Frankfurt

, Esther Gerritsen

Ik zou om half elf op de beurs moeten zijn, om mijn Franse uitgeefster te ontmoeten, maar in plaats daarvan bezoek ik met mijn Nederlandse uitgeefster de dokter.

Als we binnenkomen, zie ik de dokter meteen, we maken oogcontact, glimlachen en hij gaat weer zijn behandelkamer binnen.
Ik leg in gebrekkig Duits aan de assistente uit, dat het hotel al heeft gebeld of ik kon komen, omdat ik de verkeerde pillen mee op reis heb genomen. Ze staat op en loopt ons voor naar de wachtkamer, of we daar willen gaan zitten.
Ik heb slecht geslapen, en nog meer dan anders kan ik de grote dingen niet van de kleine onderscheiden. De assistente zegt dat de dokter me zo zal roepen en het eerstkomende probleem dat ik voorzie is dan ook hoe de dokter me moet roepen als hij niet weet hoe ik heet.
‘Aber,’ zeg ik, ‘er weiß nicht wie ich heiße.’
Zij schakelt over naar Engels: ‘He will call you.
Ze is alweer weg, en tegen mijn uitgeefster zeg ik: ‘Maar hoe dan? Hoe kan hij me roepen als hij mijn naam niet weet?’
De dokter heeft me allang gezien, en nadat er twee andere patiënten met namen zijn binnengeroepen, komt hij weer de wachtkamer binnen, kijkt me aan en zegt: ‘Please come in.
Dat is het voordeel van overal problemen zien, ze lossen vaak al snel op magische wijze op.
De dokter zit tegenover me, heel dichtbij, geen bureau tussen ons in.
I will examine you,’ zegt hij, ‘it will cost you 180 euros.’
180 euros?
Onderzoeken is nergens voor nodig, ik heb gewoon een paar pillen nodig, maar ik denk ook dat het vast verplichte kost is, en ik kijk naar de behandeltafel, terwijl de dokter uitlegt dat 180 euro niet veel is, in New York is het 400.
But you don’t know what I need,’ zeg ik.
I don’t know what you need.’
Ik noem mijn pillen, hij knikt, inderdaad, dan hoeft hij me niet te onderzoeken.
Hij schrijft snel een recept en zegt: ‘Then I will not charge you.’
Thank you.’
We staan alweer op.
Op de drempel geeft hij me een hand en zegt: ‘There is business and there is humanity.’
Alsof hij een presidentiële speech houdt, legt hij me grootmoedig uit: ‘Sometimes humanity comes before business.
Ik wist niet dat dit een gelegenheid was voor grote woorden, maar ik ben in een meer dan meegaande bui, ik leg mijn hand op zijn arm en ik zeg: ‘I will not forget.’