Argos

Wie praat die gaat

Diversiteit is voor de politie “pure noodzaak”, zei de politie vorig jaar bij de lancering van een campagne om meer ‘diverse’ agenten te werven. Hoe waarachtig is die boodschap? De ervaringen van Bilal Addou staan er haaks op. Hij is belijdend moslim en ruim tien jaar agent. Vanaf de start van zijn carrière ervaart hij discriminerende opmerkingen. Hij voelt zich steeds meer buitenstaander onder zijn collega’s. Wanneer hij zijn ervaringen deelt met de hoogste politiebaas, Erik Akerboom, komt het conflict in een stroomversnelling.

Door: Nikki van der Westen en Bart Ruijs

Als Marokkaanse Nederlander valt Bilal bij de politie buiten de norm. Zo vertelt een collega hem kort nadat hij zijn opleiding had gehaald, dat er een weddenschap was afgesloten: de allochtonen zouden het vast niet halen. Een andere collega noemt een burger eens een ‘kutmarokkaan’.

Een halfjaar nadat Bilal zijn ervaringen met racisme intern aankaart, beginnen er klachten over hem binnen te komen. Collega-agenten zeggen dat hij in 1-op-1-situaties opmerkingen heeft gemaakt die homo- en vrouwonvriendelijk waren. Bilal ontkent de beschuldigingen, vraagt om nader onderzoek en doet aangifte van smaad en laster. De negatieve beoordeling die erop volgt, vecht hij met succes aan: die wordt vernietigd. Toch hebben de beschuldigingen consequenties: Bilal wordt tegen zijn zin overgeplaatst naar een ander team.

In de loop der jaren raakt de verhouding tussen Bilal en zijn werkgever steeds verder verstoord. Er worden onderzoeken naar hem gestart, en weer afgeschaald. De vraag die overblijft: heeft Bilal een eerlijke kans gehad om zich te verdedigen?

do. 23 november, 21.05u, NPO2

Argos op tv

Argos is er naast radio en online ook op tv. De redactie onderzoekt verschillende onderwerpen met maatschappelijke impact. Ook op tv staat Argos garant voor journalistiek speurwerk naar opmerkelijke achtergronden bij het nieuws, of zaken die nieuws zouden moeten zijn.

Abonneer je op Argos-podcast

De wekelijkse radio-uitzending van Argos is ook te beluisteren als podcast via ►Spotify ►ApplePodcasts ►Stitcher ►RSS-feed. Meer weten? Klik hier.

sprekers

Bilal Addou

Politieagent

Marjan Olfers

Hoogleraar rechten

Rob van Eijbergen

Hoogleraar integriteit

Songül Mutluer

Tweede Kamerlid GL-PvdA

Politie krijgt nogmaals flinke dwangsom opgelegd over dossier Bilal

update na de uitzending

Bilal Addou probeert sinds maart 2022 toegang te krijgen tot een intern dossier dat is opgesteld over hem, reeds zonder succes. Het gaat over een intern onderzoek naar mogelijk eergerelateerd geweld van Bilal. De politie heeft nog geen beslissing genomen om het dossier aan Bilal te verstrekken, zelfs nadat de rechter haar twee keer verzocht heeft dit wel te doen. Dit had ruim 50.000 euro aan dwangsommen tot gevolg. De politie heeft van dit bedrag €37.500 nog niet betaald, en de advocaat van Bilal heeft inmiddels een deurwaarder ingeschakeld om het resterende bedrag te ontvangen. Na een nieuwe zitting heeft de rechter nogmaals besloten de politie een dwangsom op te leggen. Het gaat om een bedrag van €500 per dag dat de politie geen besluit neemt, met een maximum van €75.000. De politie heeft twee weken de tijd om haar besluit over deze zaak bekend te maken. 

