Griet Op de Beeck introduceert 'Kom hier dat ik u kus'

Kom hier dat ik u kus

hoe werkt het?

Hoe werkt de boekenclub?

  1. Download gratis de Brommer op zee app in je appstore of playstore.
     
  2. In de app vind je exclusieve notities van de auteur en kan je met andere lezers in gesprek. Alle updates rondom de boekenclub vind je in onze Facebookgroep.
     
  3. Lees je het boek liever op papier? Dat kan ook! Volg ons dan op Instagram of Facebook voor alles leesopdrachten. Of schrijf je hieronder in voor onze nieuwsbrief.

Veel leesplezier!

Wie is Griet Op de Beeck?
Griet Op de Beeck (1973) is sinds haar gelauwerde debuutroman Vele hemels boven de zevende (2013) niet meer weg te denken uit de Nederlandse en Vlaamse letteren. Zij verkocht reeds meer dan 1,5 miljoen boeken. Haar werk wordt verfilmd, bewerkt voor toneel en vertaald in negen talen.

meet-up

Op donderdag 29 juli van 19.30 uur tot 21.00 uur gaan we samen met jullie én Griet in gesprek over Kom hier dat ik u kus tijdens onze online meet-up. Er is ruimte voor vragen, anekdotes en gedeelde leeservaringen. 

Wil je hierbij zijn? Meld je aan door je naam en woonplaats te mailen naar brommeropzee@vpro.nl, met als onderwerp 'Meet-up met Griet'. Prangende vragen kunnen alvast meegestuurd worden.

over het boek

Kom hier dat ik u kus

Kom hier dat ik u kus is een roman over Mona, als kind, als vierentwintigjarige, en als vijfendertigjarige. Een verhaal over waarom we worden wie we zijn, geschreven met humor, scherpte en veel schaamteloze eerlijkheid. Over ouders en kinderen. Over kapotte mensen en hoe zij ongewild anderen ook kapotmaken. Over waar verantwoordelijkheid eindigt en schuld begint. Over geheimen en eenzaamheid. Over ziekte en zwijgen. Over de gevaren van sterk zijn. Over vergeten en niet kunnen vergeten. Over jezelf durven redden. En natuurlijk ook nog over de liefde. Omdat dat alles is wat we hebben, of toch bijna.

leesopdrachten van Griet

1

Het boek opent met een motto van Rilke, wat voor mij raakt aan de essentie van ons aller bestaan. Angsten hebben we namelijk allemaal: ongeacht onze leeftijd, ons geslacht of onze voorkeuren. Geloof jij dat het waar is, wat Rilke zegt? Zijn onze angsten in essentie hulpeloze zaken die louter onze liefde behoeven? En wat zijn jouw eigen draken; waar ben je zelf het meest bang voor?

2

Gabor Maté is een Amerikaans Joodse psychiater en hoogleraar. Een ontzettend boeiende man die zelf als baby een tijdje weggegeven is door zijn moeder. Zij was een Joodse vrouw die verstopt zat en bang was dat haar kindje zou verhongeren. Met dat vroege trauma is hij zijn hele leven bezig geweest: wat is de impact van zoiets op latere leeftijd?

Hij schreef ooit: “Pain is not the enemy, it is there to tell you something.” Dat is een interessante manier om te kijken naar ellende. In plaats van een potje te gaan zitten janken en denken ‘why me’. Wat wil Mona’s pijn haar vertellen? En wat zegt jouw pijn over jou?

3

Kom hier dat ik u kus is eigenlijk een boek dat voor mij minstens evenveel gaat over alles wat er niet wordt gezegd als over de dingen die wel worden uitgesproken. Dat geldt zeker voor de dynamiek binnen het gezin van Mona. Er hangt van alles in de lucht dat niet benoemd wordt. Wat vind jij dat in het gezin van Mona wel woorden had moeten krijgen en waarom? En als je naar je eigen leven kijkt, zijn er dan situaties waarin je graag meer had willen zeggen, maar stil bent gebleven?

4

Volgens Jung zijn we niet wat ons overkomen is, maar zijn we wat we kiezen wat we willen worden. Daar ben ik het zelf wel en niet mee eens. Ik geloof er heilig in dat mensen die bereid zijn om te reflecteren op zichzelf – wellicht met een erkende psycholoog of psychiater – fundamentele trauma’s die geleid hebben tot bepaalde patronen kunnen omvormen. Met werk, aandacht en volharding, om ervoor te zorgen dat die je niet meer onbewust blijven bepalen. Aan de andere kant vind ik dat Jung heel makkelijk wegvaagt wat er in het verleden gebeurd is.

Zelfs met het harde werk dat je misschien hebt gedaan, kun je regelmatig terugvallen op oude patronen. Als je aan jezelf hebt gewerkt, kun je er wel sneller uitraken, maar het blijft voortdurend aandacht vragen. Geloof jij in de uitspraak van Jung?  En hoe zie je dit weerspiegeld in het boek?