Het duel Huxley-Orwell

Afl. 6 van de serie Utopia: over dromers en doemdenkers. Zondag 13 augustus, 10.15- 11.00 uur, NPO Radio 1.

, Julie Blussé en Jos Palm

Het zijn zonder enige twijfel de twee grote dystopische klassiekers van de twintigste eeuw: 1984 en Brave New World. Zowel George Orwell als Aldous Huxley voorzagen een gitzwarte, totalitaire toekomst.

In het ene geval was dat een naargeestige arbeidershel voor gehersenspoelde loonslaven; in het andere geval een technocratie waarin de burger dankzij zorgvuldig kweek- en drogeerwerk is gereduceerd tot een hedonistische consument. De inwoner is hoe dan ook in beide doemwerelden het slachtoffer van de georganiseerde gelijkschakeling ten bate van het Grote Geluk. In 1984 wordt hij met geweld vermorzeld;  in Brave New World wordt hij met seks en drugs geknecht. Zoals schrijver Neil Postman het samenvatte: ‘Orwell vreesde dat we zullen worden vernietigd door wat we haten. Huxley vreesde dat we zullen worden vernietigd door onze verlangens.’

De kwestie wie van de twee het meest profetisch was, Orwell of Huxley, houdt de ontwikkelde gemoederen al jaren bezig: als intellectueel gezelschapsspel en als zwartgallige denkexercitie.  Met name in doemdenkend Amerika – waar beide boeken al maanden de bestsellerslijsten bezetten – groeide de ‘tweestrijd’ dit jaar zowaar uit tot een actueel debat. 

Velen zagen in de verkiezing van Trump de voltrekking van Huxley’s profetie. Deed ‘The Donald’ niet denken aan de industrieel Henry Ford, die in Brave New World als god wordt aanbeden, en wiens anti-intellectuele uitspraak ‘history is bunk’ tot staatsideologie is verheven? En de inmiddels befaamde ‘filterbubbel’ waarin Amerikaanse burgers zich terugtrekken, is dat niet hetzelfde realititeitsmijdende gedrag waaraan de bewoners van Brave New World zich overgeven? Huxley schetst een dystopie waarin – in tegenstelling tot 1984 – de werkelijkheid nauwelijks gecensureerd hoeft te worden, omdat de burger die met virtual reality porno en drugs al geheel vrijwillig ontvlucht.

Aan de andere kant was het juist de term ‘alternative facts’ van Trumps woordvoerder Kellyanne  Conway die eerder dit jaar een stormloop op Orwell’s boeken teweegbracht. Was dit niet je reinste Newspeak? En Trumps volharden in aperte leugens over triviale zaken als de bezoekersaantallen bij zijn inauguratie? Was dat niet het soort psychische geweld van Big Brother dat je dwingt om te geloven dat twee plus twee vijf maakt? 

Kortom, wie wil kan in onze wereld zowel Orwelliaanse als Huxleyaanse trekjes ontwaren. Er zijn zogezegd zelfbenoemde Big Brothers voldoende voorhanden en ook The Brave New World lijkt soms akelig dichtbij. Literatuurwetenschapper Kristine Steenbergh, mediawetenschapper Dan Hassler-Forest en filosoof Maarten Doorman buigen zich over de twee toppers onder de doemdenkers van de vorige eeuw. Vooralsnog is het duel Huxley-Orwell onbeslist.