steun vpro

Wat u zegt

, Elja Looijestijn

De VPRO Gids-lezer ergert zich groen en geel aan de uitspraak van televisiepresentatoren. Dit vroeg om meer onderzoek, en antwoord op de vraag waar men zich nu eigenlijk druk over maakt.

Per Schuitemaker uit Hoorn heeft heel wat in gang gezet. Kort na de verkiezingen in maart scheef hij naar onze brievenrubriek ‘Forum’ om te bedanken voor de VPRO Gids-verkiezingsspecial. Zijn complimenten kwamen met een kanttekening: Eva Jinek en Mariëlle Tweebeeke waren weer volop te zien en te horen geweest op televisie.

‘Jinek onderbreekt gasten op haaibaaierige toon en kan de r niet goed uitspreken. Tweebeeke blijft zich in allerlei bochten wringen om het Nederlands zo perfect mogelijk uit te spreken en dat lukt dan niet (“Nuuwsuur” in plaats van “Nieuwsuur” en “zel” in plaats van “cel”) en ook geen normaal rollende r bij haar. Allebei snel naar een logopedist.’

Schuitemakers brief was de aanzet voor een serie reacties onder de kopjes ‘Logopedie’ en ‘Wat zegt u?’ Lezers van de VPRO Gids leken zich dagelijks groen en geel te ergeren aan de uitspraak van presentatoren op televisie. Bijna alle tv-persoonlijkheden – vooral presentatoren van nieuws en actualiteiten en vrijwel alle klanken riepen reacties en emoties op. We besloten deze tendens eens te onderzoeken en schreven een enquête uit. De respons was overweldigend: in een week vulden 450 respondenten die in. ‘Allemaal op spraakles!’ en ‘Heel goed dat dit wordt aangepakt’, waren enkele van de opmerkingen.

'Sommige jonge vrouwelijke presentatrices ratelen wel heel snel, op hoge toon en abnormaal opgewonden'

Een van de respondenten

Struikelblokken

Waar liggen de problemen? Meer dan de helft van de respondenten laat weten dat hij of zij de presentatoren op televisie niet goed kan verstaan. Dat komt dan voornamelijk door slecht articuleren en te snel praten, laat men weten. Ook achtergrondmuziek en -geluid is voor veel tv-kijkers een stoorzender, maar dat onderwerp is in deze gids al eens behandeld. Een klein groepje respondenten geeft toe dat het te maken kan hebben met hun eigen leeftijd of slechthorendheid.

Zelfs al kunnen de kijkers hen prima verstaan, 73 procent van de respondenten ergert zich weleens aan de uitspraak van een televisiepresentator. Dit valt natuurlijk te verwachten in een enquête die uitgeschreven is naar aanleiding van dit onderwerp. 68 procent zegt er geen bezwaar tegen te hebben als een presentator een regionaal accent heeft, dus de grote ergernissen liggen blijkbaar op andere vlakken.

‘Een leuke discussie, die steeds weer terugkomt,’ aldus Dick Smakman, universitair docent taalverwerving en sociolinguïstiek aan de Universiteit Leiden. De taalwetenschapper promoveerde in 2006 op de uitspraak van het Standaardnederlands en voor zijn promotieonderzoek vroeg hij respondenten om de uitspraak van verschillende sprekers te beoordelen. ‘Hierbij werden de nieuwslezers beoordeeld als de beste sprekers van het Nederlands, maar kregen ze ook veel kritiek. Het Journaal is een icoon, je mag als spreker altijd fouten maken, behalve als je daar werkt. Over de hele wereld geldt dat de uitspraak van nieuwslezers een hoge status heeft. Zelfs de kleinste variatie valt de kijkers op. Harmen Siezen kwam destijds als beste spreker uit de bus.’

‘Er gebeurt zo veel in de wereld, en dan maak je je druk over de r van de nieuwslezer. Ik kan dat niet begrijpen, al vind ik het wel fascinerend.’

