Verveling

, Arnon Grunberg

Een korte verhandeling over verveling.

1. Toerisme is zowel verveling als de sublimatie ervan.


2. Pascal beweerde, zoals ongetwijfeld bekend, dat het meeste kwaad bestaat omdat de mens niet kan stilzitten in zijn kamer. Je zou kunnen zeggen dat het kwaad bestaat omdat de mens geen genoegen neemt met zijn verveling. Hij wil die verveling bestrijden. Zou het kunnen zijn dat de mens meer dan de meeste andere dieren behoefte heeft aan bestrijding van verveling? 
Je zou kunnen stellen dat de mens, althans de meeste mensen in pakweg West-Europa, zijn primaire behoefte dusdanig goed heeft vervuld dat hem weinig anders rest dan verveling.


3. Voortplanting in tijden van voorbehoedsmiddelen is de bestrijding van verveling met radicale middelen.


4. Niemand verveelt zich beter dan de adolescent. Hij lijkt samen te vallen met die verveling, hij kan er niet aan ontkomen. Zijn wezen is ervan doordrongen. De vrees dat de ondraaglijke saaiheid van het bestaan eeuwig zal zijn, overvalt hem geregeld. Naderhand verheerlijken mensen deze periode in hun leven. Zorgeloosheid blijkt in de praktijk een synoniem voor verveling.

5. Ooit zei een bevriende acteur na het zien van een toneelstuk waarin ik meespeelde: 'Het was soms saai, maar seks is ook soms saai.' Hij had zich vermoedelijk verveeld. Waar saaiheid opduikt is de verveling nooit ver weg. Is verveling een gevolg van de herhaling? Zeker, maar niet uitsluitend. Is een voltooid leven een leven met te veer herhaling? Is te veel herhaling een uitleg van wat verveling eigenlijk is?


6. Iemand zei: 'Leven is voor de bedienden.' Ik weet helaas niet meer wie. Leven verveelde diegene. Daarom was het voor de bedienden. Zo stel ik me dat althans voor.


7. Alle ambitie is ook een manier om de saaiheid buiten de deur te houden. Over gokken kan hetzelfde worden gezegd. Voor de bourgeois moet de dakloze een opwindend leven leiden. Daarom waren (zijn) socialisme, idealisme en communisme misschien populair onder de bourgeoisie.


8. Ook populisme is verveling.


9. Alleen voor heiligen en monniken is het weggelegd om betekenis te vinden in verveling. De rest van de mensen is gedoemd die verveling te bestrijden en uiteindelijk te sterven.