Bruegel met stroop

Waarom de wereld soms wel een beetje meer Pieter Bruegel de Oude kan gebruiken

, Merel van Ommen

Een Rembrandt hang je aan de muur, een Bruegel ­gebruik je als placemat. Dat lijkt althans het vernie­tigende oordeel van de Nederlander. Jammer, want een beeldverhaal van de Vlaamse schilder is vaak het startpunt van een goed gesprek.

Wie in de historische binnenstad van Leiden aanschuift in pannenkoekenhuis De Schaapsbel krijgt precies wat hij of zij verwacht. Er zijn rieten stoeltjes en geblokte tafelkleden. De pannenkoeken zijn ambachtelijk gebakken (in een gietijzeren pan), de appeltaart wordt er geserveerd met een toef slagroom (formaatje pre-killer-body-tijdperk). En net zoals in veel andere pannenkoekenhuizen en pizzeria’s in Nederland siert het eet- en drinkgelag van De boerenbruiloft van de Vlaamse renaissancekunstenaar Pieter Bruegel de Oude de papieren placemat. 

Het is dankzij die wegwerpplacemats dat veel Nederlanders vertrouwd zijn met een van de bekendste scènes uit het oeuvre van de Vlaamse schilder. Bruegel (ca. 1525-1569) was een van de grondleggers van de genreschilderkunst die het dagelijks leven van de ‘gewone man’ vastlegde. Sommige kunsthistorici menen dat Bruegel, verkleed als boer, undercover ging om zo het dorpsleven beter te kunnen bestuderen. Kunstwerk De boerenbruiloft werd waarschijnlijk in 1568 afgerond, een tijd waarin Spaanse troepen de Brusselse stedelingen het leven moeilijk maakten. Vredige, idyllische beelden van het boerenleven zullen in die tijd gretig aftrek hebben gevonden bij de geplaagde elite. 

Het al even vredige pannenkoekenpandje vormt het openingsdecor van het verrassende programma Vlaanderen volgens Bruegel. Terwijl de Vlaamse presentator, theatermaker en kunstenaar Lucas De Man een ‘pannenkoek Bruegel’ (met extra veel rozijnen) aansnijdt, legt hij uit dat Nederland het jaar van Rembrandt viert vanwege het 350ste sterfjaar, maar dat België eveneens reden heeft voor een feestje. Dit jaar is het namelijk precies 450 jaar geleden dat ‘hun’ Bruegel stierf. Vlaanderen volgens Bruegel, dat het werk van Bruegel nieuw leven wil inblazen, wordt op zijn sterfdatum, 9 september, uitgezonden. 

Verdwalen

Wat betreft hun meesterschilders lijken Nederland en België bijna nergens méér te verschillen. Rembrandt, met zijn dramatische composities, losse toetsen, aristocratische portretten en spannende licht-donkercontrasten, is sexy. Bruegel – ook wel Boeren-Bruegel of Pier den Drol [‘drollig’ is Vlaams voor humor die soms op, maar meestal over de rand is, red.] genoemd – wordt vaak als veel platter beschouwd. Figuurlijk én letterlijk, trouwens. De Bruegel die ooit in Tussen kunst en kitsch werd ontdekt, bleek jarenlang in een keukenla te hebben gelegen. Dit meesterwerk werd eveneens als onderzetter gebruikt. Dit keer niet voor de pizza’s, pasta’s of pannenkoeken, maar voor de theepot. 

Breugel laat de wereld zien zoals die was. Met veel mededogen voor de mens.

Katja Harterink

Zelfs eindredacteur Katja Harterink had aanvankelijk een beetje een oppervlakkig beeld. ‘Bij zijn werk dacht ik altijd meteen aan kinderspelen. Of aan schaatsende mensen. Een beetje tuttig, een beetje dorps. Juist dat beeld is blijven hangen bij het grote publiek, terwijl hij eigenlijk een ontzettend goede schilder was. Als je écht goed kijkt naar zijn werk kom je in werelden terecht waarvan je je niet kunt voorstellen dat ze aan de fantasie van slechts één persoon zijn ontsproten. In een Bruegel kun je eindeloos verdwalen, weet ik nu.’ 

Vlaanderen volgens Bruegel volgt twee vertellijnen. De ene lijn draait helemaal om de kunsthistorische vraag waarom Bruegel nu zo’n groot visionair kunstenaar was. Onder anderen Friso Lammertse van Museum Boijmans Van Beuningen, waar De Toren van Babel hangt, komt aan het woord. Maar ook de Vlaamse onderzoeker Tine Meganck, die acht jaar op twee schilderijen studeerde, en de Vlaamse krentenexpert Maarten Bassens geven vanuit hun eigen expertise antwoord op die vraag. Bassens stelt momenteel een expositie samen met prenten van Bruegel voor het Brusselse Bozar. Deze zal in oktober openen. 

