Ons beeld van leugendetectie wordt mede bepaald door films en series, waarin verdachten worden onderworpen aan twijfelachtige techniek. Dat smoezelige imago is onterecht, vindt leugenonderzoeker Sophie van der Zee. Volgens haar ligt er een stapel aan solide wetenschappelijk onderzoek naar het opsporen van leugenachtig gedrag.

Een nieuwe Argos-podcast: Dr. Bones

Een man doet zich voor als forensisch patholoog en arts. Hij noemt zichzelf Dr. Bones. Op zijn visitekaartje staat zijn credo: I open corpses to close cases. De man stapelt leugen op leugen en weet zo bij tal van organisaties binnen te komen. Totdat een oplettende collega ziet dat Dr. Bones geen bloeddruk kan meten. De serieleugenaar valt door de mand en wordt veroordeeld voor oplichting.

Hoe kon Peter B. jarenlang zijn omgeving voor de gek houden? In de podcastserie Dr. Bones gaan journalisten Hansje van de Beek en Michelle Salomons op zoek naar antwoorden. Onderweg rezen er nieuwe vragen over leugenachtig gedrag die de makers niet in de podcast behandelen, zoals: hoe betrap je iemand eigenlijk op een leugen? Kunnen we met de technieken van nu met 100 procent zekerheid achterhalen of iemand liegt?

In het eerste deel van dit online tweeluik over leugendetectie gaat Argos daarvoor te rade bij rechtspsycholoog Sophie van der Zee. Zij is universitair docent aan de Erasmus Universiteit in Rotterdam en doet onderzoek naar liegen en leugendetectie.

Mensen zijn slecht in liegen

Om maar meteen met de deur in huis te vallen: wij mensen zijn uitermate slecht in het spotten van leugens. Om niet te zeggen beroerd. Uit de meest recente – doch vijftien jaar oude analyse – van meer dan tweehonderd leugenonderzoeken blijkt dat mensen in iets meer dan de helft van de gevallen kunnen bepalen of iemand liegt, legt Van der Zee uit. ‘Je kunt net zo goed gokken. Dat is bijna hetzelfde.’

Toch blijven vooral die ‘Hollywood-achtige aannames’ over leugendetectie hangen, verzucht Van der Zee. We dichten onszelf bovenmenselijke eigenschappen toe, zoals de speurneuzen op tv. ‘Ouders denken dat ze leugens van hun kinderen kunnen herkennen. Of partners de leugens van hun geliefde. Politieagenten met twintig jaar ervaring denken dat ze de leugens van een verdachte kunnen herkennen. Dat kunnen ze niet.’

Om iemand te betrappen op liegen zullen we misschien wel moeten terugvallen op techniek. En die is de afgelopen jaren met grote sprongen vooruitgegaan. Van der Zee zelf brak in wetenschappelijke kringen door met haar motion-capture pakken. Samen met collega’s ontwikkelde ze een experimentele methode waarmee ze non-verbaal gedrag, zoals hand- of hoofdbewegingen, kon meten. Van der Zee: ‘Het idee heerste dat non-verbaal gedrag geen goede indicatie geeft van liegen. Ik dacht: wacht even, dat hebben jullie nooit goed genoeg onderzocht! Want hoe bepalen jullie non-verbaal gedrag? Door een video op te nemen en daarna achter een computer handmatig te turven. Daardoor neem je allerlei informatie niet mee.’

Om die aanname te onderzoeken bevestigde haar team zeventien oranje kastjes aan het lichaam van proefpersonen, van hun voeten tot hun hoofd. Met deze sensoren registreerden de onderzoekers minutieus hun bewegingen. ‘Dus hoeveel millimeter of centimeter beweeg jij per seconde.’

Negentig proefpersonen werden onderverdeeld in twee groepen: leugenaars en ‘waarheidssprekers’. De laatste groep kreeg verschillende taken: ze moesten een computerspel spelen en een verloren portemonnee met een briefje van 5 dollar naar een doos voor gevonden voorwerpen brengen. De leugenaars kregen juist de opdracht over deze taken te liegen: ze speelden het computerspel niet, maar bestudeerden een informatieblad over het spel waarmee ze een verhaal konden fabriceren. Ook moesten de leugenaars het briefje van 5 dollar ergens verbergen en doen alsof ze de portemonnee hadden ingeleverd. Vervolgens werden alle proefpersonen over hun taken geïnterviewd, terwijl sensoren hun lichaamsbewegingen registreerden.

