VPRO Boeken

Edzard Mik en Daniël Rovers

VPRO Boeken

Edzard Mik en Daniël Rovers

Jeroen van Kan spreekt met Edzard Mik over zijn nieuwste roman 'Mea Culpa'. Ook te gast is Daniël Rovers over zijn leesautobiografie 'Bakvis'.

VPRO Boeken
Uitzending: zondag 6 januari, 11.20 uur, NPO 1
Presentatie: Jeroen van Kan

Edzard Mik

Jeroen van Kan spreekt met Edzard Mik over zijn nieuwste roman Mea Culpa.

Waarvoor zijn we verantwoordelijk in ons leven? En wat betekent het ergens verantwoordelijkheid voor te nemen?
"Ik keek naar Sybil en vroeg me af of ze in dezelfde afgrond staarde. Het kon niet anders of het duizelde haar zoals het mij duizelde. Ze had niets gedaan maar alles gezien, aangelicht door straatlantaarns had die opeenvolging van gebeurtenissen zich voor haar ogen afgespeeld, van ons allen wist zij nog het beste wat er was gebeurd, dubieus voorrecht van de getuige.'

In zijn jeugd is de zoon van de officier van justitie, Marten Landman, bevriend met de Turkse arbeiderszoon Erol. Hij raakt betrokken bij een vechtpartij tussen twee Turkse families, waardoor een jongen invalide wordt. Als Marten in gezelschap van Sybil, zijn eerste liefde en inmiddels echtgenote van Erol, met een speciale missie terugkeert naar de stad waarin hij opgroeide, ontdekt hij hoezeer de vechtpartij zijn leven heeft getekend. Een antwoord op de vraag wat er toen gebeurde kan hij niet langer uit de weg gaan.

Daniël Rovers

Ook te gast is Daniël Rovers over zijn leesautobiografie Bakvis. In Bakvis schrijft Daniël Rovers over boeken die hem in zijn jongste jeugd hebben gevormd en tot schrijver hebben gemaakt.

Annie M.G. Schmidts Pluk van de Petteflet in de eerste plaats, de jeugdromans van Thea Beckman, het dagboek van Anne Frank. In de jaren daarna dienden zich telkens weer andere namen aan, zoals Franz Kafka, Penelope Fitzgerald, Nanne Tepper en David Foster Wallace. Zij leerden hem spreken en schrijven over verlangens en gevoelens die hij eerder nauwelijks begreep.

Bakvis gaat daarnaast over de meest eenvoudige en tegelijk fundamentele vragen in de literatuur. Waarom geldt het als diepzinnig om cynische boeken te schrijven? Zijn tv-series werkelijk de romans van nu? Wat is eigenlijk het verschil tussen een gedicht en een geheim dagboek? En hoe moeten we trouwens omgaan met de stem in ons hoofd die ons waarschuwt niet ten prooi te vallen aan valse ontroering?

Rovers’ essays leiden naar de nuchtere en hoopvolle conclusie: om iets van het leven te maken, moeten we aan het lezen slaan.

advertentie