Jamper

, Hugo Blom

Vergaderingen die vastlopen worden nogal eens geforceerd vlot getrokken door de luchtige constatering dat het slechts om een ‘semantische kwestie’ gaat. Over tot de orde van de dag, afhameren die handel, het zijn maar woorden. Als iemand deze bezwering gebruikt, word ik wakker. Niet dat ik lag te slapen – nu ja, heel soms maak ik een klein mentaal tripje –, maar bij het horen van de woorden semantische kwestie krijg ik er meteen weer zin in. Niets leuker dan een vol uur discussiëren over de lading van één woord. Staat er wat er staat of gaat er een wereld van verschil, een poel van ellende, een veel groter verhaal achter schuil? Er zijn mensen die ieder woord dat ze zien moeten lezen. Moeten. Het is een verplichting, het is zonde wanneer het woord ongelezen blijft en zonder betekenis.

Drie taalkundigen vergeleken het vocabulaire van Nederlandstalige rappers met dat van literair werk van onder anderen Harry Mulisch en Ilja Leonard Pfeijffer. De laatste, niet voor niets dichter én romancier, eindigde bovenaan, op de voet gevolgd door de Nijmeegse rappers van Zo Moeilijk, zo meldde de Volkskrant. Naast het artikel stond een tekst van Zo Moeilijk waaruit ik gelukkig maar één woord hoefde op te zoeken: jamper. Dat staat natuurlijk niet in de Van Dale, maar wel in de Urban Dictionary. Alles wat ik niet begrijp op social media vind ik daar terug, inclusief de datum waarop het werd ingevoerd. Voor jamper (2008) varieert de betekenis van ‘cool, awesowe, shiny’ tot ‘An alternative word for jumper, most commonly found as the result of one too many jazz flutes’. Jazz flute? Daar gaan we weer. Het is één grote semantische kwestie.