Op 13 december was er een zitting in de rechtbank van Breda, waarbij de korpschef de kans had om uit te leggen waarom de documenten niet aan Bilal zijn overhandigd. Ondanks dat de politie een verplichting had om bij de zitting aanwezig te zijn, was er niemand gekomen. In de uitspraak van de rechter staat hierover het volgende: “Omdat de korpschef niet heeft gereageerd, heeft de rechtbank nu geen enkel inzicht in het standpunt van de korpschef en de redenen waarom er nog geen beslissing is genomen. De rechtbank kan daar om die reden dan ook geen rekening mee houden.”

De politie heeft een paar weken geleden het volgende, schriftelijk, verklaard over waarom er nog geen besluit ligt: “Het advies is nog niet verstrekt door de Privacydesk, vanwege complicaties bij de uitvoering en de grote omvang van het verzoek van collega Addou. Het kost veel tijd om daarvoor alle stukken te verzamelen. Dit advies zal echter wel verstrekt worden.” Argos heeft op 28 december contact gehad met de politie, en zij geven aan dat er nu op korte termijn een besluit komt. Het is alleen nog niet duidelijk of dit binnen de vastgestelde termijn van twee weken zal gebeuren. “We hadden het voornemen om Bilal half december in kennis te stellen van een besluit over zijn verzoek, maar het komt er nu snel aan.”

Lees hier het weerwoord van de politie

wederhoor

Vet gedrukt: vragen Argos
Cursief gedrukt: reactie van politie

Ieder verhaal kent meerdere kanten en zo ook dit verhaal. Aan de ene kant hebben we het verhaal van collega Addou in de documentaire ‘De Blauwe Familie”. Waarbij wij vooropstellen dat de politie dankbaar is voor het signaal dat de deelnemers aan de Blauwe Familie hebben afgegeven.

Collega Addou heeft discriminatie en uitsluiting ervaren bij de politie. De persoonlijke verhalen in de documentaire maken pijnlijk duidelijk hoe groot de impact daarvan is en hoe lang het doorwerkt. Elke collega die dit meemaakt, is er één te veel. Discriminatie en uitsluiting accepteren wij niet binnen de politie. Wij staan vanzelfsprekend pal voor artikel 1 van de Grondwet, waarbij iedereen zich veilig zou moeten voelen binnen onze organisatie.

De politie heeft verantwoordelijkheid genomen voor wat deelnemers aan de Blauwe Familie is overkomen en heeft daarvoor verontschuldigingen gemaakt. De deelnemers hebben allemaal hun eigen specifieke ervaringen en geschiedenis binnen de organisatie; rehabilitatie en eerherstel zijn maatwerk. Zij hebben op dat gebied ook verschillende wensen. We zijn met alle deelnemers in gesprek en spannen ons in om de beschadigde relatie te herstellen.

Aan de andere kant is er het verhaal van meerdere collega’s van collega Addou die zeggen - in de samenwerking met collega Addou - opmerkingen van hem te hebben gekregen die zij als homofoob, seksistisch en/of denigrerend hebben ervaren.

Ook lopen een strafrechtelijk procedure en een disciplinair onderzoek naar andere gedragingen van collega Addou. Hij is hierin gelijk behandeld zoals iedere politieambtenaar die gedragingen pleegt die mogelijk een strafbaar feit en/of plichtsverzuim opleveren. De meldingen die collega’s hebben gedaan over opmerkingen van collega Addou en zijn deelname aan de documentaire `De Blauwe Familie’ staan hier volledig los van en hebben op geen enkele manier invloed op het strafrechtelijk en disciplinair onderzoek.

Wij betreuren het ten zeerste dat dit hele proces zo lang duurt. Dat is ontzettend vervelend, in de eerste plaats voor collega Addou zelf, die nog steeds wacht op de afloop van het disciplinaire onderzoek.

Vanwege de privacy van collega Addou en andere betrokken collega’s kunnen wij slechts beperkt ingaan op deze individuele zaak. Als politie Eenheid Den Haag trekken wij uiteraard lering uit wat er is gebeurd.

Sinds het begin van zijn carrière bij de politie merkt Addou dat er regelmatig discriminerende opmerkingen worden gemaakt.
Op welk moment werd voor de politieorganisatie duidelijk dat dit probleem speelde, en wat is hiermee gedaan?