Het resultaat was opmerkelijk. Van der Zee: ‘We ontdekten dat je meer gaat bewegen als je liegt dan wanneer je de waarheid spreekt. Ook zagen we dat je dit effect kunt vergroten door bepaalde interviewtechnieken toe te passen, zoals iemand vragen zijn verhaal in omgekeerde volgorde te vertellen.’

In een ander onderzoek met de motion-capture pakken analyseerde Van der Zee de dynamiek tussen een leugenaar en de persoon waartegen gelogen wordt. Daaruit bleek dat mensen elkaar meer gaan spiegelen als er leugen in het spel is. Meer en meer raakt Van der Zee overtuigd van de kracht van technologie bij leugenonderzoek. ‘Uit ieder experiment dat ik ooit heb gedaan blijkt dat technologie beter presteert in leugendetectie dan mensen.’

Valse beschuldiging

Desondanks lijkt de afstand tussen het laboratorium en de Nederlandse praktijk groot. Waar je in Amerikaanse films weleens verdachten aan een leugendetector ziet hangen, zegt de Nederlandse Politieacademie desgevraagd niet aan ‘leugendetectie’ te doen. In het verhooronderwijs wordt er ook geen aandacht aan besteed. ‘De taak van de politie in opsporingsonderzoek is de waarheid te reconstrueren en een verdachte heeft het recht te liegen’, zegt een woordvoerder. Volgens de Politieacademie zijn veel methoden van ‘leugendetectie’ onvoldoende betrouwbaar voor de praktijk, omdat eerder spanning of nervositeit wordt gemeten. De kans op een foute beschuldiging is groot.

Alarmbellen

De afgelopen jaren is wel geëxperimenteerd met geautomatiseerde leugendetectie. Met in het kielzog kritiek van politici en mensenrechtenorganisaties. In Europa gingen alle alarmbellen af toen de Europese Commissie (EC) in 2018 aankondigde een onderzoek te financieren naar een ‘slim leugendetectiesysteem’ aan drukke Europese buitengrenzen. Het project getiteld iBorderCtrl zou grenscontroles accurater en efficiënter maken. Computergestuurde grenswachters stelden de reiziger vragen. Ondertussen analyseerde het systeem op zogeheten ‘micro-gestures’, subtiele gelaatsuitdrukkingen die erop zouden kunnen wijzen dat iemand liegt.

In Nederland stelden politici van D66 vragen over het project en de Nederlandse betrokkenheid bij iBorderCtrl. Minister Ferd Grapperhaus van Justitie en Veiligheid antwoordde daarop dat Nederland niet deelnam aan de pilot.

iBorderCtrl werd getest in Griekenland en aan de grenzen van Hongarije en Letland. Volgens de onderzoekers op vrijwillige basis. Dat het systeem gevoelig was voor fouten bleek onder meer uit onderzoek van een journalist van nieuwssite The Intercept, die haar eigen resultaten opvroeg. Hoewel de journalist eerlijk antwoord had gegeven op vragen over haar identiteit, nationaliteit en het doel van haar reis, werd zij door de digitale grenswachters als leugenaar bestempeld.

Vooralsnog blijft het gissen naar de concrete resultaten van iBorderCtrl. De proef is in 2019 beëindigd, maar de commissie weigert evaluatiedocumenten over het project vrij te geven. Onder meer de ethische beoordeling en een rapport over de wettigheid van de technologie zijn geheim. Om die stukken openbaar te krijgen, daagde de Duitse Europarlementariër Patrick Breyer (Piratenpartij) de EC voor het Europees Hof van Justitie. De zaak is nog in behandeling.

Valse beschuldiging

De polygraaf is een verzamelnaam voor apparatuur die lichamelijke reacties meet, zoals bloeddruk of hartslag. Europese landen gaan verschillend om met de resultaten van die test. In de Nederlandse rechtszaal mag de polygraaf niet gebruikt worden, omdat de leugendetectietest niet betrouwbaar genoeg is. In buurland België mag een polygraaftest wel in strafzaken worden gebruikt, maar alleen als steunbewijs.

