Haar experimentele opera The Ten Murders of Josephine leverde de Rotterdamse kunstenaar Rana Hamadeh de Prix de Rome 2017 op.

De Prix de Rome, de meest prestigieuze Nederlandse prijs voor beeldende kunst, is bestemd voor in Nederland werkzame kunstenaars onder de veertig jaar en bestaat uit 40.000 euro en een werkperiode van drie maanden aan de American Academy in Rome. De jury nomineerde vier kunstenaars: Melanie Bonajo (1978, Heerlen), Rana Hamadeh (1983, Beiroet, Libanon), Saskia Noor van Imhoff (1982, Mission, Canada) en Katarina Zdjelar (1979, Belgrado, Servië). Gedurende vijf maanden maakten zij met een budget van 7500 euro nieuw werk, dat nu te zien is in de Rotterdamse Kunsthal.

Als Rana Hamadeh de Prix de Rome Beeldende Kunst 2017 ontvangt, wil ze de eer meteen delen. 'The Ten Murders of Josephine is niet alleen van mij, er is een groot team bij betrokken,' deelt ze mee. De Rotterdamse kunstenaar noemt Jorg Schellekens, die haar hielp met het geluid en het licht, operazangeres Gerrie de Vries, programmeurs en technische experts, zoals Arthur Sauer, André Castro en Radovan Misovic.

In 2006 studeerde Hamadeh cum laude af aan het Dutch Art Institute in Arnhem. Haar werk omvat video, performance en 'performatieve lezingen'. Ze laat zich onder meer inspireren door wetenschappelijke, historische, literaire en activistische bronnen. Haar grootschalige project The Ten Murders of Josephine begon met een studiegroep over burgerschap en mondde uit in een voortdurend veranderende, interactieve tentoonstelling in Witte de With Center for Contemporary Art in Rotterdam. Die tentoonstelling fungeerde weer als decorwerkplaats en openbare repetitieruimte voor een opera, die op 14 december 2017 in première ging in Theater Rotterdam. Dit jaar volgen een internationale tournee, een film en een boek.

martelmuziek

Net als Hamadeh’s voorgaande, meerjarige project Alien Encounters (2011-2017) draait ook haar werk in de Kunsthal om de relatie tussen burgers en staat. Haar installatie oogt als een opnamestudio: een raamloze ruimte, volledig bekleed met donkergrijs tapijt en dempende schuimpanelen. Zodra je er binnenstapt, nestelen indringende geluiden zich diep in je oren. Een spookachtige vleugel begint plotsklaps uit zichzelf te spelen. Plaknotities naast een telefoon manen je om Josephine te bellen. Op een bord staan onnavolgbare grafische notaties, de graphic score van de opera The Ten Murders of Josephine.

De installatie maakt de detective in je wakker, maar al snel wordt duidelijk dat deze tienvoudige moord zich niet zomaar laat oplossen. Daarvoor tuimelen er te veel referenties over je heen. De titel blijkt te verwijzen naar Kafka's verhaal Josefine, die Sängerin oder Das Volk der Mäuse, de grafische partituur rept van martelmuziek uit Guantanamo Bay, een Palestijnse oratie en de eerste robot met staatsburgerschap – de Saoedi-Arabische Sophia. Als je even wilt bijkomen op een ogenschijnlijk doodgewoon bankje, verdwijnt je laatste restje grip op de zaak. Het overdonderende geluid dat de ruimte vult, wordt door het bankje vertaald in gebonk en getril dat tot diep in je botten en tanden doordringt.

(De tekst loopt verder onder de afbeelding.)

publieke betrokkenheid

Toen ze de Prix de Rome overhandigd kreeg door minister Ingrid van Engelshoven (Onderwijs, Cultuur en Wetenschap) zei Hamadeh dat ze de toekenning niet alleen opvat als waardering voor haar werk, maar ook als een uiting van publieke betrokkenheid. 'Daarmee bedoelde ik dat ik hoop dat de prijs een uiting is van publieke betrokkenheid met betrekking tot het pleidooi dat erin schuilt,' licht ze toe. 'Mijn werk komt grotendeels voort uit gesprekken: het gaat niet alleen om mijn persoonlijke ideeën, maar ook om grotere, publieke belangen. In mijn ogen leven we in bijzonder verontrustende tijden, waarin de ethische opdracht om te proberen naar elkaar te luisteren en elkaar te begrijpen, wordt overschaduwd door rechtse sentimenten.