In 2019 heeft collega Addou een mail gestuurd naar de toenmalige korpschef, Erik Akerboom. De korpschef heeft de mail doorgestuurd naar de politiechef van de Eenheid Den Haag. In een daaropvolgend gesprek met zijn sectorhoofd en teamchef heeft collega Addou vervolgens zijn ervaringen met discriminatie gedeeld. Zie verder in de beantwoording hieronder.

In 2017 hoort Addou van een vrouw in zijn directe omgeving, dat zij verkracht zou zijn. Addou belt hierop zijn eigen leidinggevende, en zegt in zijn emotie woorden met de strekking: ‘ik doe hem iets aan als ik hem tegenkom’.
Kort hierna krijgt Addou het verzoek om een gesprek te voeren met het Landelijk Expertise Centrum Eer Gerelateerd Geweld (LEC EGG), die in opdracht van de politieafdeling Veiligheid, Integriteit en Klachten (VIK) ondersteunen bij een onderzoek naar Addou. In het gesprek vraagt het LEC EGG naar Addous geloofsbelijdenis, de kleding van zijn zussen etc. Uit dit onderzoek volgt een rapport, waarin Addou ondanks vragen nog altijd geen inzage heeft.
Inmiddels heeft Addou het rapport opgevraagd via een AVG-verzoek. Maar de politie neemt geen besluit op dit verzoek. De rechter heeft de politie al twee keer opgedragen dat besluit te nemen, maar de politie kiest ervoor om tienduizenden euro’s aan dwangsommen te betalen in plaats van het gerechtelijk oordeel uit te voeren.
De conclusie die de medewerker van het LEC EGG trok, wordt Addou wel bekend, doordat zijn leidinggevende dat in een gesprek aan hem vertelt. Namelijk dat “Bilal een Marokkaan in hart en nieren is en het lastig heeft met de Nederlandse cultuur in relatie tot de Marokkaanse cultuur.”
Deskundigen op het gebied van integriteitsonderzoek zeggen tegen Argos dat ongeacht de inhoud van het rapport, Addou zich ertegen moet kunnen verweren. Waarom werd het LEC EGG ingeschakeld? Welk specifieke element maakte dat de politie hier vermoedens had van eergerelateerd geweld?

Bij een leidinggevende liet collega Addou zich over bovenstaande kwestie in dreigende taal uit over de betrokkenen. Bedreigingen die gezien de aard, de inhoud en de context waarin ze werden geuit, mogelijk ook een causale reactie hadden met de Marokkaanse etniciteit van collega Addou. Om een goede inschatting te kunnen maken van de risico’s op geweld richting de betrokkenen, is hiervoor de expertise van het LEC EGG ingeschakeld.

Waarom verstrekt de politie het rapport niet aan Addou? Waarom legt de politie het gerechtelijk oordeel om een besluit te nemen, naast zich neer?

Zie antwoord hieronder.

Onderschrijft u de conclusie van de deskundigen? Heeft Addou het recht zich te verweren? Op welke manier kan hij dat doen, als hij de inhoud van het rapport niet kent?

De conclusies in het advies hebben voor collega Addou niet geleid tot disciplinaire maatregelen.

Het LEC EGG heeft in 2017 een advies uitgebracht op verzoek van de afdeling VIK eenheid Den Haag om in te schatten of er rekening gehouden moest worden met risico op geweld na dreigende taal over betrokkenen. Bedreigingen die gezien de aard, de inhoud en de context waarin ze werden geuit, mogelijk ook een causale reactie hadden met de Marokkaanse etniciteit van collega Addou. Ten behoeve van dit advies heeft één van de materiedeskundigen van het LEC EGG een gesprek gehad met collega Addou.

Dit advies is mondeling besproken met collega Addou. De interventie die volgde, richtte zich op het terugbrengen van de rust op het politieteam en de terugkeer van collega Addou in het werk. Hoewel het advies niet leidde tot disciplinaire maatregelen, heeft de aanvraag van zo’n advies wel emotionele impact op een collega. Omwille van de privacy van collega Addou is het niet mogelijk meer informatie te geven over het advies.

