Het financieringsmodel van de landbouw is behoorlijk vastgelopen. Hoe kan de sector zichzelf opnieuw uitvinden?

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Hoe fixen we het failliete verdienmodel van de landbouwsector?

Daan Kuys - 24 september

Het financieringsmodel van de landbouw is behoorlijk vastgelopen. Hoe kan de sector zichzelf opnieuw uitvinden?

De landbouwsector zit met een groot probleem. Schaalvergroting en intensivering hebben het Nederlandse landschap de afgelopen decennia gemaakt tot wat het nu is: een lappendeken van monoculturen. Maar nu we ook in Nederland de gevolgen van de stikstof-, biodiversiteits- en klimaatcrisis beginnen te voelen, daalt het besef in dat dit landbouwmodel niet houdbaar is.

Alleen, hoe draai je zo’n grootschalige ontwikkeling weer om?

Een groot deel van het probleem zit bij de financiering, zo liet Follow the Money zien in elf mooie grafieken. Drijvende kracht achter de intensivering is de Rabobank, de grootste financier in de Nederlandse agrarische sector. De bank adviseerde haar agrarische klanten decennialang om uit te breiden, met een groeiende schuldenberg bij boeren en flinke winsten voor de Rabobank tot gevolg. 

De biodiversiteits-, stikstof- en klimaatcrisis dwingt boeren nu om te extensiveren en minder grootschalige omzetten te draaien. Maar de Rabobank is daar niet op ingesteld en kan nauwelijks afschrijven op haar leningen. Inmiddels circuleren er bij het ministerie van Landbouw scenario's om boeren uit te kopen met belastinggeld, zo meldde NRC. Kosten: tot 17 miljard euro.

Hetzelfde, maar dan anders

Is het uitkopen van boeren en de Rabobank een eerste stap naar een duurzamer financieringsmodel? ‘Wellicht is het een mogelijkheid om de spiraal van de afgelopen dertig jaar te doorbreken,’ zegt Franke Remerie, mede-oprichter van Land van Ons, een coöperatie die experimenteert met een nieuw financieringsmodel voor een biodiverse landbouw.

‘Maar het is mij nog niet duidelijk wat er met die grond gaat gebeuren. Als die wordt ondergebracht bij boeren die door mogen gaan, dan verander je niets aan het systeem.'

Je moet het eigendom van die grond weghalen bij de boer, benadrukt Remerie. 'Die boer denkt nu: leuk en aardig dat ik minder koeien op een hectare mag houden, maar dat heb ik nodig voor m’n boterham. Maar als de boer dat besluit niet meer kan nemen omdat hij geen eigenaar is van de grond, dan wordt het voor de boer veel makkelijker. Grondeigendom en economisch gewin moet je loskoppelen.’

'We zouden probleemloos voor 200 miljoen euro aan landbouwgrond kunnen kopen'

Land van Ons vraagt burgers als aandeelhouder zónder dividendrecht geld te steken in grond. Met dat geld koopt Land van Ons landbouwgronden op die worden verpacht aan landbouwers die op een biodiversiteitsvriendelijke en extensieve manier willen gaan boeren. Voorwaarden voor de boeren: geen landbouwgif, zo min mogelijk monoculturen en herstel van hagen en houtwallen.

Remerie: ‘We doen eigenlijk hetzelfde als wat al die financiële mensen doen: grond financieren. Alleen we gaan we vervolgens op een hele andere manier met die grond om. En we nemen genoegen met minder opbrengst.’ Om de boer zoveel mogelijk ruimte te geven, houdt Land van Ons de pacht veel lager dan gebruikelijk. Met het geld kopen ze weer nieuwe landbouwgrond. ‘Het liefst zou ik die pacht op nul houden, maar daar zijn we nog niet.’

Is dit model volgens Remerie geschikt voor heel Nederland? ‘We doen het al in heel Nederland. We bezitten nu voor zo’n 11 miljoen euro aan percelen, en we zouden probleemloos nog voor 200 miljoen euro aan grond kunnen kopen.’

