onder Tjechovs microscoop

, Ilse van der Velden

De gelauwerde Britse regisseur Simon McBurney is terug, met Tsjechovs De kersentuin. Een dubbele primeur: het is McBurneys allereerste De kersentuin en de eerste keer dat hij werkt met het ensemble van Internationaal Theater Amsterdam.

Simon McBurney (1957) is al ruim tien jaar een terugkerende gast van het Holland Festival. Zijn reputatie als begenadigd en eigenzinnig regisseur is hier inmiddels gevestigd. Wat de medeoprichter van Complicité, een ensemble dat bekend staat om fysiek, poëtisch en surrealistisch theater, weet te bewerkstelligen op een podium grenst aan magie.

Zijn stukken zijn wonderen van vertelkunst en een ode aan de verbeeldingskracht. In 2015 regisseerde hij bij De Nationale Opera De Toverfluit, in de Volkskrant gewaardeerd met vijf sterren. In 2016 volgde bij het Holland Festival The Encounter, een vernuftige solovoorstelling over een in het Amazonegebied gestrande fotograaf, die het publiek beleefde per koptelefoon, met McBurney als Gerauschmächer.

Nu is McBurney terug met De kersentuin, Tsjechovs laatste en misschien wel meest geliefde toneelstuk. ‘Ik houd zeer van de tragikomische sensibiliteit in dit stuk,’ vertelt McBurney aan de telefoon. ‘Die is niet alleen Tsjechoviaans, je vindt het over de hele linie terug in de Russische literatuur. De kersentuin ken ik als tekst, maar in het theater heb ik nog nooit een overtuigende productie gezien. Toen Ivo me benaderde, vond ik het een uitgelezen kans. Ook omdat Internationaal Theater Amsterdam een echt ensemble is, en Tsjechovs stukken om een ensemble vragen volgens mij.’

‘De kersentuin leent zich bij uitstek voor het onderzoeken van nostalgie, een thema dat me erg bezighoudt.’

Simon McBurney

De kersentuin gaat over verarmde grondgrootbezitters die wegens geldgebrek gedwongen zijn hun landgoed en hun zo geliefde kersentuin te verkopen aan uitgerekend een voormalige lijfeigene, nu een man in bonis – de tijden zijn veranderd. De kersentuin toont de pijnlijke ondergang van mensen die leven in de illusie van het verleden. Die het gevaar wel zien aankomen, maar niet bij machte zijn er iets tegen te doen.

‘In het hart van dit stuk staat een familie –so there’s that. Een stel mensen die een geweldig grote verandering doormaken, zowel sociaal en psychologisch als individueel. Wij toeschouwers krijgen de kans hen te bestuderen door de grote microscoop van Tsjechov, die hen afwisselend uitlacht of mededogen toont terwijl zij geconfronteerd worden met de verschillende aspecten van hun situatie. Hun angst en vertwijfeling.’

Dit betekent niet dat McBurney zijn De kersentuin laat plaatsvinden in het heden. ‘Ik wil geen mobieltjes en dergelijke gebruiken, omdat ik denk dat dat afstand schept. Het mooie van Tsjechov is juist dat je zo dichtbij kunt komen. Niets mag die ervaring in de weg staan.’ 

Ontvankelijk

In een interview ter gelegenheid van Mozarts Toverfluit drie jaar geleden, zei McBurney dat het Amsterdamse publiek in het bijzonder ontvankelijk is voor nieuwe dingen. Mogen we uitzien naar een avontuurlijke De kersentuin? ‘Natuurlijk zal er een experimentele kant zijn, maar het interesseert mij niet om Tsjechov op te blazen. Ik wil onderzoeken wat hij precies bedoelde.'

'Een van de dingen die me op het moment bezighouden, is de huidige tendens om terug te kijken, de nostalgie. Ik wil onderzoeken wat de functie daarvan is en hoe we dat kunnen vermijden. Daar leent De kersentuin zich bij uitstek voor. In deze tekst huist een buitengewone humaniteit. Die wil ik voelbaar maken, op een manier waarvan ik hoop dat die onmiddellijk herkenbaar zal zijn. En er is het gevoel van een naderende ramp, waarvan ik denk dat het publiek zeker geen moeite zal hebben dat te herkennen.’ Als Tsjechov ooit van plan is terug te keren op aarde om te zien hoe zijn werk het doet in de 21ste eeuw, zou 2019 geen slecht moment zijn, schreef een Britse journalist recent bij de verschijning van een nieuwe editie van zijn werk.

Identiteit

Tegen het eind van het gesprek komen we te spreken over wat McBurney heeft gevormd tot de theatermaker die hij nu is. Hij noemt de Parijse theaterschool École Jacques Lecoq, waar hij de medeoprichters ontmoette van Complicité. ‘Het hielp me mijn eigen identiteit vorm te geven. Een belangrijk aspect van de opleiding is: de artiest wakker maken die al in je zit. Ik was close met Jacques Lecoq. Tegen het eind van zijn leven zei hij: “Finalement je ne suis personne.” Ik ben niemand. Hij bedoelde: ik ben een neutraal punt dat je passeert en dat jou leert jezelf beter uit te drukken. Hij was er niet in geïnteresseerd ons iets op te leggen, maar je kwam ervandaan met het verlangen to express something. Ik wist nog steeds niks, maar wel dat ik wilde werken in het theater. En dat ik zélf iets wilde maken.’

De kersentuin

Openbare repetitie: 
woensdag 12 juni, 14.00 uur

Try-out: 
donderdag 13 juni, zaterdag 15 juni, 20.00 uur
Zondag 16 juni, zondag 23 juni, 16.00 uur
Woensdag 19 juni, zaterdag 22 juni, 20.00 uur

Internationaal Theater Amsterdam, Rabozaal