Het betreffende advies maakt deel uit van een veel breder informatieverzoek (meer dan 1000 documenten) van collega Addou. Het advies is nog niet verstrekt door de Privacydesk, vanwege complicaties bij de uitvoering en de grote omvang van het verzoek van collega Addou. Het kost veel tijd om daarvoor alle stukken te verzamelen. Dit advies zal echter wel verstrekt worden.

In 2019 stuurt Addou een mail naar Erik Akerboom waarin hij zijn ervaringen met discriminatie binnen de politie deelt. Hierop volgt een gesprek tussen Addou en zijn eigen teamchef en sectorhoofd. Volgens Addou wordt hij niet gewezen op het bestaan van vertrouwenspersonen of de klokkenluidersregeling.

Zie hierboven.

Tijdens de beëdiging krijgt elke nieuwe medewerker een exemplaar van de beroepscode. Hierin staan verwijzingen naar de vertrouwenspersonen vermeld waar je je met je hulpvraag kunt melden. Iedere medewerker wordt er dus op gewezen. Ook is alle informatie op intranet te vinden, inclusief informatie over de klokkenluidersregeling. Desondanks zou het zorgvuldig zijn geweest als collega Addou hier expliciet op was gewezen op dat moment.

In 2020 beschuldigen meerdere collega-agenten Addou onder meer van het uiten van homo- en vrouwonvriendelijke opmerkingen. Addou ontkent deze beschuldigingen. Wat heeft de politie gedaan om deze beschuldigingen te onderzoeken?

Eind 2019 hebben meerdere collega’s los van elkaar verteld dat collega Addou dergelijke ongepaste uitspraken had gedaan toen zij alleen met hem waren. In een gesprek tussen collega Addou en een leidinggevende begin 2020 ontkende hij deze beschuldigingen. Omdat het 1-op1-situaties betrof, is er toen door afdeling VIK geen (disciplinair) onderzoek ingesteld.

Genoemde collega’s legden individueel van elkaar een schriftelijke verklaring af over de gedragingen van collega Addou. Het sectorhoofd en HRM hebben gesprekken gevoerd met alle melders. In een gesprek met zijn belangenbehartiger en het sectorhoofd is collega Addou medio 2020 gewezen op de mogelijkheid om een klacht of aangifte in te dienen tegen deze collega’s. In datzelfde gesprek werd collega Addou een coach aangeboden, om hem te helpen positie te hervinden in de organisatie, in relatie tot de discriminatie die hij ervaarde en zijn gevoel bij inclusie.

Destijds in 2020 heeft collega Addou overigens geen gebruik van gemaakt van de mogelijkheid om een klacht of aangifte te doen, maar in 2021 doet hij alsnog aangifte. Een aangifte is een verzoek tot strafrechtelijk onderzoek. Het OM besloot uiteindelijk om geen vervolging in te stellen.

Hij doet aangifte van smaad en laster, maar het OM seponeert de aangifte. Het OM doet hiermee echter geen uitspraak over de geloofwaardigheid van de beschuldigingen. Het OM stelt simpelweg dat de juridische definitie van smaad en laster inhoudt dat Addous naam publiekelijk besmeurd moet zijn; in dit geval gebeurde dat intern. Om die reden gebeurt er niets met de aangifte. Een negatieve beoordeling die Addou dat jaar mede o.b.v. de beschuldigingen heeft gekregen, vecht hij met succes aan; de beoordeling wordt vernietigd. Hoogleraar Marjan Olfers laat aan Argos weten dat de beschuldigingen aan Addous adres van zodanig gewicht zijn, dat ze minstens onderzoekswaardig zijn. De politie had deze beschuldigingen serieus moeten onderzoeken, met verschillende scenario’s voor ogen. Wat heeft de politie aan inspanningen verricht om te onderzoeken of de beschuldigingen klopten?