Mensenrechten

‘Wat een ander denkt en voelt is feitelijk privé’, zegt Philip Brey, hoogleraar filosofie en ethiek van technologie aan de universiteit Twente. ‘Als je dan een manier vindt om die innerlijke wereld van een persoon toch bekend te maken voor andere partijen, is dat een aantasting van iemands privacy. Zeker als je dat zonder toestemming van diegene doet.’ Brey leidde een groot Europees onderzoeksproject naar de ethische en juridische kanten van kunstmatige intelligentie. Volgens de hoogleraar staat de inzet van leugendetectietechnologie op gespannen voet met mensenrechten, zoals het recht op privacy.

Brey: ‘Je kunt zeggen dat in bepaalde omstandigheden, bijvoorbeeld in het kader van justitieel onderzoek, die rechten minder zwaar wegen. Maar ik denk dat bij alles wat daarbuiten valt je heel zwaarwegende redenen moet hebben om die technologie te gebruiken.’

Brey benadrukt dat kunstmatige intelligentie zeker niet onfeilbaar is: ‘Vooral vals-positieven zijn problematisch, dus situaties waarin de technologie zegt: iemand liegt, terwijl die persoon niet liegt. Bij gezichtsherkenningstechnologie die op afstand wordt gebruikt, hebben we soms grote foutmarges gezien. Als je diezelfde foutmarges ook hebt bij leugendetectie betekent het dat we mensen als leugenaar wegzetten terwijl ze dat niet zijn.’

Dat risico ziet ook Francien Dechesne, universitair docent bij het centrum voor Recht en Digitale Technologie (eLaw) aan de Universiteit Leiden. Volgens Dechesne hebben we de neiging meer te vertrouwen op machines omdat we hopen dat ze objectiever zijn dan mensen, maar ook in ons ontwerp en gebruik van die systemen sluipen allerlei vooroordelen. We moeten ons realiseren dat een machine, de data die we erin stoppen en de wijze waarop we de uitkomst interpreteren, ook mensenwerk is. ‘Mensen zijn vooringenomen, maar met zo’n machine ben je daar nog niet van af.’

Micro-expressies

Een micro-expressie is een gezichtsuitdrukking die maar heel kort zichtbaar is. Die flits geeft een echte emotie weer die je niet kunt faken, zo luidt de theorie. De bekende Amerikaanse psycholoog Paul Ekman staat aan de wieg van deze micro-expressies. Toch is er vanuit wetenschappelijke kringen kritiek op, zegt Van der Zee: ‘Paul Ekman wil zijn data niet delen. Er is geen enkel laboratorium die de methode heeft kunnen repliceren en wat Ekman verstaat onder een micro-expressie blijkt überhaupt niet echt te kunnen. Plus: als er al zoiets als een micro-expressie bestaat dan zou je het maar moeilijk met het blote oog kunnen waarnemen.’

Veldexperimenten

Leugenonderzoeker Van der Zee is zich bewust van de ‘vele ingewikkelde, ethische kanten’ van leugendetectie. Bovendien is ook technologie te foppen. ‘Op het moment dat je gepakt wordt zijn er allerlei alternatieve mogelijkheden. Misschien heb je koorts, heb je net gerend of sta je naast je baas op wie je verliefd bent. Er zijn miljoenen redenen om signalen af te geven die door zo'n robot opgepakt worden als leugenachtig. Maar dan komt juist de volgende stap: een persoon die goede vragen gaat stellen om erachter te komen wat er precies aan de hand is.’

Toch vindt Van der Zee de huidige wetenschappelijke resultaten veelbelovend genoeg om ‘veldexperimenten’ te gaan doen. Volgens de leugenonderzoeker is het uiteindelijk aan de politiek om de ethische bezwaren af te wegen tegen het maatschappelijk nut van leugendetectie-apparatuur. Evenals de situatie waarin het wordt toegepast. ‘Dat is een vraagstuk voor de politiek en de maatschappij en niet per se voor de wetenschapper.’

Luister alle aflevering van de podcast Dr. Bones

Regie & scenario: Hansje van de Beek en Michelle Salomons
Eindredactie: Eric Arends
Productie: Jorinde Hiddema en Sanne van der Peijl
Eindmix: Hens Zimmerman 
Dramaturgisch advies: John Appel
Muziek: Tornado Beat!
Dank aan: Harry Lensink 

Met steun van het Fonds Bijzondere Journalistiek Projecten