Dick Smakman

Bekakt

‘Er is wel een duidelijke tendens naar informeler taalgebruik op de Nederlandse televisie,’ zegt zijn collega Koen Sebregts, universitair docent taalvariatie in Utrecht. ‘Sinds de jaren tachtig maken de presentatoren meer gebruik van spreektaal. In Vlaanderen staat de uitspraak van presentatoren bijvoorbeeld veel verder af van de manier waarop in de huiskamers gesproken wordt. Er is dus wel iets aan de hand met het taalgebruik. Door het dichter bij de mensen te zoeken, wordt de afstand tussen de omroep en sommige mensen juist groter. Zij horen misschien liever standaard en bekakt dan een regionaal accent.’

Smakman vraagt zich vooral af waarom televisiekijkers zich zo druk maken over de uitspraak. ‘Dat heeft volgens mij te maken met het feit dat mensen zoeken naar houvast in een globaliserende wereld waarin alles lijkt te veranderen. Dan is het achtuurjournaal een soort norm waarvan niets mag afwijken. De presentatoren zijn volledig verstaanbaar; dat mensen zich storen aan hun uitspraak is meer iets sociaal-psychisch. Die mensen hebben waarschijnlijk wel meer problemen. Er gebeurt zo veel in de wereld, en dan maak je je druk over de r van de nieuwslezer. Ik kan dat niet begrijpen, al vind ik het wel fascinerend.’

R-gernis

Gevraagd naar de klank die de meeste ergernis opwekt, steekt er eentje bovenuit: de r. Die wordt maar liefst 110 keer genoemd, vier keer zo veel als de nummer twee: de ei of ij. Televisiekijkers vinden de r te hard, te Goois, te bekakt, of te veel lijken op een g.

Taalwetenschapper Sebregts weet hier alles van, want hij promoveerde in 2015 op de grote variatie in uitspraak van de r in de Nederlandse taal. ‘Het leuke aan het bestuderen van de r is juist dat hij zo variabel is. Ik ben er in mijn onderzoek niet helemaal achter gekomen hoe het zit, maar het heeft waarschijnlijk te maken met de originele Nederlandse tongpunt-r. Die is vrij moeilijk uit te spreken en dat leidt tot veel variatie.

Sebregts vindt het raar dat mensen zo over de r vallen, omdat iedereen hem toch anders uitspreekt. ‘Aan de andere kant is de Gooise r wel sterk in opkomst. Die hoor je meer bij mensen uit het westen van het land en bij vrouwen. Daarnaast kan een sterke huig-r, zoals Toine van Peperstraten heeft, soms verward worden met de g. Ik heb een Brabantse achtergrond en mij is ook weleens overkomen dat men dacht dat ik ‘big’ zei terwijl ik ‘beer’ bedoelde.’

'Ik vind het accent van Jeroen Overbeek zo onverdraaglijk dat ik elke nieuwsuitzending oversla die hij presenteert. Eigenlijk is het een schande'

Een van de respondenten

De andere klanken die veel genoemd werden, zijn de verschuivingen van de klinkers van ij naar ai, ou naar au. ‘Dat maakt deel uit van een grote verandering in de uitspraak van het Nederlands die nu gaande is,’ aldus Sebregts. ‘Dat is het zogenaamde Poldernederlands, dat vanuit het westen Nederland overneemt. Ik kan me wel voorstellen dat mensen die zelf nog niet zo praten dat vervelend vinden om te horen, verandering is nou eenmaal lastig voor veel mensen.’ Maar ook deze taalwetenschapper vindt dat de ergernis aan klanken meer zegt over de luisteraar dan over de spreker. ‘De attitude van mensen over andermans accent komt direct voort uit de vooroordelen die ze hebben over bepaalde groepen. Dat is wetenschappelijk aangetoond.’

‘Mensen uit de Randstad zijn notoir slecht in het verstaan van andere accenten,’ zegt Smakman. ‘In Nederland is de tolerantie voor regionale accenten ook heel laag, vergeleken met andere landen.’