Een van de bronnen voor mijn werk in de Kunsthal is een juridisch document uit 1783 over het van origine Nederlandse slavenschip Zorg, dat door de Britten werd buitgemaakt en de naam Zong kreeg. De Zong vervoerde tot slaaf gemaakte mensen van Ghana naar Jamaica, maar in 1781 liep het schip vertraging op na een aantal navigatiefouten. Hierdoor ontstond een drinkwatertekort aan boord en de kapitein besloot 150 tot slaaf gemaakten te laten verdrinken. Hij dacht hiervoor een verzekeringsclaim te kunnen indienen, maar de verzekeringsmaatschappij reageerde als volgt: "Wij vermoeden dat het hier om mensen ging, niet om lading. Hier is sprake van moord." Een tot slaaf gemaakte werd weliswaar beschouwd als handelswaar, maar de verzekeringsmaatschappij rook een kans om niet te hoeven betalen.'

gruweldocument

'Het rechtbankverslag is het enige document over de massamoord op de Zong dat bewaard is gebleven. Het gaat er slechts indirect over, maar je kunt de moordpartij reconstrueren aan de hand van het getuigenis van de moordenaar en dat van het juridische systeem, dat daarvoor dergelijke moorden altijd had gelegitimeerd. Als iets juridisch wordt erkend, heeft dat grote financiële consequenties. Dat is vandaag de dag net zo. De waarde van een mensenleven is gekoppeld aan financiële waarde en juridische status: belastingen, verzekeringen, investeringen. Daarom maken de media meer ophef over een dode Amerikaanse soldaat dan over een dood Syrisch kind. Rouw is verbonden met geld.

De verzekeringszaak over de Zong geldt als een emancipatoire mijlpaal, want de verzekeringsmaatschappij won. De status van de tot slaaf gemaakte veranderde van ding naar persoon. Maar ik wil benadrukken dat het motief financieel was, niet ethisch. Ik pleit niet voor vernietiging van dit gruweldocument. De stemmen van de vermoorden zitten erin verstopt. Alleen aan de hand van dit document krijgt de verbeelding toegang tot hun gruweldood.

Ik wil het beeld dat mensen hebben van burgerschap veranderen en de gedachte overbrengen dat wij als hedendaagse rechtspersonen, erkend als burgers in plaats van dingen, nog altijd verbonden zijn met dezelfde juridische logica en machtspolitiek die uit dat juridische document van 1783 spreekt. We nemen ons staatsburgerschap aan als een vanzelfsprekendheid, maar het is een privilege dat voortkomt uit een specifieke geschiedenis. Ik gebruik mijn kunstprojecten om ons gevoeliger te maken, om onze relatie tot de staat en tot allerlei machtige bedrijven te herzien. Ik wil mensen bewustmaken van situaties waar te veel lawaai of te veel stilte heerst.

Als tentoonstellingsbezoeker is het niet noodzakelijk om je tot in detail te verhouden tot alle theorie achter het werk. Je kunt je ook simpelweg aan de ervaring overgeven. Het gaat juist om het stokken van het begrip. Over het uitgewiste, onverstaanbare, getikte – alles wat aan het bevattingsvermogen ontsnapt. Laten we ons daar eerst eens aan uitleveren en zien wat er dan gebeurt.'

De tentoonstelling van de Prix de Rome 2017 met het prijswinnende werk van Rana Hamadeh en de presentaties van de genomineerde kunstenaars – Melanie Bonajo, Saskia Noor van Imhoff en Katarina Zdjelar – is tot en met zondag 25 februari 2018 te bezoeken in de Rotterdamse Kunsthal.