Familiedrama

Wat de schilderijen van Bruegel volgens de experts onder meer anders maakt dan bijvoorbeeld het werk van zijn grote inspirator Jheronimus Bosch, is dat deze veel minder moralistisch zijn. Hel of hemel? Bruegel houdt altijd de opties open, waardoor de toeschouwer experimenteerruimte krijgt om zélf tot een lezing te komen. Harterink: ‘Hierdoor is zijn werk op heel veel verschillende manieren te interpreteren. Heel erg modern, eigenlijk. Zijn kunstwerken zijn de ultieme gespreksstarters. Hij laat de wereld zien zoals die was. Met overduidelijk veel mededogen voor de mens.’ 

De boerenbruiloft

Neem bijvoorbeeld De boerenbruiloft. Op het eerste gezicht lijkt het een eenvoudig tafereeltje. Wie beter kijkt ontdekt hoe gedetailleerd het schilderij eigenlijk is. De bruid met de geheimzinnige glimlach is het centrum van dit schilderij. Tussen twee sjouwers – die het feestgezelschap voorzien van rijstebrij – door zie je haar precies in het midden zitten.

Achter haar is de schuur volgepakt met hooi. Waarom praat niemand van haar (schoon)familie tegen haar? Is het omdat ze alleen maar oog hebben voor de rijstebrij? Of is er iets anders aan de hand? En waar is de bruidegom eigenlijk? Onlangs bleek uit röntgenonderzoek dat Bruegel aanvankelijk een vrijend stelletje in het hooi had geschetst, maar dat uiteindelijk besloot over te schilderen. Het zal toch niet dat de bruidegom…? En voilà: voor onze ogen ontvouwt zich een complex familiedrama waar hedendaagse beeldverhalen als The Affair, Bonusfamiljen of Festen nog een puntje aan kunnen zuigen.

Breugel prikt de polarisatie door

De tweede lijn van de programma maakt gebruik van Bruegels schilderij als conversation piece. Een vrolijk palet aan bekende Vlamingen gaat met De Man een goed gesprek aan over hun interpretatie van Bruegels bekendste schilderijen. Wat vinden zij nog terug van Bruegel in het Vlaanderen van nu? Tijdens een wielerkoers in het Vlaamse Pajottenland vertelt schrijver Dimitri Verhulst over de clichés van het Vlaamse volk. Komiek Jens Dendoncker legt Breugels typische Vlaamse humor uit. De Belgische Koen Vanmechelen, die als kunst een hybride of kosmopolitische kip wil fokken, voelt zich verbonden met de zestiende-eeuwse schilder en tekenaar, omdat óók hij identiteit ter discussie stelt. 

Actueel

Een van de interessantste lezingen is die van schrijver Jeroen Olyslaegers. Hij betwijfelt of het net gerestaureerde paneel Dulle griet ['dul' betekent hier 'woest', 'hels', red.] nu wel echt een vrouw verbeeldt. (Het beroemde schilderij, dat vanwege Bruegels 450ste sterfjaar weer terug in Antwerpen is, was overigens ook de inspiratiebron voor het gelijknamige Suske en Wiske-album.) Want zien we daar niet een duidelijke adamsappel? Nu er op meerdere plekken in de wereld een verhitting van mannelijkheid plaatsvindt, is die ontdekking een louterende vondst: een dulle griet die voorbij man- vrouwverschillen gaat en symbool staat voor een completer menswordingsproces. ‘Bruegel prikt de polarisatie door,' vat Harterink samen. 

En daarmee daagt Vlaanderen volgens Bruegel uit om álle Bruegels opnieuw onder de loep te nemen. Triomf van de dood, bijvoorbeeld, toont stervende mensen van verschillende sociale standen – boer, edelman, koning of kardinaal. Het schilderij is hilarisch én dieptragisch tegelijk. En nog steeds hartstikke actueel. Van elites tot de gele hesjes: in levenden lijve is er strijd, maar dood gaan we uiteindelijk allemaal. Ander voorbeeld: Jagers in de sneeuw, het poëtische kunstwerk dat figureert in Lars von Triers apocalyptische Melancholia (2011). 

Het werk is juist nu verontrustend relevant. Bruegel vond de geschilderde sneeuwscène uit tijdens de vreselijke winter van 1565. De wereld werd in dat jaar ijzingwekkend wit. Vogels stierven, fruitbomen vroren dood en jagers zagen hun buit slinken. Het zou een voorteken zijn, want in de renaissance veranderde het klimaat merkbaar. Dit keer was het geen stijgende zeespiegel die werd gevreesd, maar juist verpletterende gletsjers. In dat dreigende landschap heeft de mens verschillende opties, iets wat Bruegels beeldverhaal griezelig goed weet te vangen: de schouders laten hangen, zwieren op het gladde ijs óf een vuurtje stoken.

In een tijd waarin tegenstellingen groter lijken te worden, kan de wereld wel een beetje meer Bruegel gebruiken. Soms is het misschien zaak ons niet direct op de dampende pannenkoek te storten, maar eerst de mooie placemat te bestuderen. En dan te bespreken wat we zien. Durven we onze eigen projecties in heroverweging te nemen? Aan die eettafel rest er dan nog slechts één taboe: of de geboortegrond van Bruegel nu Vlaams of toch Nederlands was. Want die discussie is nog steeds zó verhit, daar helpt een pot stroop zelfs niet bij. 

2Doc: Vlaanderen volgens Bruegel
Maandag 9 september, NPO 2 20.25-21.20 uur