echec irak

, Maarten van Bracht

In de Irak-oorlog stapelden de Verenigde Staten en Groot-Brittanniƫ fout op fout. Het drieluik The Iraq War, te zien in VPRO Import, gaat na hoe dat kon.

Colin Powell en George Bush

VPRO Import: The Iraq War, deel 1: Regime Change

Donderdag, Nederland 2, 0.05-1.07 uur
 

Ook de nasleep van de oorlog tegen Saddam Hoessein en zijn regime kan niet anders dan desastreus worden genoemd. Onder aanvoering van Bush en Blair werd in 2002 onder valse voorwendsels een oorlog begonnen die minstens honderdduizend Irakezen het leven kostte en ook na het vertrek van de Amerikanen en Britten als bloedige burgeroorlog voortduurt.
Tien jaar na de val van Saddam stelde productiehuis BrookLapping de documentaire The Iraq War samen, waarin de aanleiding voor de inval in Irak wordt verhaald, de val van het regime en de wrede naweeën van de oorlog. Dit drieluik onder regie van Norma Percy (eerder goed voor Putin, Russia and the West, Israel and the Arabs en The Death of Yugoslavia) is nu te zien in VPRO Import.
Hoge politici, militaire functionarissen en andere ingewijden, onder wie Dick Cheney, Tony Blair, Colin Powell en zijn Irakese ambtgenoot Naji Sabri, proberen de vraag te beantwoorden waarom het zo mis heeft kunnen gaan. Ze vertellen hoe ze worstelden met ingrijpende beslissingen en met elkaar, en hoe ze er zo naast konden zitten inzake Saddams non-existente massavernietigingswapens. Hun betoog wordt afgewisseld met archiefbeelden, terwijl een verteller de gebeurtenissen op gedempte toon aan elkaar last.

Verkeerd beeld
Het eerste deel, ‘Regime Change’, begint in januari 2002, vier maanden na ‘9/11’ en de afkondiging door Bush van zijn ‘war on terror’. Cheny achtte na het verdrijven van het Taliban-regime in Afghanistan de tijd rijp voor de volgende stap: Saddam uitschakelen. Tien jaar eerder was de dictator weliswaar verslagen in de Eerste Golfoorlog, maar niet uitgeschakeld. Salem Jomaili van de Iraakse geheime dienst vertelt hoe hij vlak na ‘9/11’ de volgende boodschap te horen kreeg: ‘America wants Iraq to commit to the war on terror (...) against Al-Qaeda.’ Vicepremier Tariq Aziz wilde de Amerikanen wel helpen, maar Saddam weigerde.
Vervolgens werd ingezet op een aanleiding die een inval in Irak moest rechtvaardigen: massavernietigingswapens. Hoge cia’ers en Saddams minister Sabri beschrijven hoe Amerikanen en Britten een volkomen verkeerd beeld hadden van de aanwezigheid van zulke wapens. Blair vertelt hoe hij onder vier ogen met Cheney overlegde, minister van Buitenlandse Zaken Jack Straw hoe hij Blair en Bush ervan probeerde te overtuigen dat een invasie in Irak rampzalig zou uitpakken, Colin Powell hoe hij ertoe kwam om een volkomen verkeerde voorstelling van zaken te presenteren aan de Verenigde Naties.
Dat Amerikanen en Britten overtuigd raakten van de aanwezigheid van massavernietigingswapens moet vooral op het conto worden geschreven van Naji Sabri. Die zou in 2002 via een in Frankrijk wonende Arabische journalist aan de cia hebben laten weten dat Saddam een chemisch en nucleair wapenprogramma had. Sabri ontkent iets over wapentuig te hebben doorgebriefd; een pas benoemde minister van Buitenlandse zaken onder Saddam was in zoiets niet ingewijd.

Naji Sabri

Tegels gelicht
Maar hoe zat het nou echt met die massavernietigingswapens? Saddam had ze nog na de Eerste Golfoorlog, maar in 2003 was er niks meer. Volgens generaal Hoessam Amin werden ze al in 1991 op last van Saddam vernietigd: ‘Hij gaf opdracht om dat niet op papier vast te leggen. Waarom? Omdat documenten kunnen uitlekken.’ Wat de vraag oproept waarom Saddam dit niet aan de vn heeft gemeld, om zo sancties en oorlog te voorkomen. Fascinerend is ook dat Saddams eigen generaals dachten dat hij over massavernietigingswapens beschikte. Hamdani was bang dat Saddam ze zou inzetten bij een invasie en dan ook Iraakse troepen in gifgas zou smoren. Hij legde dit voor aan Saddams zoon Qusay. ‘Geen zorgen,’ zei deze, ‘we hebben ze niet. Zelfs geen chemische wapens.’

Zo worden in The Iraq War de nodige tegels gelicht. Na de uitzending in Engeland was er naast lof ook kritiek. Waarom werd bijvoorbeeld slechts één keer getoond dat Saddam niet goed bij zijn hoofd was, namelijk toen hij in een krankzinnige speech aankondigde de Amerikanen te verslaan en Jeruzalem te bevrijden? En waarom blijft Israël, dat in de Eerste Golfoorlog nog door Saddam met
scudraketten is bestookt, geheel buiten beschouwing?
Blair geeft in de film geen blijk van spijt, integendeel. Het Midden-Oosten was klaar voor een remake, luidt zijn verweer: ‘I wanted my country to be part of it’. Telkens wanneer de oud-premier aan het woord komt, hangt een schaduw over de helft van zijn gelaat. Maar dat is natuurlijk toeval.