Deze vraag hoort primair thuis bij het OM.
Op de vraag welke inspanningen de politie verricht om te onderzoeken of de beschuldigingen klopten, hebben we hierboven al antwoord gegeven.

Na de documentaire De Blauwe Familie wordt in december ’22 een Kamermotie breed aangenomen waarin de politie wordt opgeroepen “rehabilitatie en rechts- en eerherstel” te bevorderen voor de deelnemers van de film, waaronder Addou. Wat heeft de politie in het geval van Addou gedaan om invulling te geven aan deze motie?

Collega Addou is vanaf het moment van zijn aanhouding op 30 maart 2021 buiten functie gesteld. Dit, omdat er op dat moment een vermoeden was van ernstig plichtsverzuim. Omdat de uitkomsten van het strafrechtelijk en disciplinair onderzoek nog niet bekend zijn, heeft de organisatie geen uitvoering gegeven aan de motie. Het past niet om een politiemedewerker, die nog onderwerp van onderzoek is, te rehabiliteren, ook al betreft de oproep tot rehabilitatie een ander onderwerp dan waarnaar het onderzoek is ingesteld. Dat staat niet in de weg dat zijn leidinggevenden steeds in contact hebben gestaan met collega Addou.

Tegen Addou loopt een strafrechtelijk onderzoek naar een verdenking van verkopen van politie-informatie aan drugscriminelen.
Na onderzoek zijn die verdenkingen komen te vervallen, alleen computervredebreuk staat in het strafrechtelijk onderzoek nog open. Terwijl het OM haar onderzoek afschaalt, voegt de politie in haar interne disciplinaire onderzoek nieuwe verdenkingen toe: oneigenlijk bezit van politieportofoons en ‘ongewenste contacten’.

NB: De politieportofoons werden al aangetroffen in maart 2021, toen de politie bij Addou binnenviel. Ook zijn telefoon werd toen ingenomen, met daarin de opgeslagen nummers die de politie als ‘ongewenst’ bestempelt. Toch waren de portofoons en de ongewenste contacten in de eerste aanzegging van het disciplinair onderzoek (in augustus dat jaar) nog geen verdenking.
Sinds de motie hebben er gesprekken plaatsgevonden tussen de korpsleiding en Addou. Volgens Addou waren die echter niet gericht op rehabilitatie en rechts- en eerherstel.
Hoe verhoudt de uitbreiding van het disciplinair onderzoek met gegevens die al 2 jaar bekend waren, zich tot de Kamermotie?

Alle vragen met betrekking tot het strafrechtelijk onderzoek kunnen gesteld worden aan het OM Den Haag.

Bij de politie-inval kwamen er nieuwe feiten naar boven gekomen. Als de politie kennisneemt van bepaalde gedragingen die mogelijk te duiden zijn als plichtsverzuim, dan is een onderzoek op zijn plaats om hierover helderheid te krijgen. Deze feiten zijn toegevoegd aan het disciplinaire onderzoek. Wij hopen spoedig het disciplinaire onderzoek naar het gedrag van collega Addou af te ronden.

De gemiddelde duur van een disciplinair onderzoek is 132 dagen. Deze duur wordt binnen de politie algemeen als “veel te lang” beoordeeld. Het onderzoek van Addou duurt al meer dan 2 jaar.

Voor afronding van het disciplinair onderzoek moesten wij wachten op de afloop van het strafrechtelijk onderzoek door het OM. Door factoren aan de kant van zowel de politie, het Openbaar Ministerie, als collega Addou en zijn verdediging is sindsdien veel tijd verstreken. De documentaire die in 2022 verscheen, was ook nog reden om nauwkeurig te onderzoeken of discriminatie een rol heeft gespeeld in de strafzaak en bij zijn keuze om zich op zijn zwijgrecht te beroepen. Collega Addou is, in het kader van het disciplinaire onderzoek, eind augustus 2023 door ons gehoord. Wij hopen spoedig het disciplinaire onderzoek naar het gedrag van collega Addou af te ronden.

