steun vpro

2002

Al jaren onderhoud ik een dubieuze relatie met airconditioning. In mijn appartement in New York heb ik geen airconditioning, terwijl naar mijn idee, ongetwijfeld een waanidee, de zomers in New York steeds heter worden. Bijkomend voordeel is dat ik maar een deel van de zomer in New York ben, dus ik kan altijd zeggen: ‘Voor die paar weken hoef ik geen airconditioning te kopen.’ Op soortgelijke wijze heb ik de aanschaf van een nieuwe winterjas al een paar jaar achter elkaar succesvol uitgesteld.

Al jaren onderhoud ik een dubieuze relatie met airconditioning. In mijn appartement in New York heb ik geen airconditioning, terwijl naar mijn idee, ongetwijfeld een waanidee, de zomers in New York steeds heter worden. Bijkomend voordeel is dat ik maar een deel van de zomer in New York ben, dus ik kan altijd zeggen: ‘Voor die paar weken hoef ik geen airconditioning te kopen.’ Op soortgelijke wijze heb ik de aanschaf van een nieuwe winterjas al een paar jaar achter elkaar succesvol uitgesteld.

Ik heb overigens wel een ventilator die ten dele symbolisch functioneert. Als ik hem te dicht bij mijn bureau zet, waaien alle papieren weg.

In hotels maak ik daarentegen wel dankbaar gebruik van airconditioning. In de zomer van 2012 bracht ik tien dagen door op het eiland Capri. De hitte was intens, de airconditioning in de kamer een zegen. In New York verkondig ik regelmatig: ‘Van airconditioning word je ziek.’

Op Capri had ik kennelijk andere opvattingen.

Ook in de Chaco in Paraguay, bijgenaamd de ‘groene hel’, heb ik in de winter van 2007 dankbaar gebruikt gemaakt van airconditioning. De middagen daar waren zo heet, dat toen mijn toenmalige vriendin en ik op een middag te gast waren in een dorp waar wij niet logeerden, wij voor een paar uur een hotelkamer namen om te kunnen afkoelen.
Tijdens mijn eerste reis naar Afghanistan sliep ik op Kandahar Air Field in een veredelde tent waar gelukkig iets van koude lucht naartoe werd geblazen.

Dit schrijf ik in de hitte van Caïro. Ik heb net de airco uitgezet, het werd me te koud op mijn kamer.

Extreme hitte of extreme kou is meer dan alleen het weer. Het weer wordt een ‘state of mind’. Niet dat ik dat onaangenaam vind. Een aanzienlijk deel van mijn roman De asielzoeker heb ik in de hitte geschreven. Altijd als het heet is moet ik denken aan die roman en de hoofdpersonages, die net als ik de aanschaf van airconditioning uitstellen.

De hitte fixeert de tijd. Dankzij de hitte is het altijd een beetje de zomer van 2002.