(tekst gaat verder onder afbeelding)

Kritiek

Ook bij de publieksservice van de NOS komen regelmatig opmerkingen en klachten binnen over de uitspraak van de presentatoren. ‘Het uitgangspunt voor een presentator van het Journaal is dat hij of zij journalist is en kan presenteren,’ zegt Journaal-hoofdredacteur Marcel Gelauff. ‘Daar begint het. En natuurlijk moet zo iemand de boodschap helder en duidelijk verstaanbaar kunnen overbrengen. Een licht accent is geen probleem, maar het moet niet afleiden.’ Kritiek is Gelauff wel gewend. ‘Het Journaal is van ons allemaal. Er kijken elke dag miljoenen mensen en die hebben allemaal een mening, dat hoort bij Nederland. Dat gaat van de uitspraak van de presentator tot de onderwerpkeuze en de kleur van zijn of haar schoenen.’

Dat alles betekent niet dat men bij de NOS niet bezig is met de manier waarop de presentatoren spreken. Gelauff: ‘We hebben professionele begeleiding, zeker voor beginnende presentatoren. Het is een vak: hoe je een tekst leest, waar je accenten legt, het tempo en je manier van presenteren aanpassen aan het onderwerp. Daarom is er begeleiding van een coach; er blijft voortdurend aandacht voor. De beginners krijgen wat meer te horen dan Rob Trip, maar ook hij krijgt tips.’

(tekst gaat verder onder kader)

Een paar reacties uit het onderzoek

'Ik erger me ook altijd heel erg aan Brecht van Hulten. Ze stoot de K en de T altijd met veel kracht uit. Irritant.'

'Wat opvalt en een beetje komisch aandoet is dat ze allemaal het nadruksaccent op de 1e i.pv. de laatste lettergreep leggen in bijvoeglijke naamwoorden'

'Graag meer regionale tongval en weg met het 'randstadplat'.'

'De onfranse uitspraak van 'chauffeur' is ook heel irritant.'

'Als Sjoerd (Hamburger?) mijn zoon zou zijn, zou ik waarschijnlijk trots zijn. Het is echter mijn zoon niet en derhalve denk ik: waarom ambieer jij in vredesnaam een baan als presentator met je spraakgebrek. jij in hemelsnaam'

'De raspende, knetterend harde 'g' van de meeste tv presentatoren (niet alleen VPRO) is stuitend en walgelijk.'

Steenhuizen

Gevraagd naar de presentatoren die het meeste bloed onder de nagels vandaan halen, hebben de respondenten geen enkel probleem om namen en rugnummers te noemen. Matthijs van Nieuwkerk is, ondanks zijn miljoenenpubliek, het irritantst, waarschijnlijk omdat hij zo snel praat. Op nummer twee staat Eva Jinek, voormalig Journaal-lezeres die nu een eigen talkshow heeft. Pure kift, volgens Dick Smakman. ‘Als ik Eva Jinek zie, dan denk ik: goh wat ben jij mooi, succesvol, goed te verstaan en internationaal. Een echte wereldbewoner, die ook nog eens vloeiend Engels spreekt. Die zelfverzekerdheid steekt, en zo wordt de uitspraak in de oren van mensen erger. Vrouwen krijgen sowieso meer kritiek te verduren.’

Op plaats drie van de ‘irritante’ presentatoren staat Annechien Steenhuizen, sinds 2013 de vaste presentatrice van het achtuurjournaal. Opvallend, want als we kijken naar het rijtje van de presentatoren die volgens de respondenten het mooiste Nederlands spreken, dan voert zij het lijstje aan. Reacties van respondenten variëren van ‘niet om aan te horen met die rochelende r en lage mannenstem’ tot ‘prettige stem en dito uitspraak’. ‘Over smaak valt niet te twisten,’ zegt Journaal-hoofdredacteur Marcel Gelauff. ‘Ik denk dat Annechien buitengewoon helder en krachtig is en een heel eigen karakter heeft. Er zijn mensen die dat onprettig vinden. We hebben met Annechien bewust een uitgesproken keuze gemaakt en daar ben ik nog steeds heel blij mee.’