Wij betreuren het ten zeerste dat dit hele proces zo lang duurt. Dat is ontzettend vervelend, in de eerste plaats voor collega Addou zelf, die nog steeds wacht op de afloop van het disciplinaire onderzoek.

In een POP-verslag van Addou uit oktober 2019 staat het volgende zinnetje: “Bilal is belijdend moslim, maar houdt rekening en staat open voor alle culturen en geloven.” Waarin schuilt de tegenstelling die hier met ‘maar’ wordt aangegeven?

Het woordje “maar” hier lijkt een tegenstelling aan te geven, er moet natuurlijk het woordje “en” staan.

Op 9 april 2020 vindt een gesprek plaats tussen Addou en zijn teamchef. In het verslag van dit gesprek schrijft zij onder meer het volgende: “Ik ben van mening dat het aannemelijk is dat er wel uitspraken gedaan zijn door jou die niet passen bij een professionele beroepshouding.” Over de conclusie van het LEC EGG zegt zij: “Ik ben van mening dat de conclusie die toen getrokken is, nu mogelijk nog steeds van toepassing is.” Waarop baseert zij deze conclusies?

De teamchef heeft meerdere collega’s gesproken die de opmerkingen van collega Addou als homofoob, seksistisch en/of denigrerend ervaren hadden. De teamchef heeft dit vervolgens met collega Addou besproken en ook zijn kant gehoord.

De teamchef refereert aan een mondeling met collega Addou gedeelde conclusie door een deskundige van het LEC dat collega Addou moeite heeft met de Nederlandse cultuur. Zij zegt dit hem naar aanleiding van de verklaringen van meerdere collega’s over het gedrag van collega Addou die door collega’s als homofoob, seksistisch en/of denigrerend waren ervaren.

In januari dit jaar heeft de Haagse politiechef Van Musscher aan Addou toegezegd dat hij bij de landelijke VIK-afdeling zou laten toetsen, of het disciplinair onderzoek uitgevoerd kon worden door het VIK Den Haag, dat al sinds 2017 verschillende onderzoeken naar Addou deed. Van Musscher wilde dit voorleggen om elke schijn van vooringenomenheid te voorkomen. Ons is onbekend of dit is gebeurd en wat het advies was. In elk geval wordt het onderzoek op dit moment uitgevoerd door hetzelfde VIK Den Haag.
Waarom is er niet voor gekozen om dit onderzoek door een andere VIK-afdeling te laten uitvoeren?

Conform de toezegging van de heer Van Musscher is deze vraag, door welke afdeling het disciplinair onderzoek naar Addou zou moeten worden uitgevoerd, voorgelegd aan het Landelijk Team Interne Onderzoeken (LTIO). De Triagecommissie LTIO besloot om het disciplinair onderzoek door VIK Eenheid Den Haag uit te laten voeren.

journalist Nikki over de uitzending

meer van Argos TV

Het kind van de rekening

Benito groeide op in een gezinshuis, maar het was er onveilig. Hij spande een zaak aan voor het Tuchtcollege van de Jeugdzorg, om te voorkomen dat meer kinderen hetzelfde zou overkomen. Maar wat er toen gebeurde, had niemand voor mogelijk gehouden.

Het laatste kwartier van Sammy

Drie jaar geleden komt de Duitse fitness-influencer Sammy (23) in Amsterdam om het leven door politiekogels. De agenten die Sammy doodschieten worden niet vervolgd. Het was noodweer, zegt het OM, omdat Sammy in de laatste momenten van zijn leven een ‘onmiddellijk dreigend gevaar’ vormde voor de agenten. Maar klopt die conclusie wel?

Het geheim van de spreekkamer

Sinds 1 juli worden door de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) de persoonlijke gegevens van alle patiënten in de geestelijke gezondheidszorg in Nederland verzameld. Bij de totstandkoming van deze maatregel zijn grote fouten gemaakt, blijkt uit onderzoek van Argos. Een groep bezorgde zorgverleners heeft een rechtszaak aangespannen om de maatregel ongedaan te krijgen.