‘Het gekke is: we komen in Nederland om in het geld. Wat we tijdens corona extra hebben gespaard, omdat we het niet konden uitgeven aan zaken zoals bier, dat was drie keer zoveel als wat nodig is om de biodiversiteit in Nederland te herstellen. En dan heb ik het nog niet eens over het geld dat bij de pensioenfondsen zit.’

‘Vanaf twee tientjes kun je al met ons meedoen. Als we maar genoeg Nederlanders weten te enthousiasmeren om een stukje verantwoordelijkheid te nemen, dan hebben we dit probleem bij wijze van spreken volgend jaar opgelost.’

Anti-kapitalistisch experiment

David van den Berg, mede-oprichter van de stichting Kapitaloceen, gaat nog een stap verder. Ook Kapitaloceen zamelt geld in om land te kopen, maar vraagt voor het gebruik van de grond aan de landbouwers evenveel als de vogels met wie ze samenleven: niets. 

De voorwaarden zijn strenger. De helft van het land moet worden bestemd voor niet-mensen, die daar kunnen doen waar ze zin in hebben. Maximaal tien procent kan worden gebruikt door mensen en op de overige veertig procent kunnen bijvoorbeeld voedselbossen komen. Daar moet eerlijk worden gedeeld en samengeleefd tussen mens en niet-mens. Een radicaler scenario dan wat Land van Ons wil, maar, zegt Van den Berg: ‘In principe kun je daar nog steeds heel Nederland van voeden.’

'Wat als grond überhaupt geen eigenaar kent?'

De initiatiefnemer zegt op die manier land ‘uit de markt’ te kopen en te beschermen tegen haar grillen en geweld. De huidige problemen met de landbouwsector wijt Van den Berg aan de lage rente en steeds duurder wordende grond; vergelijkbaar met de huizenmarkt. Tegelijkertijd wordt de boer gedwongen te verkopen tegen supermarktprijzen. ‘Dat kan alleen als je héél veel eten produceert.’

De stichting Kapitaloceen zegt een anti-kapitalistisch experiment te zijn binnen een kapitalistisch systeem. Van den Berg: ‘Het idee is: wat als grond überhaupt geen eigenaar kent? In die zin zijn wij eigenlijk ‘Land van Niemand.’’

Van den Berg hoopt met het initiatief de vele jonge en idealistische boeren die er zijn, maar die nu vaak naar het buitenland trekken, in Nederland te houden. ‘Wij vinden het belangrijk om hier voet aan de grond te krijgen, op de plek waar het kapitalisme met de VOC is bedacht. Via Wageningen exporteert Nederland technologieën en ideeën naar de hele wereld. Daarom vinden we het belangrijk dat de ideeën hier veranderen. Dat gaat wereldwijd impact hebben.’

Rol van de Rabobank

Hoe ziet de Rabobank eigenlijk de toekomst van de Nederlandse landbouw? Dat het anders moet, vindt ook Carin van Huët, directeur Food & Agri bij de bank. Uitgangspunt daarbij is ‘verantwoord produceren’ en het akkoord van Parijs, zegt Huët.

Wat doet de Rabobank dan zoal? Van Huët: ‘Nieuwe klanten moeten voor ons echt koplopers zijn. Bestaande klanten helpen we en proberen we te motiveren, bijvoorbeeld door rentekorting in de veehouderij. Bij nieuwe leningen nemen we soms genoegen met minder rendement. We stellen veel geld beschikbaar voor innovatie en onderzoek. Alles om de transitie maar te versnellen.’ 

Daarnaast, bendrukt Van Huët, moet het verdienmodel voor landbouwers echt ruimer. De directeur ziet vooral een probleem in te krappe marges. ‘Sommige prijzen zijn nog even hoog als dertig of veertig jaar terug, ook absoluut gezien. Qua voedselveiligheid en - kwaliteit zijn we de beste in de wereld. De hele kostenstructuur neemt toe, maar de prijzen blijven op hetzelfde peil. Op termijn moeten we naar een gezond verdienmodel. Alleen dan krijg je een toekomstbestendige sector.’

Tot slot, voorziet Van Huët nog problemen met de agrarische leningen op de balans van de Rabobank? ‘Het uitgangspunt blijft wel dat een lening terugbetaald moet worden. Zoals het er nu voor staat, zijn het geen slechte leningen.’