Steenhuizens achtuurcollega Rob Trip volgt haar op de voet in het lijstje van mooiste Nederlandssprekenden. Taalkundige Smakman weet wel waarom: ‘Hij is onopvallend, niet te hip, maar ook niet te ouderwets, niet aanstootgevend en dus ook een beetje kleurloos. Je zou ook kunnen zeggen: saai.’

'goedemow gow Neduwland is echt te erg. Dat kan toch zo niet.'

Een van de respondenten

Variatie

Klagers over afwijkende uitspraak vinden dus duidelijk geen weerklank bij de professionele taalwetenschappers. ‘Vanwege die doorgaande informalisering hoor je mensen op televisie soms een beetje mompelend spreken, maar dat zijn vooral de niet getrainde sprekers zoals talkshowgasten,’ zegt Sebregts. ‘Maar de belangrijkste drijfveer van de ergernis is volgens mij dat kijkers niet genoeg kunnen omgaan met variatie. Mijn advies zou zijn: juist meer variatie in uitspraak op televisie, zodat mensen eraan wennen. De BBC heeft dat ook bewust gedaan, door ook Schots- en Welshsprekende presentatoren aan te nemen. Dat leidt tot meer tolerantie.’

‘Mensen die geen variatie accepteren associeer ik met intolerantie,’ zegt ook Smakman. ‘Als een VPRO Gids-lezer zich hierom druk maakt, vind ik dat eerlijk gezegd triest. Ik zie het als breder probleem in persoonlijkheid. Klagers zijn vooral mensen die zichzelf heel correct vinden. Hiervoor haal ik graag de Franse socioloog en filosoof Pierre Bourdieu aan. Mensen die doorlopend met hun taal bezig zijn, doen dat om zichzelf qua identiteit op de kaart te zetten en het wijzen op taalfouten is onderdrukking van de onderklasse. Via taal laat je dus eigenlijk weten dat je op een ander neerkijkt. Dat is gevaarlijk, daarom zou je taalvariatie moeten omarmen.’ 

‘Nederland is niet eenvormig, dus onze presentatoren hebben niet allemaal het hetzelfde accent,’ zegt Marcel Gelauff van het Journaal. ‘Diversiteit is voor ons een kernwaarde, in achtergrond en dus ook in uitspraak. We willen divers zijn, anders zou je uitkomen op tien Harmen Siezens, dat is niet wenselijk.’

De vragen en antwoorden

Kunt u Nederlandse presentatoren op televisie altijd goed verstaan?

Als u ze niet goed kunt verstaan, hoe komt dat dan?

68       Slecht articuleren
54       Snelheid
38       Slechte/slordige uitspraak
33       Muziek/achtergrondgeluid
20       Binnensmonds/mompelen
18       Regionaal accent
13       Klemtoon
13       Inslikken
8          Spraakgebrek
6          Slechthorend

Heeft u er bezwaar tegen als een televisiepresentator een accent heeft?

Ergert u zich weleens aan de uitspraak van een televisiepresentator?

Aan welke presentator(en) ergert u zich?

32       Matthijs van Nieuwkerk
26       Eva Jinek
24       Annechien Steenhuizen
21       Rick Nieman
15       Mariëlle Tweebeeke
13       Dionne Stax
11       Jeroen Overbeek
11       Gerri Eickhof
11       Rob Trip
11       Willemijn Hoebert
11       Simone Weimans

Welke klanken vallen u dan het meest op?

110     r
35       ei-ij
31       s-z
28       o
24       g
20       Inslikken
19       Klinkers
18       v-f
11       Klemtoon
9         au-ou

Welke presentator vindt u het mooiste Nederlands spreken?

38       Annechien Steenhuizen
36       Rob Trip
27       Twan Huys
26       Adriaan van Dis
20       Paul Witteman
16       Mariëlle Tweebeeke
13       Eva Jinek
13       Jeroen Pauw
11       Astrid Kersseboom
11       Philip Freriks
10       Hans Goedkoop

Gemiddelde leeftijd respondenten

Geslacht