijeenkomst van jonge scooterfanaten. Het crossen en doorgassen van de Rodeo bezoekers blijft echter nooit lang onopgemerkt door de politie.

De glibberige, steile bergpaadjes van Diwalwal in de Filipijnen zijn maar op een manier te bedwingen: op een motor. Buiten de onbetrouwbare wegen maakt de aanwezigheid van rebellen de reis nog gevaarlijker. Toch is er één man die dagelijks met plezier deze obstakels tegemoet gaat. Satan, zoals hij genoemd wordt, verdient namelijk zijn geld met het vervoeren van goederen, dieren, mensen en... lijken. Voor de risico’s is hij niet bang: ‘Zolang ik op mijn motor rijd, kan niemand me stoppen.’

advertentie